IT 2524

Afschrift van medisch dossier aan derde met onzichtbaar gemaakte passages

Rechtbank Gelderland 2 maart 2018, IT 2524; LS&R 1588; ECLI:NL:RBGEL:2018:1156 (X tegen Stichting Sint Maartenskliniek) Kort geding. Eindvonnis na tussenvonnis. Afgifte medisch dossier overleden patiënt. Artikel 7:457 BW. Passages uit het dossier mogen onzichtbaar worden gemaakt bij verstrekking van het medisch dossier aan derden. De voorzieningenrechter veroordeelt de Sint Maartenskliniek binnen één week na de datum van dit vonnis aan [eiser] afschrift van het bij haar aanwezige medisch dossier van (naam), waarin de door haar gemarkeerde passages onzichtbaar zijn gemaakt, aan de derde te verstrekken.

1.2. De voorzieningenrechter overweegt als volgt. Artikel 7:457 BW bepaalt in welke situatie een medisch dossier aan een ander dan de patiënt ter beschikking kan worden gesteld. Dit artikel maakt duidelijk dat daarbij in geen geval informatie mag worden vrijgegeven waardoor de persoonlijke levenssfeer van een ander wordt geschaad. De passages die de Sint Maartenskliniek heeft gemarkeerd, hebben voor het overgrote deel betrekking op de persoonlijke levenssfeer van een ander dan [naam 1]. Voor een ander deel gaat het om passages die betrekking hebben op de persoonlijke levenssfeer van [naam 1] zelf, maar die op zichzelf niet relevant zijn voor de beoordeling van de medische (gezondheids)toestand van [naam 1] in de periode rondom het verlijden van zijn testament op 20 januari 2016. Inzage door [eiser] in de hiervoor bedoelde passages zou de persoonlijke levenssfeer van [naam 1] en een derde schaden. Daarom staat de voorzieningenrechter toe dat de gemarkeerde passages uit het medisch dossier van [naam 1] met betrekking tot de periode 19 januari 2016 tot en met 31 januari 2016 onzichtbaar worden gemaakt, alvorens dit dossier aan [eiser] wordt verstrekt. De Sint Maartenskliniek zal daartoe hierna dan ook worden veroordeeld en de vordering die [eiser] in dat verband heeft ingesteld zal aldus worden toegewezen. Voor het opleggen van een dwangsom ziet de voorzieningenrechter geen aanleiding, omdat verwacht mag worden dat de Sint Maartenskliniek dit vonnis vrijwillig zal naleven.