IT 2212

HR: Billijke vergoeding is uitsluitend bedoeld om nadeel te compenseren, zonder rekening te houden met illegaal kopiëren uit illegale bron

HR 20 januari 2017, IEF 16536; IT 2212; ECLI:NL:HR:2017:59 (ACI tegen Stichting Thuiskopie) Auteursrecht. Thuiskopievergoeding (art. 16c Aw). Conclusie gevolg [IEF 16358], HvJ EU (IEF 13741), Vervolg op HR [IEF 11775]. Geldt de in art. 16c Aw neergelegde beperking van het auteursrecht ook voor reproducties uit illegale bron? Is bij de bepaling van de hoogte van de ‘billijke vergoeding’ ook rekening te houden met schade door downloaden uit illegale bron? Mag een vergoedingsregeling zich uitstrekken tot kopieën uit illegale bron? Incidenteel middel/beroep ingetrokken.

De Hoge Raad verklaart voor recht dat de in art. 16c Aw bedoelde billijke vergoeding uitsluitend bedoeld is om het nadeel (te verstaan als: de voor de desbetreffende kopieerhandeling gederfde licentievergoeding) dat de rechthebbenden ondervinden van de reproductiehandelingen die binnen het toepassingsbereik van art. 16c Aw vallen, te compenseren, alsmede dat bij de bepaling van de hoogte van de thuiskopievergoeding geen rekening dient te worden gehouden met de schade die het gevolg is van illegaal kopiëren (inclusief downloaden) uit een illegale bron.

4.3. Het bestreden arrest kan dus niet in stand blijven. De Hoge Raad kan zelf de zaak afdoen.
De gegrondbevinding van de hiervoor in 4.2 bedoelde klachten treft slechts de afwijzing door het hof van de gevorderde verklaring voor recht ‘dat bij de bepaling van de hoogte van de thuiskopievergoeding geen rekening dient te worden gehouden met de schade die het gevolg is van illegaal kopiëren (inclusief downloaden) uit een illegale bron’. Dat onderdeel van de gevorderde verklaring voor recht is blijkens het vorenoverwogene ten onrechte niet toewijsbaar geoordeeld. De Hoge Raad zal dat onderdeel van de vordering alsnog toewijzen.

De Hoge Raad:
in het principale beroep:
verklaart Sony Benelux B.V. niet-ontvankelijk in haar beroep;
vernietigt het arrest van het gerechtshof ‘s-Gravenhage van 15 november 2010, doch uitsluitend voor zover daarbij is afgewezen het hiervoor in 4.3 bedoelde onderdeel van de gevorderde verklaring voor recht, alsmede wat betreft de proceskostenveroordeling in het principaal hoger beroep tussen ACI c.s. en Thuiskopie;
verklaart voor recht dat de in art. 16c Aw bedoelde billijke vergoeding uitsluitend bedoeld is om het nadeel (te verstaan als: de voor de desbetreffende kopieerhandeling gederfde licentievergoeding) dat de rechthebbenden ondervinden van de reproductiehandelingen die binnen het toepassingsbereik van art. 16c Aw vallen, te compenseren, alsmede dat bij de bepaling van de hoogte van de thuiskopievergoeding geen rekening dient te worden gehouden met de schade die het gevolg is van illegaal kopiëren (inclusief downloaden) uit een illegale bron;
compenseert de kosten van het principaal hoger beroep tussen ACI c.s. en Thuiskopie aldus dat iedere partij de eigen kosten draagt;
veroordeelt Thuiskopie en SONT in de kosten van het geding in cassatie, daaronder begrepen de kosten verband houdende met de behandeling van de zaak bij het Hof van Justitie van de Europese Unie, tot op deze uitspraak aan de zijde van ACI c.s. begroot op € 881,99 aan verschotten en € 4.800,-- voor salaris.