IT 2089

Meewerken aan contractueel overeengekomen goedkeuringsprocedure voor software

Rechtbank Midden-Nederland 4 mei 2016, IT 2089; ECLI:NL:RBMNE:2016:2195 (Centric tegen Gemeente Amersfoort)
Tussenvonnis. Opdrachtgever (gemeente) heeft niet meegewerkt aan contractueel overeengekomen goedkeuringsprocedure voor software. Rechtbank toetst of sprake is van dermate ernstige gebreken dat het naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is dat opdrachtnemer zich beroept op die contactuele verplichting van de gemeente.

4.11. In de tweede plaats heeft Amersfoort aangevoerd dat zij niet mee hoefde te werken aan de goedkeuringsprocedure. Zij heeft daarvoor de volgende drie argumenten aangedragen: (i) omdat Centric geen acceptatieplan zoals bedoeld in artikel 6.3 van de overeenkomst (hierna: het acceptatietestplan) had opgesteld en het door Amersfoort opgestelde Master Test Plan niet voldeed als acceptatietestplan, (ii) omdat zij geen zekerheid had dat versie 2.7 foutloos zou werken en zou voldoen aan de overeengekomen specificaties en (iii) omdat het doorlopen van de goedkeuringsprocedure zinloos zou zijn omdat de uitkomst daarvan al vaststond, namelijk dat Amersfoort de oplevering niet zou accepteren vanwege de aanwezigheid van ‘gaps’ en ‘issues’ (zie hierover 4.17 en verder).

GAP 22:
4.42. Amersfoort verwijt Centric dat het geleverde DMS geen functionaliteit voor automatische overdracht bevat. Dat Centric deze functionaliteit diende te leveren volgt in de optiek van Amersfoort uit de volgende passage uit het antwoord van Centric op vraag 23 (productie 2h Amersfoort, p. 2): “Als de zaak wordt afgesloten, dient de afgesloten zaak met de onderliggende documenten te worden overgedragen naar het koude RM gedeelte van Key2documenten. Dit kan handmatig, maar de voorkeur zal automatische overdracht zijn. Het automatische proces (archiefflow) bestaat uit de module documentenarchief en de module archiefservice. De acties van de archiefflow zijn afhankelijk van de keuze van Amersfoort (wel of niet nodig):”. Centric heeft aangevoerd dat zij hier aangeeft dat (zij begrijpt dat) de voorkeur automatisch archiveren zal zijn, maar dat zij deze functionaliteit niet daadwerkelijk aanbiedt. Amersfoort heeft hiertegen ingebracht dat deze stelling niet kan worden gevolgd nu Centric in haar antwoord zelf een tweetal modules noemt die de geautomatiseerde overdracht mogelijk moeten maken. Centric heeft dit niet weersproken, zodat ervan wordt uitgegaan dat partijen deze functionaliteit zijn overeengekomen. Centric heeft echter onder verwijzing naar haar productie 14A (“Procesanalyse afdeling BPI gemeente Amersfoort”) aangevoerd dat Amersfoort (nadien) de werkwijze voor het archief in versie 2.7 heeft goedgekeurd. Centric noemt geen vindplaats in dit document. Voorts is het overgelegde document niet door partijen voor akkoord getekend (p. 4). Centric zal zich bij akte mogen uitlaten over de status van het document en haar standpunt dat uit dit document volgt dat Amersfoort akkoord was met de werkwijze voor het archief nader mogen onderbouwen. Amersfoort zal hierop bij antwoordakte mogen reageren.

5.1. verwijst de zaak naar de rolzitting van woensdag 1 juni 2016 voor het nemen van een akte door Centric, een en ander zoals bedoeld in rechtsoverweging 4.42, en verwijst vervolgens de zaak naar de rolzitting van woensdag 29 juni 2016 voor het nemen van een antwoordakte door Amersfoort;

5.2. verwijst de zaak naar de rolzitting van woensdag 1 juni 2016 voor het nemen van een akte door Amersfoort, een en ander zoals bedoeld in rechtsoverweging 4.20, 4.36, 4.52, 4.56 en 4.104, en verwijst vervolgens de zaak naar de rolzitting van woensdag 29 juni 2016 voor het nemen van een antwoordakte door Centric,