IT 2031

Niet aansprakelijk voor schade bij De Politie voor hack bij derde-token-leverancier

Rechtbank Midden-Nederland 30 maart 2016, IT 2031 (De Politie tegen Motiv)
Contractenrecht. Schade na hack. Tokens. Cryptobeveiliging. Overeenkomst tussen Politie en RSA strekkende tot afname van een digitaal beveiligingsproduct. Raamovereenkomst met Motiv. De Politie stelt dat na de digitale inbraak bij RSA de beveiligingstokens - geleverd door Motiv - niet meer voldeden aan wat zij daarvan mocht verwachten, namelijk gedurende drie of vier jaar zeer sterke cryptografische bescherming. De politie vordert een verklaring voor recht dat Motiv toerekenbaar tekort is geschoten in de nakoming van de Raamovereenkomst en een schadevergoeding van €1.166.235,85. De rechtbank oordeelt dat de RSA-software niet onder de voorwaarden van de Raamovereenkomst valt en verwerpt de vorderingen.

4.10. De rechtbank is van oordeel dat de voor 1 november 2006 door de Politie van RSA, al dan niet via een distributeur, aangeschafte RSA-software niet onder de voorwaarden van de Raamovereenkomst valt. De Politie heeft weliswaar gesteld dat de Raamovereenkomst, als jongere overeenkomst, gaat boven de eerder gesloten RSA overeenkomst, maar die stelling gaat niet op. Motiv was immers op het moment van het sluiten van de Raamovereenkomst geen partij bij de RSA overeenkomst en RSA was geen partij bij de Raamovereenkomst. Omdat niet sprake is van dezelfde partijen kan daardoor al geen sprake zijn van het vervangen van de oudere overeenkomst door de jongere overeenkomst. Uit niets blijkt dat partijen hebben beoogd om de rechtsverhouding tussen de Politie en RSA over te dragen aan Motiv of om Motiv daar op een of andere wijze in te betrekken. In de Raamovereenkomst of de latere nadere overeenkomsten (want zo kunnen de inkoopopdrachten gekwalificeerd worden) is geen bepaling opgenomen waaruit blijkt dat de RSA overeenkomst door de Politie wordt overgedragen aan Motiv.

4.20. Dit betekent dat de vorderingen zullen worden afgewezen. De rechtbank zal niet ingaan op hetgeen verder door partijen is aangevoerd aangezien dat niet tot een ander oordeel kan leiden.
4.21. De Politie zal, als in het ongelijk gestelde partij, worden veroordeeld in de kosten van deze procedure aan de zijde van Motiv. Die kosten worden begroot op € 16.559,- (vier punten maal tarief VIII en € 3.715,- griffierecht).


De beslissing

5.1. wijst de vordering af
5.2. veroordeelt de Politie in de kosten van deze procedure aan de zijde van Motiv, tot op heden begroot op € 16.559,-;
5.3. verklaart overweging 5.2 van dit