IT 2554

Oplevering bèta versie extensie hoefde niet klaar te zijn om bij klanten ingezet te worden

Rechtbank Amsterdam 18 april 2018, IT 2554 (Total Internet Group tegen Shop2Market) Contractenrecht. Bèta. Scrum/Agile. TIG ontwikkelt softwarematige extensies. S2M assisteert in het optimaliseren van winst uit online advertentiecampagnes. Met derden heeft ze een softwareproduct ontwikkeld Adcurve om inzicht te krijgen in winstgevendheid van online advertenties. S2M heeft TIG benaderd om een extensie te ontwikkelen voor de koppeling Adcurve met systemen van de webwinkels, volgens Agile project methodiek op basis van scrum. Er is een SLA afgesproken. De API-extensie met afgesproken functionaliteiten is aan S2M opgeleverd. S2M betaalt de facturen niet. S2M voert verweer en betwist dat op haar ter zake (nog) een betalingsverplichting rust, omdat TIG volgens haar geen werkende extensie heeft opgeleverd en dat daarom ook aan de SLA geen uitvoering is gegeven. Uit het Requirements document blijkt, zoals TIG terecht heeft aangevoerd, dat de extensie niet klaar hoefde te zijn om ingezet te kunnen worden bij de klanten van S2M, maar dat het een "bèta versie" zou zijn, die opgeleverd zou worden in een testomgeving. In afwijking an 6:92 BW is bij verzuim direct wettelijke handelsrente alsmede een dadelijk opeisbare boete verschuldigd.  S2M moet aan TIG ruim 22.000 betalen.

4.4. Uit het Requirements document blijkt, zoals TIG terecht heeft aangevoerd, dat de extensie niet klaar hoefde te zijn om ingezet te kunnen worden bij de klanten van S2M, maar dat het een "bèta versie" zou zijn, die opgeleverd zou worden in een testomgeving. Ook in het API-document staat dat de extensie in de testomgeving zal worden opgeleverd. Dit houdt in dat S2M niet mocht verwachten dat de opgeleverde extensie direct probleemloos zou werken, maar er rekening mee moest houden dat sprake kon zijn van onvolkomenheden (bugs). Daarbij wordt overwogen dat, zoals TIG ook terecht naar voren heeft gebracht, het functioneren van de extensie mede afhankelijk is van externe factoren, zoals de instellingen van, en uitbreidingen op, de webshops van de merchants en de eigen API van S2M, die nog in ontwikkeling was. Of geconstateerde problemen leiden tot de conclusie dat de extensie niet aan de overeenkomsten beantwoordde en derhalve een tekortkoming vormen, is afhankelijk van alle omstandigheden van het geval, waaronder de vooreienbaarheid en de aard van de geconstateerde problemen.

4.6. TIG heeft echter gemotiveerd betwist dat de feeds-extensie niet werkend is opgeleverd en dat de performanceproblemen kwalificeerden als een tekortkoming. TIG heeft in dat verband aangevoerd dat Adcurve was bedoeld voor met name webwinkels in het middensegment, dus voor webshops met ongeveer 5.000 producten. De performanceproblemen deden zich volgens TIG voor bij webshops met meer dan 10.000 producten. Het betoog van TIG strookt met haar e-mail van 5 februari 2016 (zie 2.9), waaruit ook blijkt dat een oplossing voor dit probleem zou worden besproken en gebudgetteerd. Bovendien schrijft zij in deze e-mail dat er tijdens het overleg tussen partijen "geen punten [zijn] genoemd welke niet conform een offerte zouden zijn opgeleverd". Niet is gebleken dat S2M hierop afwijzend heeft gereageerd. Gelet op deze gemotiveerde betwisting en hetgeen hiervoor onder 4.3 en 4.4 is overwogen, heeft S2M niet, althans onvoldoende gemotiveerd, gesteld dat de feeds-extensie niet werkend is opgeleverd en/of dat deze niet aan de overeenkomst beantwoordde.

4.7. Overigens geldt dat partijen daarna zijn overeengekomen om de feeds-structuur van de extensie aan de passen naar een API-structuur. TIG heeft hiervoor een offerte uitgebracht, die S2M - zonder voorbehoud van rechten - heeft geaccepteerd. S2M kan zich ook hierom thans niet meer erop beroepen dat TIG toerekenbaar is tekortgeschoten in de nakoming van de overeenkomst.

API-extensie

4.8. S2M stelt dat de API-extensie niet werkend bij haar klanten kan worden geïmplementeerd, omdat een aantal tussen partijen overeengekomen essentiële functionaliteiten daarin ontbreken en/of niet werken. S2M verwijst naar haar e-mail van 24 juni 2016 (zie 2.21), waaruit volgens haar blijkt welke gebreken de API-versie (nog) heeft.

4.9. TIG betwist dat partijen de in voornoemde e-mail genoemde functionaliteiten, met uitzondering van punt 8, onderdeel uitmaakten van de API-overeenkomst.

Tussenconclusie API-extensie

4.16. Gelet op het voorgaande is niet komen vast te staan dat de door S2M gestelde functionaliteiten tussen partijen zyn overeengekomen en/of dat de API-extensie gebreken bevat die aan TIG kunnen worden toegerekend. Daarmee is dus ook niet komen vast te staan dat TIG is tekortgeschoten in de nakoming van de API-overeenkomst.

Slotsom 4.40. De slotsom luidt dat S2M zal worden veroordeeld om aan TIG te betalen een bedrag van (€ 14.771,08 +€3.632,42 + € 2.760,53 + € 860,39 =) € 22.024,42, té vermeerderen met de wettelijke handelsrente over (€ 14.771,08 +€3.632,42 =) € 18.343,50 vanaf 16 februari 2017 tot de dag der algehele voldoening. Verder wordt S2M ambtshalve veroordeeld in de proceskosten, welke aan de zijde van TIG worden begroot op € 3.167,21 (€ 1.158,00 (2 punten X tarief € 579,00) aan salaris advocaat, € 85,21 explootkosten en € 1.924,- grifïiegeld). De nakosten worden begroot op de hieronder genoemde wijze.