Privacy

IT 2383

Conclusie AG HvJ EU: Beheerder fanpagina op sociaal netwerk is verantwoordelijk voor verwerking persoonsgegevens

Hof van Jusitie EU 24 okt 2017, IT 2383; ECLI:EU:C:2017:796 (ULD tegen Wirtschaftsakademie), http://www.itenrecht.nl/artikelen/conclusie-ag-hvj-eu-beheerder-fanpagina-op-sociaal-netwerk-is-verantwoordelijk-voor-verwerking-perso

Conclusie AG HvJ EU 24 oktober 2017, IT&R 2383; IEFbe2390; ECLI:EU:C:2017:796 (ULD tegen Wirtschaftsakademie). Privacy. Verwerking persoongegevens. ULD, de regionale gegevensbeschermingsautoriteit van Schleswig-Holstein, heeft de Wirtschaftsakademie, een privaatrechtelijke onderneming gespecialiseerd op het gebied van onderwijs bevolen een fanpage op Facebook te deactiveren. De Wirtschaftsakademie betwist de rechtmatigheid van dit bevel. Wirtschaftsakademie gebruikte deze fanpage om kennelijke interesses van internetgebruikers te identificeren door het observeren van hun surfgedrag. Meerdere toezichthoudende autoriteiten hebben Facebook boeten opgelegd vanwege schending van de regels inzake gegevensbescherming van haar gebruikers. Vragen met betrekking tot wie de verantwoordelijke entiteit is van de verwerking persoonsgegevens op Facebook en omtrent bevoegdheden van de toezichthoudende autoriteit.

IT 2380

Raad van State: IGZ weigert ten onrechte verwijderen gegevens met beroep op Archiefwet

Overige instanties 23 aug 2017, IT 2380; ECLI:NL:RVS:2017:2232 (IGZ-Archiefwet), http://www.itenrecht.nl/artikelen/raad-van-state-igz-weigert-ten-onrechte-verwijderen-gegevens-met-beroep-op-archiefwet

ABRvS 23 augustus 2017, IT 2380; LS&R 1521; ECLI:NL:RVS:2017:2232 (IGZ-Archiefwet) Wederpartij heeft een handhavingsverzoek ingediend bij de Inspectie voor de Gezondheidszorg, in dat kader waren bij haar aanvullende gegevens opgevraagd. Na afwijzing, verzocht zij om verwijdering van de gegevens, wat door IGZ werd geweigerd met een beroep op de Archiefwet. De minister betoogt dat de rechtbank ten onrechte heeft geconcludeerd dat de persoonsgegevens van [wederpartij] in strijd met wettelijke voorschriften zijn verwerkt.  Het voor tien jaar bewaren van het dossier op beide locaties is daarom volgens de rechtbank in strijd met artikel 11, eerste lid, van de Wbp. Door desgevraagd en uit eigen beweging gegevens te verstrekken heeft [wederpartij] uitdrukkelijke toestemming gegeven om haar dossier tien jaar te bewaren, aldus de minister.

IT 2379

Medische analyse radioloog is geen persoonsgegeven in de zin van Wbp

Hof 3 okt 2017, IT 2379; ECLI:NL:GHDHA:2017:2723 (Appellante tegen Centramed c.s.), http://www.itenrecht.nl/artikelen/medische-analyse-radioloog-is-geen-persoonsgegeven-in-de-zin-van-wbp

Hof Den Haag 3 oktober 2017, IT&R 2379; LS&R 1520; ECLI:NL:GHDHA:2017:2723 (Appellante tegen Centramed c.s.). Privacy. Medische gegevens. In 2005 is appellante bevallen in Waterlandziekenhuis met behulp van een keizersnede, uitgevoerd door een gynaecoloog. Het pasgeboren kind werd overgeplaatst naar het VUMC, alwaar een hoge dwarslaesie werd vastgesteld. Appelante beticht Waterlandziekenhuis en gynaecoloog van onvoldoende zorgvuldig handelen. Ziekenhuis en gynaecoloog hebben deze aansprakelijkheid afgewezen. Beide partijen zijn voor aansprakelijkheid verzekerd bij Centramed. De rechtbank heeft het ziekenhuis en de gynaecoloog hoofdelijk veroordeeld tot betaling van geleden en te lijden schade. In hoger beroep is de vordering alsnog afgewezen. Hiertegen heeft appellante cassatie ingesteld. Appelante heeft bij Centramed een volledig overzicht gevraagd betreffende iedere verwerking van de persoonsgegevens van haar en haar zoon. Dit overzicht heeft Centramed gestuurd. In eerste aanleg heeft appellante gesteld dat het overzicht geen volledig en begrijpelijk overzicht bevat. Zij vordert dat Centramed dit alsnog doet en vordert tevens inzage in analyse door een radioloog. Rechtbank wijst deze vorderingen af. Het Hof oordeelt dat Centramed inderdaad niet aan haar wettelijke verplichting ex art. 35 lid 2 Wbp tot verstrekking van een volledig overzicht heeft voldaan. Zij vordert dat Centramed dit alsnog doet. Een medische analyse door bijvoorbeeld een radioloog valt niet onder persoonsgegevens, hoewel een dergelijke analyse medische zeker persoonsgegevens kan bevatten.

IT 2371

Vragen aan HvJEU: Uitleg mbt het "recht op het laten verwijderen van koppelingen"

Hof van Jusitie EU 19 jul 2017, IT 2371; C-507/17 (Google), http://www.itenrecht.nl/artikelen/vragen-aan-hvjeu-uitleg-mbt-het-recht-op-het-laten-verwijderen-van-koppelingen

Prejudicieel gestelde vragen aan HvJEU 19 juli 2017, IT&R 2371; IEFbe 2376; C-507/17 (Google). Bescherming persoonsgegevens. Via MinBuZa: Verzoeker (Google) verzoekt de hoogste bestuursrechter om het besluit van verweerder (de Franse gegevensbeschermingsautoriteit) nietig te verklaren. Subsidiair wordt verzocht de behandeling van de zaak te schorsen om het Hof een vraag te stellen over de uitlegging van artikel 4 en 28 van richtlijn 95/46. Bij besluit van 21.05.2015 heeft verweerder, waarbij zij een verzoek van een natuurlijke persoon toewees om de resultatenlijst met koppelingen naar webpagina’s die na een zoekopdracht op zijn naam werd weergegeven te verwijderen, verzoeker aangemaand deze verwijdering toe te passen op alle domeinnaam-extensies van haar zoekmachine. Na te hebben vastgesteld dat verzoeker niet binnen de gestelde termijn gevolg had gegeven aan deze aanmaning, heeft verweerder in kleine samenstelling, bij besluit van 10.03.2016, verzoeker een openbaar gemaakte geldboete van €100.000,- opgelegd. Verzoeker vordert nietigverklaring van dit besluit. De interveniërende partijen (Wikimedia Foundation Inc., Fondation pour la liberté de la presse, Microsoft, Reporters Committee for Freedom of the Press, Article 19, en Internet Freedom Foundation) hebben allen bij memorie in interventie de hoogste bestuursrechter verzocht de conclusies van het verzoekschrift van verzoeker toe te wijzen. Samengevat stellen de interveniërende partijen en verzoeker: a) dat verweerder niet bevoegd was om het bestreden besluit te nemen met betrekking tot verwerkingen die niet op Frans grondgebied zijn uitgevoerd; b) dat het bestreden besluit onevenredig inbreuk maakt op de vrijheden van meningsuiting, informatie, communicatie en pers; c) dat het bestreden besluit ontoereikend gemotiveerd is en feitelijke alsmede juridische onjuistheden bevat; d) dat het bestreden besluit inbreuk maakt op de bescherming van het internet; e) dat het bestreden besluit het beginsel van internationale hoffelijkheid en soevereiniteit van andere staten miskent. Verweerder concludeert tot afwijzing van het verzoekschrift en verzoekt de hoogste bestuursrechter, subsidiair, de behandeling van de zaak te schorsen om het Hof een prejudiciële vraag te stellen over de territoriale werkingssfeer van het recht op het laten verwijderen van koppelingen. Zij voert aan dat de opgeworpen middelen ongegrond zijn.

IT 2369

De bescherming van persoonsgegevens: acht Europese landen vergeleken

Privacy Europese Landen II

De bescherming van persoonsgegevens: acht Europese landen vergeleken, bijlage bij Kamerstukken II 2017/18, 32761, 115. De Tweede Kamer heeft een rechtsvergelijkend onderzoek naar de bescherming van persoonsgegevens in acht verschillende Europese landen gepubliceerd. Wanneer de positie van Nederland wordt vergeleken met de andere onderzochte landen, kunnen de volgende conclusies worden getrokken:

IT 2368

Aanwezigheid camera's gericht op achtertuin buurman is een verregaande inbreuk op de persoonlijke levenssfeer

Rechtbank 28 sep 2017, IT 2368; ECLI:NL:RBGEL:2017:5188 (Buurman met terrashaard tegen buurman met camera), http://www.itenrecht.nl/artikelen/aanwezigheid-camera-s-gericht-op-achtertuin-buurman-is-een-verregaande-inbreuk-op-de-persoonlijke-le

Vzr. Rechtbank Gelderland 28 september 2017, IT 2368; ECLI:NL:RBGEL:2017:5188 (Buurman met terrashaard tegen buurman met camera) Burengeschil. Inbreuk op privacy. Gedaagde ervaart overlast van de terrashaard in de achtertuin van eiser. De politie is ter plaatse geweest, maar heeft niets ondernomen. Gedaagde heeft een Indoor Camera aan zijn slaapkamerraam bevestigd en is gericht op de achtertuin van eiser en heeft ook foto's van de achtertuin genomen op het moment dat de terrashaard werd gebruikt en die op een openbare Facebookpagina geplaatst. Eiser vordert veroordeling van gedaagde om de camera's te verwijderen. De voorzieningenrechter oordeelt dat de aanwezigheid van de camera's een verregaande inbreuk maken op de persoonlijke levenssfeer van eiser en dat de ernst van de stelselmatige inbreuk op de privacy van eiser zodanig is dat het belang van eiser bij verwijdering van de camera’s zwaarder weegt dan het belang van gedaagde bij het behoud van de camera’s. 

IT 2362

Inbreuk op privacy door opname met camera's en drone erf buurman

Rechtbank 25 aug 2017, IT 2362; ECLI:NL:RBMNE:2017:4224 (Camera/drone opname buurman), http://www.itenrecht.nl/artikelen/inbreuk-op-privacy-door-opname-met-camera-s-en-drone-erf-buurman-1

Vzr. Rechtbank Midden-Nederland 25 augustus 2017, IT 2362; ECLI:NL:RBMNE:2017:4224 (Camera/drone opname buurman) Inbreuk op privacy door opname camera's en drone. Camera’s van gedaagden waren gericht op het perceel van eiser en zij hebben vanaf hun perceel een drone laten vliegen tot het perceel van eiser. Volgens eiser maakten zij daarmee inbreuk op zijn recht op eerbiediging van zijn persoonlijke levenssfeer en dat van zijn gezin. De voorzieningenrechter veroordeelt gedaagden om alle camera's die gericht zijn op het erf van eiser en op het zandpad niet meer te hervatten en verwijderd te houden. Nu eiser geen toestemming heeft gegeven voor het maken van opnames van zijn woning en erf maken gedaagden onrechtmatig inbreuk op zijn recht op privacy. Er was geen sprake van een rechtvaardigingsgrond voor het plaatsen van de camera's. Gedaagden mogen geen opnames van het erf van eiser meer maken, ook niet door het laten vliegen van een drone. 

IT 2357

Raad van State: Onderzoek AP naar persoonlijke OV-chipkaartabonnement voldoet niet

Overige instanties 20 sep 2017, IT 2357; ECLI:NL:RVS:2017:2555 (NS-reiziger tegen Autoriteit Persoonsgegevens), http://www.itenrecht.nl/artikelen/raad-van-state-onderzoek-ap-naar-persoonlijke-ov-chipkaartabonnement-voldoet-niet

ABRvS 20 september 2017, IT 2357; ECLI:NL:RVS:2017:2555 (NS-reiziger tegen Autoriteit Persoonsgegevens) Wet bescherming persoonsgegevens. Eiser heeft bij de AP een verzoek om handhaving ingediend wegens het feit dat het voordeelurenabonnement alleen te combineren is met een persoonlijke OV-chipkaart, waardoor zijn reisgegevens verwerkt worden als hij wil reizen met een voordeelurenabonnement. Eiser acht dit in strijd met artikel 8 Wbp, nu het voor het uitvoeren van de overeenkomst niet noodzakelijk is dat zijn reisgegevens worden geregistreerd. Rechtbank Gelderland [IT 2345] heeft geoordeeld dat de AP onvoldoende heeft onderzocht of de gegevensverwerking voldoet aan het proportionaliteits- en subsidiariteitsbeginsel. De vraag is of het voor de uitvoering van de overeenkomst noodzakelijk is dat de reisgegevens worden verwerkt door het verplicht stellen van een persoonlijke OV-chipkaart. De AP had op grond van art. 60 Wbp moeten onderzoeken of een systeem mogelijk is dat aan de bezwaren van eiser tegemoet kan komen, met inachtneming van de belangen van de derde-partijen. De Afdeling bestuursrechtspraak vernietigt de uitspraak van de rechtbank voor zover het opgedragen onderzoek als bedoeld in art. 60 Wbp. Het fase I-onderzoek van de AP, waarin wordt getoetst of het verzoek aan de formele eisen uit de Awb voldoet, heeft uitgewezen dat overtredingen van art. 8 Wbp niet aan de orde zijn.