Contracten

IT 2217

Annelieke Fenstra - Communiceren via WhatsApp kan grote gevolgen hebben

Een afspraak via WhatsApp is net zo rechtsgeldig als iedere andere afspraak. Hoewel het heel laagdrempelig en informeel lijkt, kan communiceren via WhatsApp verstrekkende gevolgen hebben. Dat stelt jurist contractenrecht Annelieke Fenstra van LegalMatters.com in Amsterdam. Volgens het Nationale Social Media Onderzoek 2016 heeft WhatsApp in Nederland maar liefst 9,8 miljoen gebruikers. Niet gek dus dat er via WhatsApp over van alles en nog wat wordt gecommuniceerd en dat er met een simpel ‘appje’ afspraken worden gemaakt. Even snel een bericht sturen naar een freelancer met een opdracht. Of naar de aannemer die jouw huis gaat verbouwen. Misschien zie je wel een leuke auto op Marktplaats en spreek je met de verkoper via WhatsApp. Waar velen alleen niet van doordrongen zijn, is dat afspraken die via WhatsApp tot stand komen ook rechtsgeldig zijn. Dat betekent dat partijen daaraan zijn gebonden.

IT 2213

Beroep op onbevoegdheid vanwege arbitrageclausule FENIT gehonoreerd

17 jan 2017, IT 2213; ECLI:NL:GHSHE:2017:117 (X Holding tegen TOP Systems), http://www.itenrecht.nl/artikelen/beroep-op-onbevoegdheid-vanwege-arbitrageclausule-fenit-gehonoreerd

Hof 's-Hertogenbosch 17 januari 2017, IT 2213; ECLI:NL:GHSHE:2017:117 (Holding tegen TOP Systems) FENIT. Appellante is aandeelhouder van drie kinderdagverblijven en heeft met TOP overeenkomsten gesloten betreffende automatisering van de bedrijfsvoering; de algemene voorwaarden verwijzen naar FENIT. De FENIT-voorwaarden bevatten een arbitrageclausule inhoudende geschilbeslechting overeenkomstig het Arbitragereglement van de Stichting Geschillenoplossing Automatisering, hierna aan te duiden als SGOA. De rechtbank heeft het beroep op onbevoegdheid vanwege de arbitrageclausule in de FENIT-voorwaarden gehonoreerd. Het Hof bekrachtigt dit vonnis.

IT 2207

Voormalig klant staat het vrij om verveelvoudigingshandelingen ex 45j Aw te verrichten

Rechtbank 28 dec 2016, IT 2207; ECLI:NL:RBMNE:2016:6791 (Rainbow Solutions tegen Transport-Info en Besade), http://www.itenrecht.nl/artikelen/voormalig-klant-staat-het-vrij-om-verveelvoudigingshandelingen-ex-45j-aw-te-verrichten

Rechtbank Midden-Nederland 28 december 2016, IEF 16519; IT 2207; ECLI:NL:RBMNE:2016:6791 (Rainbow Solutions tegen Transport-Info en Besade) Auteursrecht op software. Rainbow is actief als ICT-dienstverlener en heeft zich gespecialiseerd in onder meer bedrijfssoftware voor de logistieke dienstverlener. Zij heeft de T(ransport)M(anagement)S(ysteem)-broncode uit de activa van gefailleerde Nachon overgenomen. Het auteursrecht is door de maker overgedragen. De beslagexceptie ex artikel 2, derde lid, Aw (oud) is niet van toepassing. Het auteursrecht blijft buiten het faillissement ex artikel 21 onder 1˚ Fw. De vraag is welke onderhoudswerkzaamheden op grond van artikel 45j Aw zijn toegestaan aan gebruiker en derden. Het is de rechtmatige verkrijger van TMS-software hoe dan ook is toegestaan om fouten in het programma te verbeteren en correcties aan te brengen. Een TMS-klant staat het vrij om na opzegging van de Raamovereenkomst verveelvoudigingshandelingen te verrichten die in artikel 45j Aw staan. Een TMS-gebruiker mag het toegestane onderhoud uitbesteden. Er hoeft niet gerectificeerd te worden.

IT 2201

Met doorlopen van online bestelproces voor tickets is overeenkomst tot stand gekomen

Rechtbank 22 dec 2016, IT 2201; ECLI:NL:RBAMS:2016:9036 (Tickets4U tegen gedaagde), http://www.itenrecht.nl/artikelen/met-doorlopen-van-online-bestelproces-voor-tickets-is-overeenkomst-tot-stand-gekomen

Ktr. Rechtbank Amsterdam 22 december 2016, IT 2201; ECLI:NL:RBAMS:2016:9036 (Tickets4U tegen gedaagde) E-Commerce. Gedaagde heeft het bestelproces voor vier tickets voor Amsterdam Open Air (editie 2013) doorlopen. Een koper van online tickets dient de volledige koopprijs te voldoen als de verkoper kan aantonen dat de koper het hele bestelproces heeft voltooid en de bestelling heeft afgerond. De kantonrechter is van oordeel dat de verkorte verjaringstermijn van twee jaar van toepassing is. Dat de verkoper stelt dat er geen sprake is van consumentenkoop nu zij een vordering instelt ter zake van schadevergoeding in plaats van nakoming maakt niet dat aan de koper een langere verjaringstermijn tegengeworpen kan worden, nu deze vordering op dezelfde feitelijke grondslag wordt gebaseerd als waarop ook een vordering tot nakoming gestoeld had kunnen zijn.

IT 2183

Hof: Geen agentuurovereenkomst SURFmarket voor de anti-plagiaatsoftwarelicentie

Hof 29 nov 2016, IT 2183; ECLI:NL:GHAMS:2016:5146 (Turnitin tegen SurfMarket), http://www.itenrecht.nl/artikelen/hof-geen-agentuurovereenkomst-surfmarket-voor-de-anti-plagiaatsoftwarelicentie

Hof Amsterdam 29 november 2016, IT 2183; ECLI:NL:GHAMS:2016:5146 (Turnitin tegen SurfMarket) Contractenrecht. De rechtbank [IT 1934] oordeelde dat er onvoldoende gronden tot opzeggen anti-plagiaatsoftwarelicentie zijn. SURFmarket heeft als inkooporganisatie voor onderwijsinstellingen een overeenkomst gesloten met Turnitin, leverancier van antiplagiaatsoftware. De overeenkomst wordt al snel door Turnitin beëindigd, waar SURFmarket in kort geding met succes tegen op komt. In spoedappel komt onder meer de vraag aan de orde of de overeenkomst tussen SURFmarket en Turnitin kwalificeert als agentuurovereenkomst. Het hof oordeelt van niet, nu SURFmarket zich niet jegens Turnitin heeft verbonden om tegen beloning te bemiddelen bij de totstandkoming  van overeenkomsten met de onderwijsinstellingen. Een interne e-mail van SURFmarket, waarin zij onderzoekt of het mogelijk is dat onderwijsinstellingen bepaalde prijsinformatie met haar delen, levert geen grond op voor opzegging of ontbinding van de overeenkomst door Turnitin.

IT 2174

Conclusie AG: Plaats waar houder van exclusieve distributierecht verkoopdaling heeft, is schadebrengende feit

Hof van Jusitie EU 9 nov 2016, IT 2174; ECLI:EU:C:2016:843 (concurrence tegen Samsung en Amazon), http://www.itenrecht.nl/artikelen/conclusie-ag-plaats-waar-houder-van-exclusieve-distributierecht-verkoopdaling-heeft-is-schadebrengen

Conclusie AG HvJ EU 9 november 2016, IEF 16382; IEFbe 1997; IT 2174; ECLI:EU:C:2016:843; Zaak C‑618/15 (concurrence tegen Samsung en Amazon) Procesrecht. Bevoegdheid. Verbintenissen uit onrechtmatige daad. Selectief distributienetwerk met verbod op online doorverkoop buiten een netwerk. Concurrence is een elektronicadetailhandel met een winkel in Parijs en verkoop via een website. Zij heeft met verweerster Samsung een selectieve distributieovereenkomst gesloten voor de verkoop van Samsung-producten. Samsung verwijt nu verzoekster doorverkoop via een onlinemarktplaats het contractuele beding te schenden en beëindigt de relatie. Vordering tot staking van de onrechtmatige verstoring. Aanknopingspunt schadebrengende feit. Conclusie AG:

Artikel 5, punt 3, van EEX-Vo moet aldus worden uitgelegd dat, in geval van schending van het verbod op verkoop buiten een exclusief distributienetwerk door middel van een online aanbod, op websites in verschillende lidstaten, van producten die onder het exclusieve recht vallen, als de plaats waar het schadebrengende feit zich heeft voorgedaan moet worden aangemerkt: de plaats waar de houder van het exclusieve distributierecht te maken heeft met een verkoopdaling, welke plaats samenvalt met het grondgebied waarop zijn recht wordt beschermd. De oorsprong van de websites waar de betrokken producten op worden aangeboden, is niet relevant bij de vaststelling van de rechterlijke bevoegdheid.

 

IT 2152

Ontbinding overeenkomst omdat gemaakte afspraken niet nagekomen kunnen worden

Hof 6 sep 2016, IT 2152; ECLI:NL:GHDHA:2016:2509 (Proximedia tegen X), http://www.itenrecht.nl/artikelen/ontbinding-overeenkomst-omdat-gemaakte-afspraken-niet-nagekomen-kunnen-worden
Proximedia

Hof Den Haag 6 september 2016, IEF 16302; ECLI:NL:GHDHA:2016:2509 (Proximedia tegen X) Informatie. Contract. Tijdens een verkoopgesprek zijn door vertegenwoordiger aan cliënte diverse toezeggingen gedaan die niet nagekomen kunnen worden, zoals een gratis laptop, gratis website en een pinautomaat. Nadat cliënte de getekende overeenkomst had doorgelezen, is er enkele dagen ná ondertekening van de overeenkomst telefonisch contact met opgenomen, waarbij is medegedeeld dat ze deze overeenkomst niet wilde en dat ze de overeenkomst wilde beëindigen. Tijdens het telefoongesprek is door Proximedia medegedeeld dat de vertegenwoordiger die de overeenkomst met cliënte had gesloten inmiddels was ontslagen, omdat hij onjuiste informatie verstrekt aan klanten. Daarnaast werd medegedeeld dat tussentijdse beëindiging van de overeenkomst niet mogelijk was, maar dat het contract wel omgezet kon worden naar een contract met alleen een website, derhalve zonder laptop. Enkel en alleen vanwege het feit dat was medegedeeld dat tussentijdse beëindiging niet mogelijk was, is cliënte akkoord gegaan met omzetting van de overeenkomst. Naar oordeel van het hof kon cliënte de overeenkomst vernietigen op grond van dwaling, nu de toezeggingen die telefonisch aan cliënte waren gedaan niet konden worden nagekomen.

IT 2143

Via satelliettechnologie gewiste gegegevens ex aequo et bono gewaardeerd op 10.000euro

Rechtbank 21 sep 2016, IT 2143; ECLI:NL:RBROT:2016:7441 (IAP tegen verzekeraars), http://www.itenrecht.nl/artikelen/via-satelliettechnologie-gewiste-gegegevens-ex-aequo-et-bono-gewaardeerd-op-10-000euro

Rechtbank Rotterdam 21 september 2016, IEF 16287; IT 2143; ECLI:NL:RBROT:2016:7441 (IAP tegen verzekeraars) Verzekeringszaak over waardebepaling IE-rechten. IAP hield zich bezig met diensten op het gebied van cyber- en creditcard security ten behoeve van onder meer creditcardmaatschappijen. De PCI programmamanager en twee medewerkers in Tunesië verdwenen en hebben laptops van IAP, waarop vertrouwelijke klantgegevens stonden en gegevens waarop IAP de IE-rechten had, meegenomen. IAP heeft de inhoud van deze laptops via satelliettechnologie op afstand vernietigd. Dat IAP de gegevens heeft vernietigd heeft het causaal verband niet te niet gedaan; zij was daartoe gehouden, gelet op de vertrouwelijke aard van die gegevens. Het relateren van de waarde aan het aantal bestede uren is geen geschikte maatstaf om de waarde van deze IE-rechten te bepalen. Het gaat om de waarde in het economisch verkeer van die kennis. Dat die, rechtstreeks, zou afhangen van het aantal bestede uren is onvoldoende aannemelijk. Bij gebreke van een duidelijke maatstaf, van kenbare gegevens, zoals activering op de balans, en van een inhoudelijk standpunt zijdens verzekeraars over de toe te kennen waarde, waardeert de rechtbank deze rechten ex aequo et bono op € 10.000,-.