IT 2615

Conclusie AG: Stel vragen aan HvJ EU: Is er sprake van mededeling aan het publiek door exploitant van platform voor Usenetdiensten?

Hoge Raad 13 jul 2018, IT 2615; ECLI:NL:PHR:2018:789 (Stichting Brein tegen News-Service Europe), http://www.itenrecht.nl/artikelen/conclusie-ag-stel-vragen-aan-hvj-eu-is-er-sprake-van-mededeling-aan-het-publiek-door-exploitant-van

Conclusie AG HR 13 juli 2018, IEF 17899; IEFbe 2686; IT 2615; ECLI:NL:PHR:2018:789 (Stichting Brein tegen News-Service Europe) Auteursrecht. Tussenpersoon (Usenet-provider). Hof in haar tussenarrest in 2014: Geen filter voor usenet mits efficiënte NTD-procedure Hof Amsterdam 19 augustus 2014 [IEF 14126]. Verhouding tussen de Auteursrechtrichtlijn en de Richtlijn elektronische handel. Reikwijdte aansprakelijkheidsvrijstelling art. 6:196c BW. Mededeling aan het publiek. Conclusie tot stellen van prejudiciële vragen aan het HvJ EU:

Is sprake van een mededeling aan het publiek in de zin van art. 3 lid 1 van richtlijn 2001/29 door de exploitant van een platform voor Usenetdiensten, indien op de server van deze exploitant beschermde werken ter beschikking worden gesteld voor gebruikers van het Usenet (te weten abonnees van resellers van de exploitant en de gebruikers die bij andere Usenetproviders zijn aangesloten) die daar door gebruikers van het Usenet op zijn geplaatst?

Deze zaak gaat over de verhouding tussen de Auteursrechtrichtlijn en de Richtlijn elektronische handel (ook wel e-Commercerichtlijn genoemd), in het bijzonder over de in de Auteursrechtrichtlijn geregelde “mededeling aan het publiek” en de mogelijkheid van het geven van een bevel aan een tussenpersoon aan de ene kant en de aansprakelijkheidsvrijstelling van tussenpersonen uit de e-Commercerichtlijn anderzijds. Kan NSE profiteren van deze vrijstelling van aansprakelijkheid uit art. 6:196c BW, de Nederlandse implementatie van de art. 12-15 van de Richtlijn elektronische handel, en pleegt zij zelf auteursrechtinbreuk door het aanbieden van Usenet-diensten die onder meer worden gebruikt om beschermde werken te delen? Dat levert de nodige puzzels op.

IT 2614

Deskundigenonderzoek gelast voor datalek van energiegegevens van kleinverbruikers

Rechtbank 4 jul 2018, IT 2614; ECLI:NL:RBROT:2018:6452 (Kleinverbruik Energie der Nederlanden tegen gedaagen en Eregio), http://www.itenrecht.nl/artikelen/deskundigenonderzoek-gelast-voor-datalek-van-energiegegevens-van-kleinverbruikers

Rechtbank Rotterdam 4 juli 2018, IT 2614; ECLI:NL:RBROT:2018:6452 (Kleinverbruik Energie der Nederlanden tegen gedaagen en Eregio) Geschil over de aansprakelijkheid van een tussenpersoon van een energieleverancier in verband met een datalek van energiegegevens van kleinverbruikers. Uit de getuigenverklaring van Snel blijkt dat op 1 september 2016 - toen het datalek aan het licht kwam - het door gedaagde opgegeven (kantoor-)IP-adres van Eregio uit het systeem van EABO was verwijderd en er twee nieuwe IP-adressen waren ingesteld. Volgens gedaagden zijn er alternatieve scenario’s denkbaar voor het datalek, waarbij zij verwijzen naar rapporten. De rechtbank zal een deskundigenonderzoek gelasten.

 

IT 2613

MTTM veroordeelt tot betaling van € 5.696,13 wegens onterecht geïnde contractkosten

Rechtbank 27 jul 2018, IT 2613; ECLI:NL:RBAMS:2018:5438 (Club Mediterranee Holland tegen MTTM), http://www.itenrecht.nl/artikelen/mttm-veroordeelt-tot-betaling-van-5-696-13-wegens-onterecht-ge-nde-contractkosten

Rechtbank Amsterdam 27 juli 2018, IT 2613; ECLI:NL:RBAMS:2018:5438 (Club Mediterranee Holland tegen MTTM) MTTM is een bedrijf voor zakelijke telefonie- en internetoplossingen. Club Med en MTTM hebben een overeenkomst waarin is bepaald dat MTTM telefoondiensten verleend. In de overeenkomst is een opzeggingsbeding opgenomen. Club Med heeft de overeenkomst per 31 januari 2017 opgezegd. MTTM heeft na de opzegging een aantal slotnota's van een bedrag van € 5.696,13 gestuurd. Club Med vordert dat MTTM het bedrag moet terug betalen. Club Med mocht de overeenkomst dan ook met inachtneming van één maand opzegtermijn opzeggen. Of de overeenkomst voor bepaalde of onbepaalde duur is aangegaan kan in het midden blijven, want in beide gevallen was Club Med op grond van artikel 7.2a TCW gerechtigd om de overeenkomst kosteloos tegen 31 januari 2017 op te zeggen. MTTM is niet gerechtigd om de slotnota's te incasseren. De vordering wordt toegewezen.

IT 2612

Overleggen rapporten over misstanden Reclassering Nederland (mag beperkt geanonimiseerd)

Rechtbank 27 jul 2018, IT 2612; ECLI:NL:RBMNE:2018:3991 (X, Y, Z tegen Reclassering Nederland), http://www.itenrecht.nl/artikelen/overleggen-rapporten-over-misstanden-reclassering-nederland-mag-beperkt-geanonimiseerd
Reclassering Nederland

Rechtbank Midden-Nederland 27 juli 2018, IEF 17880; IT 2612; ECLI:NL:RBMNE:2018:3991 (X, Y, Z tegen Reclassering Nederland) Procesrecht. Opvraging stukken. Privacy. Eisers waren werkzaam bij Reclassering Nederland en hebben misstanden aangekaart bij de projectplaats "Koperwerf" - een werkplaats waar taakgestraften onder begeleiding straf uitvoeren door meubels te maken voor derden. Intern onderzoek heeft geen misstanden naar boven gebracht. Extern bureau Tinguely Xperts heeft een ernstig geëscaleerde verhouding geconcludeerd. In opdracht van gedaagde heeft Bureau Hoffmann geen misstanden kunnen vaststellen. Het AD heeft een artikel gepubliceerd naar aanleiding van verborgen camera-onderzoek. Daarna zijn er nog twee opdrachten geweest om vermeende misstanden te onderzoeken. Eisers vorderen met succes de afschriften van de rapporten ex 843a Rv; de namen, adresgegevens en telefoonnummers mag Reclassering Nederland weglakken.

IT 2610

Verzoek om facturen naar e-mailadres van een medewerker te sturen, moet de e-mail ook gelezen worden

Rechtbank 18 jul 2018, IT 2610; ECLI:NL:RBLIM:2018:6889 (Nederland ICT tegen Senor tech), http://www.itenrecht.nl/artikelen/verzoek-om-facturen-naar-e-mailadres-van-een-medewerker-te-sturen-moet-de-e-mail-ook-gelezen-worden

Rechtbank Limburg 18 juli 2018, IT 2610 (ICT Nederland tegen Senor Tech) Nederland ICT stelt daartoe – zakelijk weergegeven – dat Senor Tech sinds 1 januari 2009 lid is van Nederland ICT en jaarlijks de contributie heeft betaald. Vanaf 1 januari 2016 betaalt Senor Tech de contributie niet meer. Nederland ICT stelt dat Senor Tech de contributie over de jaren 2016 en 2017 verschuldigd is. Volgens Senor Tech heeft zij pas in maart 2017 voor het eerst een betalingsherinnering ontvangen met betrekking tot betaling van de contributie over 2016. Na onderzoek bleek dat Nederland ICT slechts per e-mail correspondeerde en ook per e-mail de facturen had verstuurd. De correspondentie geschiedde echter naar een e-mailadres van een medewerker van Nederland ICT die reeds langere tijd uit dienst was. Nederland ICT vordert veroordeling van Senor Tech tot betaling van  €1.573,00 aan hoofdsom. Als de ondernemer verzoekt om facturen naar het e-mailadres van een medewerker te sturen, dient de ondernemer er zorg voor te dragen dat de e-mail ook gelezen wordt. De vordering wordt toegewezen.

IT 2611

Vragen aan HvJ EU: Kunnen beperkende regels voor vastgoedmakelaar tegen Airbnb worden ingeroepen

Hof van Jusitie EU 7 jun 2018, IT 2611; Zaak C-390/18 (Airbnb Ireland), http://www.itenrecht.nl/artikelen/vragen-aan-hvj-eu-kunnen-beperkende-regels-voor-vastgoedmakelaar-tegen-airbnb-worden-ingeroepen

Prejudicieel gestelde vragen aan HvJ EU 7 juni 2018, IEFbe 2673; IT 2611; Zaak C-390/18 (AirBNB Ireland) Via Minbuza: De in Ierland gevestigde onderneming Airbnb Ireland biedt een online platform dat tot doel heeft verhuurders (zowel verhuurbedrijven als particulieren) die over accommodatie beschikken en potentiële huurders in een groot aantal landen met elkaar in contact te brengen. Franse internetgebruikers sluiten een contract af met Airbnb Ireland voor het gebruik van de website (plaatsing van advertenties, reserveringen) en met Airbnb Payments UK Ltd voor betalingen via de website. Op 24.01.2017 heeft de vereniging voor professionele accommodatie en toerisme (hierna: Ahtop) een klacht ingediend bij de rechter in eerste aanleg vanwege het verrichten van werkzaamheden van bemiddeling in en beheer van onroerend goed en winkelpanden zonder beroepskaart uit hoofde van de wet-Hoguet en andere strafbare feiten. In deze wet-Hoguet zijn verschillende regels vastgelegd waaraan vastgoedmakelaars dienen te voldoen (bijhouden van een register, afgifte van een beroepskaart e.d.), aangezien het om een gereglementeerd beroep gaat, op straffe van strafrechtelijke sancties. Ahtop verwijt Airbnb zich aan deze regels te onttrekken, terwijl het bedrijf volgens de vereniging het beroep van vastgoedmakelaar uitoefent via een online platform. Naar aanleiding van deze klacht heeft het parket van Parijs op 16.03.2017 een vordering tot het instellen van een gerechtelijk onderzoek ingediend vanwege het beheer van financiële middelen voor werkzaamheden van bemiddeling in en beheer van onroerend goed en winkelpanden door een persoon zonder beroepskaart (wet-Hoguet) en andere strafbare feiten. Airbnb betwist werkzaamheden als vastgoedmakelaar te verrichten en betoogt dat de wet-Hoguet niet op haar van toepassing is omdat deze strijdig is met de bepalingen van richtlijn 2000/31.

IT 2609

Vulling van webshop - betaling verschuldigd, want er is geen sprake van verzuim

Hof 3 jul 2018, IT 2609; ECLI:NL:GHARL:2018:6117 (DB Aanhangwagens tegen Visualmedia), http://www.itenrecht.nl/artikelen/vulling-van-webshop-betaling-verschuldigd-want-er-is-geen-sprake-van-verzuim

Hof Arnhem-Leeuwarden 3 juli 2018, IT 2609; ECLI:NL:GHARL:2018:6117 (DB Aanhangwagens tegen Visualmedia) Ontbinding. Opschorting. Visualmedia houdt zich bezig met het ontwerpen en ontwikkelen van webshops. DB Aanhangwagens is een bedrijf dat onder meer aanhangwagens en de onderdelen ervan verkoopt, zowel vanuit haar showroom als via internet. Visualmedia heeft opdracht gekregen om een webshop te bouwen voor de verkoop via internet van onderdelen van de aanhangwagens. Partijen hebben daartoe in oktober 2013 mondeling een overeenkomst gesloten, die door Visualmedia in een e-mail van 28 oktober 2013 is bevestigd. DB was niet tevreden over Visualmedia en wil de overeenkomst ontbinden. Visualmedia heeft in de oorspronkelijke conventie veroordeling van DB gevorderd tot betaling aan haar van € 10.090,17, vermeerderd met rente en kosten. Deze vordering strekt tot betaling van de tweede termijn van de overeenkomst. DB weigert te betalen omdat de overeenkomst is ontbonden en vordert terugbetaling. De kantonrechter wijst de vordering van Visualmedia toe. DB heeft niet geprotesteerd of aangegeven dat de webshop niet voldeed aan de daaraan te stellen eisen. Partijen bleven nadien wel in overleg over de vulling ervan met artikelen, maar zelfs na ontvangst van de tweede factuur in september 2014 klaagde DB daarover niet. Er is dan ook volgens Visualmedia geen sprake van verzuim. Om die reden is geen plaats voor ontbinding of een daarop gebaseerde opschorting van de betalingsverplichting van DB. Het vonnis van de kantonrecher wordt bekrachtigd.

IT 2608

Zoekresultaten niet verwijderen: groot publiek belang bij informatie over misstanden bij faillissementen

Rechtbank 8 mei 2018, IT 2608; ECLI:NL:RBMNE:2018:2196 (Verzoeker tegen Google), http://www.itenrecht.nl/artikelen/zoekresultaten-niet-verwijderen-groot-publiek-belang-bij-informatie-over-misstanden-bij-faillissemen

Rechtbank Midden-Nederland 8 mei 2018, IT 2608; ECLI:NL:RBMNE:2018:2196 (Verzoeker tegen Google) Geen verwijdering zoekresultaten. Verzoeker heeft in verschillende functies bij een aantal financiële instellingen gewerkt en is voormalig financieel adviseur van (noodlijdende) bedrijven. Over hem zijn verschillende artikelen geschreven waar de zoekresultaten naar verwijzen. De zoekresultaten zijn juist, relevant en niet bovenmatig. De artikelen zijn gepubliceerd door media die een journalistieke rol vervullen en door de curator. Bovendien zijn de zoekresultaten actueel aangezien de publicaties waar zij naar verwijzen van 2015 en 2016 dateren. Voorts volgt een belangenafweging om te bekijken of er sprake is van een bijzonder geval waardoor het belang van Google of het publiek dient te prevaleren. Doordat Verzoeker in faillissementszaken strafrechtelijk en civielrechtelijk is veroordeeld, heeft de media aandacht aan zijn zakelijke activiteiten besteed. Misstanden bij faillissementen en in de zakelijke sector zijn bovendien actuele maatschappelijke thema’s waarvoor grote publieke belangstelling bestaat. Het publiek heeft dan ook groot belang bij de toegang tot de informatie achter de onderhavige zoekresulaten. Het verzoek wordt afgewezen.

IT 2607

Geen recht op schadevergoeding op grond van de ongerechtvaardigde ontbindingsverklaringen (na wederzijdse opgeschorting)

Hof 19 jun 2018, IT 2607; ECLI:NL:GHAMS:2018:2044 (CGI tegen Staalbankiers), http://www.itenrecht.nl/artikelen/geen-recht-op-schadevergoeding-op-grond-van-de-ongerechtvaardigde-ontbindingsverklaringen-na-wederzi

Hof Amsterdam 19 juni 2018, IT ; ECLI:NL:GHAMS:2018:2044 (CGI tegen Staalbankiers) Overeenkomstenrecht. Afwikkeling mislukt ICT-project. Uitvoering werkzaamheden is met wederzijds goedvinden in afwachting van de uitkomst van nader overleg gestaakt. Ruim een jaar later volgt ingebrekestelling en ontbinding door opdrachtgever. Heeft ontbinding de daarmee beoogde werking gehad? Leidt ongerechtvaardigde ontbindingsverklaring door opdrachtgever in de gegeven omstandigheden tot verzuim? Artikel 6:83 BW. Is schade geleden als gevolg van ongerechtvaardigde ontbindingsverklaring? Als zij schade heeft geleden, dan is deze veeleer het gevolg van de wederzijdse opschorting waarmee zij zelf heeft ingestemd. CGI heeft derhalve geen recht op schadevergoeding op grond van de ongerechtvaardigde ontbindingsverklaringen. Het Hof wijst de vorderingen van CGI af en bekrachtigt het vonnis waarvan beroep [IT 2219].

IT 2606

Artikel over 'hack' bij Kaspersky rectificeren op de voorpagina van zaterdageditie De Telegraaf

Rechtbank 16 jul 2018, IT 2606; ECLI:NL:RBAMS:2018:5033 (Kaspersky Lab tegen Telegraaf), http://www.itenrecht.nl/artikelen/artikel-over-hack-bij-kaspersky-rectificeren-op-de-voorpagina-van-zaterdageditie-de-telegraaf
Telegraaf Kaspersky

Vzr. Rechtbank Amsterdam 16 juli 2018 IEF 17851; ECLI:NL:RBAMS:2018:5033 (Kaspersky Lab tegen De Telegraaf) Rectificatie. Kaspersky Lab is een in Utrecht gevestigd Russische securityleverancier. De Telegraaf heeft een artikel geplaatst waarin wordt gesteld dat een 'wereldberoemd Russisch softwarebeveiligingsbedrijf' in Utrecht is gehackt via de bedrijfs-WiFi. Volgens Kaspersky Lab is, na eigen onderzoek, daar geen sprake van. Kaspersky vordert rectificatie. De vraag is of De Telegraaf onrechtmatig heeft gehandeld jegens Kaspersky door publicatie in de Telegraaf van 3 februari 2018. De journalisten hebben niet controleerbaar gemaakt wat tegenover hen is verklaard terwijl dit gemakkelijk had gekund. Er is ook geen verder onderzoek geweest door de Journalisten. Rectificatie wordt bevolen op de homepage en op voorpagina van de eerstvolgende zaterdageditie van de papieren krant.

IT 2605

Vordering afgewezen omdat destijds de overeenkomst al rechtsgeldig was ontbonden

4 jul 2018, IT 2605; ECLI:NL:RBNHO:2018:5536 (Drukkerij Inktvis tegen TNR Software), http://www.itenrecht.nl/artikelen/vordering-afgewezen-omdat-destijds-de-overeenkomst-al-rechtsgeldig-was-ontbonden

Rechtbank Noord-Holland 4 juli 2018, IEF 17846; IT 2605; ECLI:NL:RBNHO:2018:5536 (Drukkerij Inktvis tegen TNR Software) Contractenrecht. Dwaling. Inktvis is op enig moment op zoek gegaan naar een softwarepakket ten behoeve van haar financiële en boekhoudkundige processen. Op 30 juni 2016 is een overeenkomst tussen partijen met betrekking tot het softwarepakket Multipress tot stand gekomen tussen Inktvis en TNR. Later blijkt dat Multipress niet voldoet aan de eisen van Inktvis en is daardoor onbruikbaar. Inktvis vordert dat de overeenkomst tussen partijen primair vernietigd en subsidiair ontbonden wordt, omdat het tot stand is gekomen onder invloed van dwaling. De kantonrechter oordeelt dat TNR tekort is geschoten in de nakoming. Er is geen sprake van dwaling, omdat niet vastgesteld kan worden dat er geen koppeling mogelijk is tussen de softwaresystemen. De vordering wordt afgewezen, omdat Inktvis destijds al rechtsgeldig het contract heeft ontbonden.

IT 2604

Niet verwijderen URL's is niet onrechtmatig: zeer groot belang bij publiek om over informatie te beschikken

Hof 5 jun 2018, IT 2604; ECLI:NL:GHDHA:2018:1296 (Appellant tegen Google), http://www.itenrecht.nl/artikelen/niet-verwijderen-url-s-is-niet-onrechtmatig-zeer-groot-belang-bij-publiek-om-over-informatie-te-besc

Hof Den Haag 5 juni 2018, IT 2604; ECLI:NL:GHDHA:2018:1296 (Appellant tegen Google) Privacy. Recht om vergeten te worden. Zie eerder IT 2234. Appellant heeft zich bij herhaling schuldig gemaakt aan misdrijven die steeds bij zakelijke contacten werden gepleegd. Het laatste feit heeft nog maar vrij kort geleden plaatsgeven, wat er niet op duidt dat Appellant van zins zou zijn om zijn leven te beteren. Er bestaat bij het publiek een zeer groot belang om te kunnen beschikken over de informatie als waarnaar wordt verwezen in de URL’s die Appellant verwijderd wil zien. Personen moet immers kunnen weten dat zij zeer ernstige risico’s lopen wanneer zij met Appellant in zee zouden willen gaan. Google handelt niet onrechtmatig door de bedoelde URL’s en zoekresultaten niet te verwijderen. Verder heeft Appellant in cassatie niet tijdig het standpunt ingenomen dat het hof zijn vorderingen mede op basis van artikel 16 Wbp had moeten beoordelen. De vermeerdering van de grondslag komt in strijd met de goede procesorde. Het bestreden vonnis wordt bekrachtigd.

IT 2602

Gerechtshof bevestigt HR: bij het publiek bestaat zeer groot belang om te kunnen beschikken over informatie appellant

Hof 5 jun 2018, IT 2602; ECLI:NL:GHDHA:2018:1296 (Appellant tegen Google), http://www.itenrecht.nl/artikelen/gerechtshof-bevestigt-hr-bij-het-publiek-bestaat-zeer-groot-belang-om-te-kunnen-beschikken-over-info

Gerechtshof Den Haag 5 juni 2018 IT 2602; ECLI:NL:GHDHA:2018:1296 (Google). Privacybescherming. Privacy. Recht om vergeten te worden. Het Hof bevesigt uitspraak van HR [IT 2234].

In een aflevering van 'Misdaadverslaggever' zijn camerabeelden getoond van appellant met een vermeende huurmoordenaar. Appellant is op 15 augustus 2012 in eerste aanleg veroordeeld. Invullen van zijn volledige naam levert verwijzingen op naar websites met initialen. Het Hof bevesigt uitspraak van HR [IT 2234]. Naar het oordeel van het hof bestaat bij het publiek een zeer groot belang om te kunnen beschikken over informatie als waarnaar wordt verwezen in de URL’s die appellant verwijderd wil zien. Personen moeten immers kunnen weten dat zij ernstige risico’s lopen wanneer zij met appellant in zee zouden willen gaan, en zelfs zeer ernstige risico’s wanneer zij met hem in concurrentie zouden willen treden. Dit belang bij het publiek is – in elk geval op dit moment nog – zo groot dat het een rechtvaardiging vormt voor een inmenging in het privéleven van appellant, ook al betreft het hier gevoelige persoonsgegevens van hem, te weten strafrechtelijke persoonsgegevens. Het is juist de beschikbaarstelling van deze gegevens die nodig is om het publiek op een adequate manier voor die (zeer) ernstige risico’s te kunnen waarschuwen. Het betoog dat ‘in abstracto’ geen rangorde geldt tussen de aan de orde zijnde rechten, en dat geen ‘bijzondere redenen’ nodig zijn om een inmenging in de grondrechten van betrokkene te rechtvaardigen, berust op een onjuiste rechtsopvatting. Het gerechtshof bekrachtigt het gewezen vonnis van de voorzieningenrechter.

 

IT 2603

Uitzenden tv-programma 'Foute boel' met woning in beeld is niet in strijd met de AVG

Rechtbank 5 jul 2018, IT 2603; ECLI:NL:RBZWB:2018:4139 (eisers tegen Talpa TV), http://www.itenrecht.nl/artikelen/uitzenden-tv-programma-foute-boel-met-woning-in-beeld-is-niet-in-strijd-met-de-avg

Vzr. Rechtbank Zeeland-West-Brabant 5 juli 2018, IEF 17836; IT 2603; ECLI:NL:RBZWB:2018:4139 (eisers tegen Talpa TV) Mediarecht. AVG. Privacy. Rechtspraak.nl: Verbod gevraagd om een aflevering van het televisieprogramma ‘Foute boel’ uit te zenden omdat een woning is gefilmd. De wijze waarop de filmbeelden van de woning tot stand zijn gekomen, is niet onrechtmatig. Het uitzenden van die beelden is evenmin onrechtmatig en niet in strijd met de Algemene Verordening Gegevensbescherming. De uitzending mag doorgaan.

IT 2601

Belastingdienst verwerkt burgerservicenummers in strijd met de wet

Onderzoeksrapport AP 26 juni 2018, verwerking van BSN in btw-identificatienummers door Belastingdienst. De Belastingdienst heeft geen wettelijke basis om het burgerservicenummer (BSN) te gebruiken in het btw-identificatienummer van zelfstandigen met een eenmanszaak. Dit blijkt uit onderzoek van de Autoriteit Persoonsgegevens (AP). De Belastingdienst moet de geconstateerde overtredingen zo snel mogelijk beëindigen. Gebeurt dat niet, dan kan de AP handhavende maatregelen treffen.

IT 2599

HvJ EU: geloofsgemeenschap is samen met haar leden verantwoordelijk voor verwerking van persoonsgegevens die bij een van-huis-tot-huisverkondiging zijn verzameld

Hof van Jusitie EU 10 jul 2018, IT 2599; ECLI:EU:C:2018:551 (Tietosuojavaltuutettu tegen Jehova's getuigen), http://www.itenrecht.nl/artikelen/hvj-eu-geloofsgemeenschap-is-samen-met-haar-leden-verantwoordelijk-voor-verwerking-van-persoonsgegev

HvJ EU 10 juli 2018, IEFbe 2649; IT 2599; ECLI:EU:C:2018:551; C-25/17; (Tietosuojavaltuutettu tegen Jehova's getuigen) Privacy. Uit het persbericht: Een geloofsgemeenschap zoals de gemeenschap van Jehova’s getuigen is samen met haar leden-verkondigers verantwoordelijk voor de verwerking van persoonsgegevens die in het kader van een van-huis-tot-huisverkondiging zijn verzameld. Bij de in het kader van een dergelijke activiteit verrichte verwerking van persoonsgegevens moeten de regels van het Unierecht betreffende de bescherming van de persoonsgegevens in acht worden genomen

IT 2600

Hof: Vordering van BREIN dat Usenetprovider bedrijfsvoering moet inrichten zoals zij heeft aangegeven, wordt afgewezen

Hof 10 jul 2018, IT 2600; ECLI:NL:GHSHE:2018:2824 (Newsconnection tegen Stichting BREIN), http://www.itenrecht.nl/artikelen/hof-vordering-van-brein-dat-usenetprovider-bedrijfsvoering-moet-inrichten-zoals-zij-heeft-aangegeven
newsconnection brein

Hof 's-Hertogenbosch 10 juli 2018, IEF 17824; IT 2600; ECLI (Newsconnection tegen Stichting BREIN) Auteursrecht. Zie eerder IEF 16448. Rechtspraak.nl: BREIN vordert afgifte van identificerende gegevens (zoals betaalgegevens, IP adressen, namen en e-mailadressen) van drie klanten van Usenetprovider, die onder aliassen opereren. Die drie klanten hebben illegaal duizenden auteursrechtelijk beschermde films en tv-series geüpload. Daarnaast vordert BREIN dat Usenetprovider haar bedrijfsvoering op een bepaalde manier inricht. In hoger beroep heeft zij die laatste vordering concreter gemaakt, namelijk dat Usenetprovider bij de verkoop van haar diensten geverifieerde identificerende gegevens registreert, dat zij bepaalde afspraken maakt met een partij van wie zij serverruimte huurt en dat zij de abonnementen van gebruikers van wie zij niet over geverifieerde identificerende gegevens beschikt, beëindigt.

Het hof oordeelt dat het uitgangspunt is dat Usenetprovider de gevraagde gegevens van de drie inbreukmakers dient te verschaffen. Voor zover zij niet zelf over alle benodigde gegevens beschikt omdat zij gebruik maakt van de diensten van een derde, moet zij ervoor zorgen dat zij over die gegevens kan beschikken. Usenetprovider heeft onder meer aangevoerd dat BREIN (eerst) die derde partij had moeten aanspreken, maar het hof is het daar niet mee eens. De vordering van BREIN dat Usenetprovider haar bedrijfsvoering zo moet inrichten als BREIN heeft aangegeven, wordt afgewezen.

IT 2598

Afscheidsseminar Hendrik Struik

Lezingen van Peter van Schelven, Antoon Quaedvlieg, Willem Grosheide, Bernt Hugenholtz, Dirk Visser. Afgelopen woensdag 6 juni werd er afscheid genomen van Hendrik Struik bij CMS door middel van een feestelijk afscheidsseminar onder leiding van Peter van Schelven. Peter begon de middag en nam ons mee in de carrière van Hendrik Struik. Na zijn studie aan de Vrije Universiteit begon Hendrik Struik 34 jaar geleden bij CMS, toen nog Derks & Partners genaamd, waar hij zijn hele carrière heeft gewerkt en is uitgegroeid tot een topadvocaat. Collega's kennen Hendrik als iemand die zeer van taal houdt. Hij kan goed en strak schrijven en dat blijkt des te meer uit zijn (onder collega’s bekende) uitspraak: “Ik ga nog even punaises poetsen”. Maar naast een topadvocaat en een taalfreak, blijkt Hendrik Struik tevens een zeer goede tekenaar. De aanwezigen werden door Peter van Schelven getrakteerd op een geweldige slideshow van tekeningen, met als topstuk de Domtoren van het logo van de Jonge Balie van Utrecht, getekend door Hendrik Struik. Na de inleiding van Peter van Schelven volgden er presentaties van maar liefst vier professoren over het werkbegrip in de Auteurswet.

IT 2597

Conclusie AG: Livestreaming van televisieprogramma’s is geen aanbieding van een communicatienetwerk naar het publiek

Hof van Jusitie EU 5 jul 2018, IT 2597; ECLI:EU:C:2018:535 (France Télévisions tegen Playmédia), http://www.itenrecht.nl/artikelen/conclusie-ag-livestreaming-van-televisieprogramma-s-is-geen-aanbieding-van-een-communicatienetwerk-n

Conclusie AG HvJ EU 5 juli 2018, IEF 17814; IEFbe 2640; IT 2597; ECLI:EU:C:2018:535; C‑298/17 (France Télévisions tegen Playmédia) Elektronischecommunicatienetwerken en ‑diensten. Universele dienst en gebruikersrechten. Begrip 'ondernemingen die elektronischecommunicatienetwerken aanbieden welke voor de distributie van radio‑ of televisie-uitzendingen naar het publiek worden gebruikt’. Onderneming die op het internet het bekijken van televisieprogramma’s via livestreaming aanbiedt. Doorgifteverplichting (must carry). Conclusie AG:

1) Artikel 31, lid 1, eerste alinea, van [universeledienstrichtlijn] moet aldus worden uitgelegd dat een onderneming die op het internet het bekijken van televisieprogramma’s via livestreaming aanbiedt, niet behoort te worden aangemerkt als een onderneming die een elektronischecommunicatienetwerk aanbiedt dat voor de distributie van radio‑ of televisieomroepkanalen naar het publiek wordt gebruikt in de zin van die bepaling.

IT 2596

Bieden op internet-kavel is niet gelijk aan het doen van een bestelling

Overige instanties 4 apr 2018, IT 2596; ECLI:NL:RVS:2018:1134 (Vereniging Slijtersunie tegen burgemeester van Assen, inzake Catawiki), http://www.itenrecht.nl/artikelen/bieden-op-internet-kavel-is-niet-gelijk-aan-het-doen-van-een-bestelling-1

ABRvS 4 april 2018, IT 2596; ECLI:NL:RVS:2018:1134 (Vereniging Slijtersunie tegen burgemeester van Assen, inzake Catawiki) Zie eerder IT 2254. Catawiki exploiteert een veilingwebsite, waarop zij de mogelijkheid biedt sterke drank te verkopen en te kopen. De verkopers kunnen sterke drank in de vorm van zogenoemde kavels ter veiling aanbieden en zorgen voor de levering en bezorging van de kavels. Catawiki heeft geen vergunning om het slijtersbedrijf uit te kunnen oefenen. SlijtersUnie stelt dat Catawiki artikel 19 lid 1 Dhw overtreedt, omdat zij gelegenheid biedt tot het doen van bestellingen voor sterke drank. In de Dhw is geen definitie opgenomen van het begrip “bestelling”. Er wordt aangesloten bij het normale spraakgebruik. Het doen van een bieding op een aangeboden kavel leidt niet rechtstreeks tot koop en levering of bezorging van die kavel en kan daarom niet gelijk worden gesteld aan het doen van een bestelling. Het hoger beroep van de SlijtersUnie is ongegrond.