IT 2433

Rectificatie column over fraude bij de uitgifte van paardenpaspoorten

Vzr. Rechtbank Noord-Nederland 7 december 2017, IEF 17338; IT&R 2433; ECLI:NL:RBNNE:2017:4685 (Europees Arabisch Stamboek voor Shagyapaarden, Sportpaarden en Sportpony's tegen Uitgeverij). Column. Rectificatie. Europees Arabisch Stamboek voor Shagyapaarden, Sportpaarden en Sportpony's (EASP) houdt onder andere een stamboek bij van Shagyapaarden en pony's. Gedaagde is een uitgeverij die zich toelegt op berichtgeving over paarden, onder meer op de site horses.nl. In een column uit 2017 is EASP in verband gebracht met fraude bij de uitgifte van paardenpaspoorten. Dit is een ernstige beschuldiging, bovendien geuit in kringen van paardenliefhebbers, waaronder de (aspirant-)leden van EASP. Het is daarnaast niet vast te komen staan dat in het paspoort van de pony stond dat zij een EASP-pony was. Nu niet aannemelijk is geworden dat de rol van EASP meer inhield dan het wettelijk verplicht afgeven van het aangevraagde blanco paspoort, wordt geoordeeld dat, gezien de ernst van de beschuldigingen, waarbij EASP is weggezet als een organisatie die fraude faciliteert en de publieke belangstelling hiervoor, een onrechtmatige daad jegens EASP oplevert. Dat het gepubliceerde artikel een column betreft maakt dit niet anders. Bepaalde aspecten mogen wel worden uitvergroot in een column, maar moeten wel steun vinden in het beschikbare feitenmateriaal. Gedaagde wordt gehouden een rectificatie op haar website te plaatsen.

4.2.5. Vast is komen te staan dat [gedaagde] EASP en haar voorzitter [eiser] middels column 2017 nadrukkelijk in verband heeft gebracht met fraude bij de uitgifte van paardenpaspoorten. Met EASP c.s. is de voorzieningenrechter van oordeel dat dit een ernstige beschuldiging is, die bovendien wordt geuit in kringen van paardenliefhebbers, waartoe zich ook de leden en de aspirant-leden van EASP mogen rekenen. Dit, terwijl EASP c.s. onbetwist heeft gesteld dat EASP op basis van de Regeling identificatie en registratie van dieren verplicht is om - zoals in casu ook het geval was - desgevraagd een zogenoemd blanco paardenpaspoort af te geven, ook als het om een paardachtige gaat die niet in haar eigen stamboek is geregistreerd. In geval van blanco paardenpaspoorten wordt geen melding gemaakt van een stamboek. Anders dan [Naam redacteur] in zijn column heeft geschreven is ook niet komen vast te staan dat - voor zover relevant - in het paspoort van [de pony] stond dat zij een EASP-pony was. De paspoortconsulent, in casu de hiervoor genoemde dierenarts, is krachtens de Regeling identificatie en registratie van dieren verantwoordelijk voor de (juistheid) van de in het paspoort op te nemen gegevens. Bij de verplichting desgevraagd blanco paspoorten af te geven is niet voorzien in een regeling voor het plegen van een controle op deze gegevens, waaronder de leeftijd van het dier, die door de paspoortconsulent worden aangeleverd. Of [de pony] in goede conditie verkeerde en of het ethisch verantwoord was om haar te veilen, heeft zich dan ook geheel aan de waarneming van EASP als de paspoort afgevende instantie onttrokken. Voorts heeft EASP c.s. onbetwist gesteld dat zij geen bevoegdheden had om de dierenarts te sanctioneren. Zoals gezegd, is zij verplicht desgevraagd een paspoort af te geven.

4.2.6. Tegenover het belang van EASP c.s. om niet te worden blootgesteld aan lichtvaardige verdachtmakingen, staat het belang van [gedaagde] dat zij zich in het openbaar kritisch, informerend, opiniërend of waarschuwend moet kunnen uitlaten over misstanden die de samenleving raken. [gedaagde] moet zich vrijelijk kunnen uiten over misstanden met betrekking tot dieren. Dit geeft [gedaagde] echter geen vrijbrief voor het publiceren van de gewraakte tekst over EASP c.s. Nu niet aannemelijk is geworden dat de rol van EASP c.s. meer inhield dan het wettelijk verplicht afgeven van het aangevraagde blanco paspoort, waarbij zij mocht vertrouwen op de gegevens zoals die door de dierenarts als paspoortconsulent werden aangeleverd en EASP c.s. niet verweten kan worden dat zij geen maatregelen jegens de dierenarts heeft getroffen, is de voorzieningenrechter vooralsnog van oordeel dat de publicatie zoals die door [gedaagde] is gedaan, gezien de ernst van de in die tekst vervatte beschuldigingen waarbij EASP c.s. is weggezet als een organisatie die fraude faciliteert en de publieke belangstelling hiervoor, een onrechtmatige daad jegens EASP c.s. oplevert

4.2.7. Toewijzing van de vordering tot rectificatie houdt, zoals [gedaagde] heeft aangevoerd, een beperking in van het in artikel 10 lid 1 EVRM neergelegde grondrecht van [gedaagde] op de vrijheid van meningsuiting. Ingevolge artikel 10 lid 2 EVRM kan dit recht worden beperkt, indien dit bij de wet is voorzien en noodzakelijk is in een democratische samenleving, bijvoorbeeld ter bescherming van de goede naam en de rechten van anderen. Van een beperking die bij de wet is voorzien, is in dit geval sprake omdat de uitlatingen onrechtmatig zijn in de zin van artikel 6:162 BW. In een democratische samenleving is het noodzakelijk dat de ernstige beschuldigingen waarvan hier sprake is, zeker nu niet geoordeeld kan worden dat die op waarheid berusten, worden rechtgezet.

4.2.8. De enkele omstandigheid dat het door [gedaagde] gepubliceerde artikel van [Naam redacteur] een column betreft, doet geen afbreuk aan het bovenstaande. De vrijheid van meningsuiting is immers ook in een column gebonden aan grenzen, die worden overschreden in het geval dat de uitingen zijn gedaan met de bedoeling de ander te kwetsen en wanneer de met het oog op het te dienen belang gebezigde bewoordingen nodeloos grievend zijn. Daarnaast is blijkens jurisprudentie sprake van versnijding van grenzen wanneer columnisten bij het uiten van hun persoonlijke mening over personen kwalificaties bezigen of vergelijkingen treffen waartoe de feiten in redelijkheid geen aanleiding geven. Bepaalde aspecten mogen dus wel worden uitvergroot in een column, maar moeten wel steun vinden in het beschikbare feitenmateriaal (zie ook Rechtbank Breda, 14 november 2003, ECLI:NL:RBBRE:2003:AN8129). De door [Naam redacteur] gedane suggestie dat [eiser] het deksel op een beerput houdt en de stelling dat de toezichthouder in Den Haag maar eens op zoek moet gaan naar het deksel van deze beerput, is in dit verband misleidend en onnodig grievend te noemen.

4.2.9. De conclusie op grond van het voorgaande is dat toewijzing van de vordering tot rectificatie op zowel de website horses.nl. als in de Paardenkrant geen ontoelaatbare inbreuk vormt op de vrijheid van meningsuiting van [gedaagde] . Anders dan gevorderd zal de termijn voor rectificatie gesteld worden op veertien dagen na betekening van het vonnis. Ook met betrekking tot de door EASP c.s. voorgestelde tekst ziet de voorzieningenrechter aanleiding om hiervan af te wijken. [gedaagde] dient de navolgende tekst ter rectificatie te plaatsen: