Privacy

IT 2574

Verzoek verwijdering zoekresultaat: aanmerking als public figure leidt tot 'bijzonder geval'

Rechtbank 25 jan 2018, IT 2574; ECLI:NL:RBAMS:2018:2979 (Recht om vergeten te worden), http://www.itenrecht.nl/artikelen/verzoek-verwijdering-zoekresultaat-aanmerking-als-public-figure-leidt-tot-bijzonder-geval

Rechtbank Amsterdam 25 januari 2018, IT 2574; ECLI:NL:RBAMS:2018:2979 (Recht om vergeten te worden) Privacy. In deze zaak wordt besloten over het verzoek aan Google tot verwijdering van koppelingen naar URL’s. De links bevatten informatie over het straf- en fiscaalrechtelijke verleden van een zakenman. In de beoordeling van de zaak speelt mee dat de verzoeker is aan te merken als een public figure. Doordat de zakenman een public figure is, komt zwaarder gewicht toe aan het beschikbaar maken en houden voor het publiek van de desbetreffende koppelingen. Er is sprake van een ‘bijzonder geval’, dat rechtvaardigt dat het economisch belang van Google en het gerechtvaardigde belang van de internetgebruikers zwaarder wegen. De vordering wordt afgewezen.

IT 2576

HvJ EU: De beheerder van een fanpagina is samen met Facebook verantwoordelijk voor de verwerking persoonsgegevens

Hof van Jusitie EU 5 jun 2018, IT 2576; ECLI:EU:C:2018:388 (ULD tegen Wirtschaftsakademie Schleswig-Holstein), http://www.itenrecht.nl/artikelen/hvj-eu-de-beheerder-van-een-fanpagina-is-samen-met-facebook-verantwoordelijk-voor-de-verwerking-pers

HvJ EU 5 juni 2018, IEFbe 2588; IT 2576; ECLI:EU:C:2018:388; C-210/16 (ULD tegen Wirtschaftsakademie Schleswig-Holstein) Privacy.
Uit het persbericht: De beheerder van een fanpagina op Facebook is samen met Facebook verantwoordelijk voor de verwerking van de gegevens van de bezoekers van zijn pagina. De autoriteit voor gegevensbescherming van de lidstaat waarin deze beheerder is gevestigd kan, krachtens richtlijn 95/461 , zowel tegen hem optreden als tegen de dochteronderneming van Facebook die in dezelfde staat is gevestigd.

IT 2575

AP gestart met controles functionarissen voor gegevensbescherming

Autoriteit persoonsgegevens

De Autoriteit Persoonsgegevens (AP) heeft van ruim 400 overheidsorganisaties gecontroleerd of zij een functionaris voor de gegevensbescherming (FG) hebben aangemeld. Uit deze controle blijkt dat minder dan 4% mogelijk nog geen functionaris heeft aangemeld. Deze organisaties heeft de AP aangeschreven. Zij moeten voor 11 juni 2018 laten weten wie hun FG is. Als zij dit nalaten kan de AP een sanctie opleggen. Lees verder

IT 2572

Collectieve actie Consumentenbond over de veiligheidsrisico’s van Samsung als gevolg van kwetsbaarheden in Android

30 mei 2018, IT 2572; ECLI:NL:RBDHA:2018:6310 (Consumentenbond tegen Samsung), http://www.itenrecht.nl/artikelen/collectieve-actie-consumentenbond-over-de-veiligheidsrisico-s-van-samsung-als-gevolg-van-kwetsbaarhe

Rechtbank Den Haag 30 mei 2018, IT 2572; ECLI:NL:RBDHA:2018:6310 (Consumentenbond tegen Samsung) Collectieve actie van de Consumentenbond tegen Samsung over veiligheidsrisico’s als gevolg van kwetsbaarheden in Android, het besturingssysteem van de smartphones van Samsung. Niet-ontvankelijkverklaring voor vorderingen die zien op toekomstig handelen. Afwijzing van de resterende vorderingen omdat niet kan worden geconcludeerd dat Samsung, door nu niet gedurende de door de Consumentenbond genoemde periode en binnen de door haar genoemde termijn updates en upgrades door te voeren, feitelijk te weinig doet ter bestrijding van de veiligheidsrisico’s van kritieke kwetsbaarheden in Android. Verder oordeelt de rechtbank dat Samsung voldoende duidelijke en toegankelijke informatie geeft over de door haar geboden softwareondersteuning.

IT 2569

Publicaties zijn onderdeel van een groter publiek debat over de integriteit van ambtenaren en mogelijk misbruik van publieke middelen

Rechtbank 22 mrt 2018, IT 2569; ECLI:NL:RBAMS:2018:3356 (Ambtenaar software), http://www.itenrecht.nl/artikelen/publicaties-zijn-onderdeel-van-een-groter-publiek-debat-over-de-integriteit-van-ambtenaren-en-mogeli

Rechtbank Amsterdam 22 maart 2018, IT 2569; ECLI:NL:RBAMS:2018:3356 (Ambtenaar software) Recht om vergeten te worden. Rechtsoverweging 4.14: De gewraakte verwijzingen naar publicaties van november 2013 waarvan verwijdering wordt verzocht zien - beknopt weergegeven - op het onderzoek dat het Algemeen Dagblad heeft gedaan naar het vertrek van [verzoeker] als [functie I] van de [naam dienstonderdeel] van de gemeente Rotterdam. In die functie heeft [verzoeker] volgens de publicatie software laten ontwikkelen ter waarde van 1,5 tot 2 miljoen euro. Dit programma wordt gebruikt door Rotterdamse stadswachten. [verzoeker] brengt diezelfde software sinds zijn vertrek met een eigen bedrijf op de markt. De gemeente is hiervan op de hoogte, maar maakt hiertegen geen bezwaar omdat het onderdeel uitmaakt van een vertrekregeling met [verzoeker]. Ook wordt vermeld dat [verzoeker] een arbeidsconflict met de gemeente heeft gehad en eerder in opspraak kwam als oud-[functie II] van woningcorporatie [naam woningcorporatie]. De publicatie op nieuws.nl is grotendeels op deze informatie gebaseerd.

IT 2567

Verwijdering zoekresultaat: belang van het publiek om kennis te nemen van de veroordeling is gering

Rechtbank 22 mrt 2018, IT 2567; ECLI:NL:RBAMS:2018:3357 (AirBnB heimelijke filmer), http://www.itenrecht.nl/artikelen/verwijdering-zoekresultaat-belang-van-het-publiek-om-kennis-te-nemen-van-de-veroordeling-is-gering

Rechtbank Amsterdam 22 maart 2018, IT 2567; ECLI:NL:RBAMS:2018:3357 (AirBnB heimelijke filmer) Rechtsoverweging 4.18: In deze zaak bevat het zoekresultaat een link naar een artikel op de website van [plaats] News waarin wordt vermeld dat verzoeker, genoemd met voor- en achternaam, leeftijd en adres, twee jonge vrouwen met een in de badkamer verborgen camera heimelijk heeft gefilmd tijdens het douchen. In het artikel op de website wordt vermeld dat verzoeker schuld heeft bekend en op last van de Sheriff voor een jaar onder supervisie is geplaatst. Aangenomen mag worden dat deze voor iedere internetgebruiker toegankelijke informatie schadelijk is voor de reputatie van verzoeker en van directe invloed op zijn privéleven kan zijn. Dat verzoeker als professionele partij is opgetreden is niet komen vast te staan. De verzoeker heeft voldoende aannemelijk gemaakt dat zijn voormalige eigen woning slechts incidenteel via Airbnb werd verhuurd en dat verhuur van zijn huidige woning niet aan de orde is. Bovendien staat het heimelijk filmen van huursters in geen enkel verband met zijn functie als verhuurder. Van belang is verder dat verzoeker geen publiek figuur is en geen bijzondere rol speelt in het maatschappelijke leven. Het belang van het publiek om kennis te nemen van de veroordeling is gering. Van een ‘bijzonder geval’ dat de privacybelangen van verzoeker opzij zet is al met al geen sprake. Het verwijderingsverzoek zal dus worden toegewezen.

De rechtbank veroordeelt Google om de koppeling uit het zoekresultaat van de in de zoekmachine ingevoerde zoekopdracht ‘voor- en achternaam van verzoeker’, te verwijderen op de overeenkomstig het vaste beleid van Google.

4.6. Een letterlijke lezing van artikel 16 in verbinding met 22 Wbp kan tot de slotsom leiden dat het verzoek tot verwijdering reeds op deze grond toewijsbaar is. Echter, de vraag rijst of artikel 16 Wbp wel onverkort van toepassing is op (exploitanten van) zoekmachines. Een bevestigend antwoord op deze vraag heeft verstrekkende gevolgen voor Google en de door haar geëxploiteerde zoekmachine. Hierdoor zou Google zonder meer gehouden zijn tot inwilliging van verwijderingsverzoeken als het onderhavige. Daarmee zou afbreuk worden gedaan aan de belangrijke maatschappelijke functie van zoekmachine(s) om de internetgebruiker behulpzaam te zijn bij het vinden van de informatie waarnaar hij/zij op zoek is. De vervulling van deze functie van een zoekmachine zou categorisch onmogelijk worden gemaakt voor zover het gaat om het vinden van publicaties waarin het publiek wordt ingelicht over strafrechtelijke persoonsgegevens betreffende medeburgers. Een absoluut verbod is niet goed te verenigen met het algemene belang.

4.7. In dit verband heeft Google zich beroepen op de zogenoemde journalistieke exceptie. Hoewel het gerechtshof Den Haag in zijn arrest van 23 mei 2017 ECLI:NL:GHDHA:2017:1360 in een vergelijkbare context een zodanig beroep van Google heeft gehonoreerd, wordt dit verweer niet gevolgd.

IT 2565

Daisycon terecht door ACM beboet als affiliate netwerk, adverteerder en publisher

Overige instanties 3 apr 2018, IT 2565; ECLI:NL:CBB:2018:139 (Daisycon tegen ACM), http://www.itenrecht.nl/artikelen/daisycon-terecht-door-acm-beboet-als-affiliate-netwerk-adverteerder-en-publisher

CBb 3 april 2018, IT 2565; RB 3136; ECLI:NL:CBB:2018:139 (Daisycon tegen ACM) Zie eerder IT 2072 en IT 1609. Telecommunicatiewet, spamverbod, adverteerder, Publisher, affiliatenetwerk, hulppersonen, feitelijk leidinggevende, boete matiging redelijke termijn. Daisycon kan in de rol van affiliate netwerk, adverteerder en publisher worden gezien als verzender. Zie persbericht ACM

IT 2559

Persoonlijke levenssfeer (ex-)echtgenoot gaat voor op het uitgeven van boek over hem

Rechtbank 3 mei 2018, IT 2559; ECLI:NL:RBDHA:2018:5237 ((Boek over (ex-)echtgenoot)), http://www.itenrecht.nl/artikelen/persoonlijke-levenssfeer-ex-echtgenoot-gaat-voor-op-het-uitgeven-van-boek-over-hem

Vzr. Rechtbank Den Haag 3 mei 2018, IT&R 2559; ECLI:NL:RBDHA:2018:5237 (Boek over (ex-)echtgenoot) De auteur en de uitgever van een boek over – kort gezegd – het huwelijk en de echtscheiding van de auteur veroordeeld om (o.a.) de verdere verspreiding van het boek te staken, voorraden te vernietigen en iedere promotie te staken. De auteur wordt bovendien tot rectificatie veroordeeld. Weliswaar wil zij met het boek maatschappelijke misstanden aan de orde stellen, maar zij heeft daarbij bepaalde grenzen overschreden, door i) de wijze waarop zij het boek presenteert, te weten als persoonlijk en waargebeurd verhaal, waarbij duidelijk kenbaar is dat de (ex-)echtgenoot in het boek eiser is en dat het tevens gaat over hun twee kinderen, ii) in het boek vele ernstige beschuldigingen te uiten aan het adres van eiser, die geen steun vinden in feitenmateriaal en iii) zeer persoonlijke en intieme zaken aangaande eiser en zeer privacygevoelige zaken over de kinderen te delen, zonder dat zij hierin vooraf zijn betrokken. Het recht op eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer/bescherming van de eer en goede naam van eiser gaat hier voor op het recht op vrijheid van meningsuiting.