IT 2921

Gebruik maken van anonieme bronnen, mits geloofwaardigheid is onderzocht

Vzr. Rechtbank Amsterdam 23 oktober 2019, IEF 18783, IT 2921; ECLI:NL:RBAMS:2019:7935 (SchipholTaxi tegen NRC) Eisers, SchipholTaxi, vorderen rectificatie van artikelen in de papieren krant en op website van NRC. Toewijzing van de vorderingen zou een beperking vormen van vrijheid van meningsuiting, zo’n beperking moet bij wet zijn voorzien en in een democratische samenleving noodzakelijk zijn. Van een beperking bij wet voorzien is sprake als publicaties onrechtmatig zijn jegens eisers. Om uit te maken of dat het geval is, moeten de wederzijdse belangen worden afgewogen. Vastgesteld wordt dat de journalisten gedegen werk hebben verricht, zich voldoende hebben vergewist van betrouwbaarheid van hun bronnen. De gebruikte bronnen zijn geen anonieme bronnen in de zin dat ze oncontroleerbaar zijn. Maar zelfs als ze dat wel zouden zijn, zijn ze niet zonder betekenis. Een journalist mag gebruik maken van anonieme bronnen, mits de geloofwaardigheid van de door de bron afgelegde verklaring zorgvuldig is onderzocht. Van eiser had diepgaand onderzoek mogen worden verwacht naar de beschuldigingen aan het adres van de personen die voor hem werken. Geoordeeld wordt dat de beschuldiging dat toelating met smeergeld kan worden gekocht voldoende steun vindt in ten tijde van publicatie beschikbaar feitenmateriaal. De inhoud van twee artikelen is strikt genomen niet onjuist, maar daarin wordt wel een bepaalde suggestie gewekt. Met de later gepubliceerde aanvulling wordt voldoende tegemoet gekomen aan bezwaar tegen eerdere publicaties.

4.6.
Volgens de journalisten hebben zeven van de chauffeurs met wie ze hebben gesproken, verklaard dat ze zonder factuur sommen geld hebben betaald aan [naam 5] en [naam 6] , personen die als chauffeur werken voor [eiser 2] , om te mogen rijden voor SchipholTaxi. Vier van deze zeven hebben ook een verklaring afgelegd bij de deurwaarder. Voor de andere drie was dat op zo korte termijn niet mogelijk. Deze drie horen volgens de journalisten niet tot de groep door [eiser 2] in zijn e-mail van 2 oktober 2019 genoemde rancuneuze of ontevreden ex-chauffeurs (zie 2.6.). Weer drie andere chauffeurs met wie ze hebben gesproken, hadden wel zo’n aanbod gekregen, maar zijn daar niet op ingegaan. De journalisten stellen dat vrijwel alle andere chauffeurs hun hebben verteld over vrienden, familieleden of naaste collega’s die zeiden contante bedragen te hebben betaald in ruil voor een plek bij SchipholTaxi, en hoe dat ging. Volgens de journalisten kwamen details zoals locaties, bedragen, plaatsen en namen van tussenpersonen telkens overeen en vinden de verklaringen steun in aan hen verstrekte memo’s, e-mails, nota’s, notulen, bankafschriften, planningen, facturen, contracten en geluidsopnames van gesprekken bij SchipholTaxi. Die stukken hebben zij niet overgelegd om hun bronnen zoveel mogelijk te beschermen.

4.7.
Er is geen reden om aan deze werkwijze of de juistheid van deze toelichting te twijfelen. Gezien de omvang van het onderzoek, de wijze waarop de bronnen zijn geselecteerd en de toetsing van de verschillende verklaringen aan elkaar en aan ander feitenmateriaal dat ter beschikking van de journalisten was gesteld, hebben ze gedegen werk verricht en zich voldoende vergewist van de betrouwbaarheid van hun bronnen.