IT 2691

Mini-opera ‘NJ 1919, p. 161’ door de Hoge Raad op 31 januari 2019

Graag vestigen wij uw aandacht op de Wereldpremière in concertante uitvoering van de mini-opera ‘NJ 1919, p. 161’; gecomponeerd door de president van de Hoge Raad, mr. Maarten Feteris; libretto: Hoge Raad en mr. Ernst Numann, op 31 januari 2019 bij de Hoge Raad, als onderdeel van het congres 100 jaar Lindenbaum/Cohen.

Tijdens het congres wordt ruim aandacht besteed aan de rechtsontwikkeling door de rechter en aan de bescherming van bedrijfsgeheimen, mede in het licht van de recent in werking getreden Wet bescherming bedrijfsgeheimen (Stb. 2018, 369 ).

Het volledige programma vindt u hier. Aanmelden kan hier.

IT 2690

Vordering afgewezen, online archivering rechtmatig artikel Trouw prevaleert boven privacy

Rechtbank 13 nov 2018, IT 2690; ECLI:NL:RBAMS:2018:8241 (Eiseres tegen Trouw), http://www.itenrecht.nl/artikelen/vordering-afgewezen-online-archivering-rechtmatig-artikel-trouw-prevaleert-boven-privacy

Ktr. Rechtbank Amsterdam 13 november 2018, IEF 18147; IT 2690; ECLI:NL:RBAMS:2018:8241 (Eiseres tegen Trouw) Mediarecht. Privacy. Eiseres is door haar vader ontvoerd geweest naar het buitenland. Trouw heeft een artikel in haar dagblad gepubliceerd over de terugkeer van eiseres naar Nederland en de hereniging met haar moeder. In het artikel worden de voornaam, achternaam en woonplaats van eiseres vermeld. Op enig moment is het oorspronkelijke artikel door Trouw opgenomen in haar online archief. Het was daardoor via de website van Trouw voor derden toegankelijk. Eiseres heeft tussen 2008 en 2017 meerdere malen gevorderd het artikel uit de database te halen. De hoofdredactie van Trouw heeft uiteindelijk in 2017 besloten het artikel offline te halen. Eiseres heeft de rechtmatigheid van het artikel niet betwist. De pers heeft primair de rol van publieke waakhond en een belangrijke secundaire functie is het beschikbaar houden en maken van nieuws in archieven. Een verplichting tot het verwijderen van het artikel, dat op zichzelf rechtmatig is, is om privacyredenen aan de kant van eiseres niet te verenigen. De online archivering is dan geen betrouwbare getuigenis meer van het verleden. Vordering afgewezen.

IT 2689

Prejudicieel gestelde vragen: is het feit dat een licentiehouder van software zich niet houdt aan de voorwaarden van de overeenkomst een auteursrechtinbreuk of kan hiervoor een afzonderlijke regeling gelden?

Hof van Jusitie EU 16 okt 2018, IT 2689; (Free Mobile tegen IT Development), http://www.itenrecht.nl/artikelen/prejudicieel-gestelde-vragen-is-het-feit-dat-een-licentiehouder-van-software-zich-niet-houdt-aan-de

Prejudicieel gestelde vragen aan HvJ EU 16 oktober 2018, IEF 18145; IT 2689; IEFbe 2799; C-666/18 (Free Mobile tegen IT Development) Via Minbuza. Free Mobile is een aanbieder van mobiele telefonie op de Franse markt. Bij overeenkomst van 25.08.2010 heeft IT Development aan Free Mobile een licentie verleend en een onderhoudscontract met haar afgesloten voor het softwarepakket ClickOnSite. IT Development heeft aangevoerd dat er in strijd met de licentieovereenkomst wijzigingen zijn aangebracht in de software en heeft op 22.05.2015 inbeslagneming wegens inbreuk laten verrichten ten kantore van de onderneming Coraso, een subcontractant van Free Mobile. Volgens Free Mobile zijn de verzoeken op grond van inbreuk niet ontvankelijk. Daarnaast stelt Free Mobile dat de originaliteit van de software niet is bewezen en dat de handelingen voor beslag inzake inbreuk nietig zijn. Ook stelt Free Mobile dat de aangebrachte wijzigingen alleen betrekking hebben op de eigen database van de licentiehouders en dat de clausule waarin is bepaald dat het softwarepakket niet mag worden gewijzigd in strijd is met de bepalingen van het wetboek van intellectuele eigendom. Deze bepalingen moeten worden geacht niet te zijn geschreven. De rechter in eerste aanleg heeft de vorderingen van IT Development niet-ontvankelijk verklaard. IT Development heeft hiertegen hoger beroep ingesteld en de rechter in tweede aanleg verzocht om een prejudiciële vraag te stellen aan het Hof. In eerste aanleg waren de verzoeken van IT Development uitsluitend gebaseerd op inbreuk. In hoger beroep zijn zij subsidiair tevens gebaseerd op de contractuele aansprakelijkheid.

IT 2688

Geen verbod op MyTelio app, geheimhouding communicatie advocaat-client voldoende gewaarborgd

Rechtbank 5 dec 2018, IT 2688; ECLI:NL:RBDHA:2018:14327 (MyTelio), http://www.itenrecht.nl/artikelen/geen-verbod-op-mytelio-app-geheimhouding-communicatie-advocaat-client-voldoende-gewaarborgd

Vzr. Rechtbank Den Haag 5 december 2018, IT 2688; ECLI:NL:RBDHA:2018:14327 (MyTelio) Privacy. Telecomrecht. Via Rechtspraak. Het wordt de Staat niet verboden de zogenoemde MyTelio app in te voeren. Dat heeft de voorzieningenrechter in Den Haag vandaag besloten. Advocaten moeten de MyTelio app gaan gebruiken om terugbel- en afspraakverzoeken met hun gedetineerde cliënt te maken door het inspreken van een voicemailbericht. Nu verloopt dat contact nog via de administraties van de Penitentiaire Inrichtingen. De Staat is van plan het gebruik van de app verplicht te stellen. Verenigingen van strafrechtadvocaten vinden dat door het verplichte gebruik van de app het vrije verkeer tussen advocaten en hun cliënten onrechtmatig wordt belemmerd en hebben daarom de rechter gevraagd de Staat te verbieden de app in te voeren. De voorzieningenrechter is van oordeel dat de geheimhouding van de communicatie tussen advocaat en cliënt voldoende is gewaarborgd. Wel kan het gebruik van de app mogelijk tot praktische problemen leiden waardoor de communicatie wordt bemoeilijkt. De Staat moet echter de gelegenheid krijgen om het nieuwe systeem in te voeren en te laten zien dat het naar behoren functioneert. Van de advocatuur mag daarbij enige souplesse worden verwacht. Op dit moment is onvoldoende aannemelijk dat de verplichte invoering van de app tot onoplosbare structurele problemen zal leiden. Het is van belang dat de communicatie tussen advocaat en cliënt niet wezenlijk wordt belemmerd. Als in de toekomst blijkt dat dit wel het geval is, kunnen eisers alsnog aanspraak maken op maatregelen die het vrije verkeer tussen advocaten en gedetineerde cliënten beter waarborgen.

IT 2687

Klacht wederom afgewezen, 'Tell-a-friend-functie' DeGoedeZaak niet i.s.m. Code e-mail

Overige instanties 27 sep 2018, IT 2687; (Appellant tegen DeGoedeZaak), http://www.itenrecht.nl/artikelen/klacht-wederom-afgewezen-tell-a-friend-functie-degoedezaak-niet-i-s-m-code-e-mail

CvB RCC 27 september 2018, RB 3262; IT 2687; dossiernr. 2018/00489 (Appellant tegen DeGoedeZaak) DeGoedeZaak biedt op haar website de mogelijkheid landelijke petities te steunen door deze te'ondertekenen' met onder meer een e-mailadres. Appellant heeft blijkens de overgelegde stukken twee petities getekend, te weten "Ons geld naar de Groningers, niet naar Shell" en "Red het zonnepaneel". DeGoedeZaak heeft dit telkens per e-mail aan appellant bevestigd en heeft hem daarbij de mogelijkheid geboden de desbetreffende campagnes via Facebook, Twitter of e-mail te delen. Appellant maakt bezwaar tegen het ontvangen van deze bevestigingsmail met de mogelijkheid om een campagne te delen. Bij het ondertekenen van de petities heeft hij door middel van het 'uitzetten van vinkjes' kenbaar gemaakt dat hij geen reclame via e-mail wenst te ontvangen. Appellant stelt dat de onderhavige e-mails door de mogelijkheid van het delen van campagnes 'spam' zijn, en dat zij in strijd met de Code reclame via e-mail 2O12 (Code e-mail) aan hem zijn verzonden.

IT 2686

Bedrijven mogen mensen alleen bij hoge uitzondering met wifitracking volgen

Via AP. Het volgen van mensen op straat, in winkelcentra of stations via hun mobiele apparatuur is voor bedrijven slechts in zeer weinig gevallen toegestaan. Wifitracking en ook andere digitale middelen om personen te volgen zijn slechts onder zeer strikte voorwaarden toegestaan. Het betreft vrijwel altijd een verwerking van persoonsgegevens, waardoor deze volgmethode onder de privacyregels valt. Bedrijven kunnen het digitaal volgen van mensen in de (semi-)openbare ruimte in theorie op drie wettelijke gronden baseren. Naast toestemming zijn dat gerechtvaardigd belang of het uitvoeren van een overeenkomst. Bedrijven moeten dan wel aan strikte voorwaarden voldoen. Ze kunnen echter ook op andere manieren zonder persoonsgegevens en digitale volgapparatuur hun doelen bereiken. De AP heeft na vragen een nadere uitleg over deze normen op haar website gepubliceerd. Lees verder.

IT 2685

SGOA/Hans Frankenprijs 2019

Via SGOA. De SGOA reikt eens per twee jaar een scriptieprijs uit. De scriptieprijs is vernoemd naar Prof. dr. mr. Hans Franken, mede-oprichter van de SGOA, voormalig bestuursvoorzitter van de SGOA, hoogleraar informatierecht aan de Universiteit Leiden en lid van de Eerste Kamer. De Hans Frankenprijs is bedoeld voor de HBO/WO student die in de afgelopen 2 jaar de meest innovatieve afstudeerscriptie op het gebied van ICT-recht heeft geschreven. Onder ICT-recht wordt in dit kader verstaan: ICT-recht inclusief Internetrecht, Telecommunicatierecht en specifieke toepassingsgebieden van het recht in algemene zin op de ICT-sector: zoals ICT-arbeidsrecht, ICT-belastingrecht en ICT-aanbestedingen enz. Maar ook geschilbeslechting, mediation, arbitrage of conflict management op het gebied van ICT.

De winnaar van de Hans Frankenprijs zal door de jury bekend worden gemaakt tijdens een feestelijke bijeenkomst in 2019, het zesde lustrumjaar van de SGOA. Naast een eervolle vermelding, ontvangt de prijswinnaar een bedrag van € 2.500,--. Ook zal de winnende scriptie worden uitgegeven in boekvorm.

Lees het persbericht en het SGOA Hans Frankenprijs reglement. Scriptie insturen kan t/m 30 december 2018.

IT 2684

Schending zorgplicht Betty Blocks leidt door houding de Vastgoedbeschermer tot gedeeltelijke ontbinding

Rechtbank 29 nov 2018, IT 2684; ECLI:NL:RBNHO:2018:10021 (Betty Blocks tegen de Vastgoedbeschermer), http://www.itenrecht.nl/artikelen/schending-zorgplicht-betty-blocks-leidt-door-houding-de-vastgoedbeschermer-tot-gedeeltelijke-ontbind

Rechtbank Noord-Holland 14 november 2018, IT 2684; ECLI:NL:RBNHO:2018:10021 (Betty Blocks tegen de Vastgoedbeschermer) Aanbesteding. Partijen zijn met elkaar in contact gekomen voor de ontwikkeling door Betty Blocks van een softwarematig administratiesysteem voor VGB. Bij het project hebben partijen de Agile-methode toegepast: er wordt niet contractueel volledig vastgelegd wat er op detailniveau precies gebouwd gaat worden, maar er wordt gaandeweg aan de hand van de test-feedback van de opdrachtgever verder afgestemd wat er precies gebouwd gaat worden. Betty Blocks stelt dat VGB toerekenbaar is tekortgekomen omdat zij ten onrechte heeft geweigerd verdere medewerking te verlenen aan uitvoering van de overeenkomst en niet bevoegd was tot (algehele) ontbinding van de overeenkomst over te gaan. Betty Blocks is echter tekortgeschoten in haar zorgplicht jegens VGB. Hierdoor bestond voor VGB de bevoegdheid tot buitengerechtelijk ontbinden van de overeenkomst. Echter is algehele ontbinding niet gerechtvaardigd, vanwege de onder meer onwelwillende houding van VGB ten aanzien van het meerwerk-aanbod. Overeenkomst deels in stand gebleven. 

IT 2683

AP legt Uber boete op voor te laat melden datalek

Autoriteit Persoonsgegevens 6 nov 2018, IT 2683; (Uber datalek), http://www.itenrecht.nl/artikelen/ap-legt-uber-boete-op-voor-te-laat-melden-datalek

AP 6 november 2018, IT 2683; (Uber datalek) Via AP. De Autoriteit Persoonsgegevens (AP) legt Uber B.V. en Uber Technologies, Inc (UTI) een boete van 600.000 euro op voor het overtreden van de meldplicht datalekken. In 2016 vond een datalek bij het Uber-concern plaats waarbij onbevoegden toegang tot persoonsgegevens van klanten en chauffeurs kregen. Het Uber-concern krijgt de boete omdat zij de AP en betrokkenen niet binnen 72 uur na het ontdekken van het lek heeft geïnformeerd. Wereldwijd werden ruim 57 miljoen Uber-gebruikers getroffen door dit datalek onder wie ongeveer 174.000 Nederlanders. Het ging om persoonsgegevens zoals namen, e-mailadressen en telefoonnummers van klanten en chauffeurs.

IT 2682

Grieven falen, geen beroep op dwaling ICT-overeenkomst door ontbreken harde afspraken op schrift

Hof 13 nov 2018, IT 2682; ECLI:NL:GHSHE:2018:467 (ICT-overeenkomst), http://www.itenrecht.nl/artikelen/grieven-falen-geen-beroep-op-dwaling-ict-overeenkomst-door-ontbreken-harde-afspraken-op-schrift

Hof 's-Hertogenbosch 13 november 2018, IT 2682; ECLI:NL:GHSHE:2018:467 (ICT-overeenkomst) Contractrecht. Appellante is een accountacy- en adviesbureau en geïntimeerde een onderneming die diensten verricht op het gebied van IT. Partijen zijn overeengekomen dat appellante het computernetwerk van geïntimeerde gaat onderhouden en dat het netwerk overgezet wordt naar een online werkomgeving. Appellante heeft een door geïntimeerde uitgebrachte offerte voor akkoord ondertekend, evenals een offerte met nadere gepreciseerde prijsafspraken voor een contractsduur van drie jaar. Bestuurster van appellante heeft het voorgestelde systeem getest en heeft akkoord gegeven op het omzetten van haar netwerk naar een online werkomgeving. Vanaf het begin van de werkzaamheden door geïntimeerde zijn er klachten geweest van appellante over verschillende computerproblemen. In eerste aanleg heeft de rechtbank de vordering van appellante tot vernietiging van de overeenkomst op grond van dwaling afgewezen, maar haar vordering toegewezen dat zij voor recht verklaard dat de overeenkomst door buitengerechtelijke ontbinding tot een einde is gekomen. Appellante is veroordeeld aan geïntimeerde te betalen het bedrag uit hoofde van de betalingsverplichtingen voortvloeiend uit de overeenkosmt tot het moment dat deze overeenkomst buitengerechtelijk is ontbonden. Vonnis bekrachtigd, geen beroep op dwaling door ontbreken harde afspraken op schrift. 

IT 2681

Vorderingen afgewezen, boek ondergeschikte rol in debat over sektarisme BTSW

Rechtbank 21 nov 2018, IT 2681; ECLI:NL:RBAMS:2018:8347 (Ik was gek van geluk), http://www.itenrecht.nl/artikelen/vorderingen-afgewezen-boek-ondergeschikte-rol-in-debat-over-sektarisme-btsw

Rechtbank Amsterdam 21 november 2018, IEF 18120; IT 2681; ECLI:NL:RBAMS:2018:8347 (Ik was gek van geluk) Mediarecht. Privacy. BTSW is een coaching/trainingsbureau dat zich bezighoudt met psychologische en zakelijke dienstverlening, met name gericht op topsport en entertainmentwereld. Gedaagde sub 1 heeft het boek "ik was gek van geluk. Verhalen van sektarische bewegingen" geschreven, uitgegeven door gedaagde sub 2. Geschreven is over ervaringen van personen met (vermeend) sekatarische organisaties, die zij heeft geïnterviewd. Het werd uit de handel gehaald, maar in beheer van gedaagde sub 1 in gewijzigde vorm op haar website gepubliceerd. Telegraaf publiceerde een artikel over de commerciële relatie tussen toenmalig technisch directeur van de KNVB (naam 2) en BTSW. Gedaagde sub 1 schreef hierna een tweet, inhoudende: "Al in Ik was gek van geluk beschreef ik hoe naam 2 gehersenspoeld werd door een sekte…." Er volgden diverse landelijke negatieve media-uitingen over sektarisme van BTSW, bij KNVB. Naar oordeel van de rechtbank heeft gedaagde sub 1 door de tweet derden in staat gebracht een verband te leggen tussen de berichtgeving over BTSW en de in het boek beschreven organisatie BSV. Dat ze in haar tweet BTSW of BSV niet heeft genoemd, doet daar niet aan af: uit haar tweet was voldoende af te leiden dat de in het boek beschreven organisatie BSV in werkelijkheid ziet op BTSW. Hierdoor is de gewaarborgde anonimiteit opgeheven. BTSW heeft echter onvoldoende gesteld dat de door haar gestelde schade is veroorzaakt door het handelen van gedaagden. Het boek heeft een ondergeschikte rol gehad in het debat over BTSW. Vorderingen afgewezen.

IT 2680

Vorderingen afgewezen, online melding van doorhaling GZ-psycholoog BIG-register niet onrechtmatig

Rechtbank 24 okt 2018, IT 2680; ECLI:NL:RBMNE:2018:5152 (Doorhaling GZ-psycholoog BIG-register), http://www.itenrecht.nl/artikelen/vorderingen-afgewezen-online-melding-van-doorhaling-gz-psycholoog-big-register-niet-onrechtmatig

Ktr. Rechtbank Midden-Nederland 24 oktober 2018, IT 2680; LS&R 1671; ECLI:NL:RBMNE:2018:5152 (Doorhaling GZ-psycholoog BIG-register) Privacy. Gezondheidszorg. De inschrijving van eiser als GZ-psycholoog is in het BIG-register doorgehaald, vanwege het onderhouden van een relatie met een cliënte. Het is hem niet meer toegestaan als GZ-psycholoog te afficheren of daaraan verbonden werkzaamheden te verrichten. Gedaagde heeft een door haar genoemde Zwarte Lijst gepubliceerd waarop namen van artsen en andere functionarissen uit de gezondheidszorg worden vermeld die volgens gedaagde kort gezegd hun wettelijke zorgplicht schenden, waaronder van artsen die uit het CTG en/of BIG-register zijn geschrapt. In navolging hiervan heeft zij eiser vermeld op haar website, inclusief de AGB-code van de praktijk en zorgverlener, en het KvK-nummer. Haar uitingen zijn van feitelijke aard en niet feitelijk onjuist. Dat de tijdelijke arbeidsovereenkomst van eiser niet is verlengd, brengt geen onaanvaardbare schending van de persoonlijke levenssfeer van hem mee. De doorhaling is te wijten aan zijn eigen gedrag en vermelding ervan is openbaar, en doorhaling heeft alleen gevolg voor zijn functie als GZ-psycholoog. Vorderingen afgewezen.

IT 2679

Nationaal Reclamerechtcongres

Wat bracht 2018 en wat brengt 2019 ons op het gebied van het Reclamerecht? Wat waren the greatest hits in vergelijkende en misleidende reclame? Welke privacyregels gelden bij behavioral targeting? Hoe denken Stichting Varkens in Nood, Albert Heijn en Unilever over het thema duurzaamheid in reclame? En: welke acties kunt u verwachten van de Autoriteit Consument en Markt, - en van de sector zelf -, waar het gaat om de positie van on- en offline consumenten?

Dit zijn enkele van de onderwerpen die aan de orde komen tijdens het Nationaal Reclamerechtcongres van deLex op donderdag 13 december 2018. Tijdens deze dag praten vooraanstaande juristen uit advocatuur en bedrijfsleven u bij over actualiteiten in het (inter)nationale reclamerecht. Met in de middag een paneldiscussie over duurzaamheid en reclame, en ter afronding de visie van ondernemer Jip Samhoud op het gebruik van reclame in virtual reality.

De sprekers zijn: Ebba Hoogenraad, Anne-Jel Hoelen, Miranda Top-Sarneel, Soraya Belghazi, Willem Leppink en Jip Samhoud. Aan het panel nemen deel: Anne-Jel Hoelen (ACM), Hans Baaij (Stichting Varkens in Nood), Simone Pelkmans (Unilever), Karen Werger (Albert Heijn)

Het programma is samengesteld door Willem Leppink en Ebba Hoogenraad. Meer informatie over het programma en inschrijven vindt u hier

IT 2678

Verzoek vader toegewezen, vlogs met zijn minderjarigen niet toegestaan door onbestreden risico's

Rechtbank 1 okt 2018, IT 2678; ECLI:NL:RBDHA:2018:13105 (Privacy kinderen vlogs), http://www.itenrecht.nl/artikelen/verzoek-vader-toegewezen-vlogs-met-zijn-minderjarigen-niet-toegestaan-door-onbestreden-risico-s

Rechtbank Den Haag 1 oktober 2018, IEF 18115; IT 2678; ECLI:NL:RBDHA:2018:13105 (Privacy kinderen vlogs) Mediarecht. Privacy. Partijen zijn gehuwd geweest en ouders van twee minderjarige kinderen. Vader verzoekt in verband met recht op privacy van zijn kinderen alle videologboeken ("vlogs") waarin de kinderen (deels) te zien of te horen zijn en welke door de moeder op Youtube en/of Instagram zjin geplaatst, te verwijderen en verwijderd te houden. Vader wil zijn kinderen beschermen tegen het mogelijk worden van object van pedofilie of pestgedrag. Moeder wil, als buitenlandse moeder die in Nederland woonachtig is, laten zien aan haar volgers hoe de Nederlandse cultuur is, en met name de Nederlandse opvoeding. In het begin kreeg ze immers zijn toestemming. Ze stelt dat de kinderen opgroeien in een wereld met social media, waarin de moeder probeert bij te dragen. Of foto's of filmpjes op internet geplaatst worden, is een kwestie waarover de ouders samen dienen te beslissen.  Onvoldoende is bestreden dat het door vader gevreesde risico op pestgedrag en nadelige gevolgen voor het later functioneren in het sociaal maatschappelijk verkeer, en in mindere mate objectivering voor pedofielen, zich voor zal doen. Dit is een risico verre van denkbeeldig. Gelet op de leeftijd van de kinderen, 4 en 2, gaat de rechtbank ervan uit dat hun begripsvermogen en leefomgeving nog niet zodanig zijn dat zij al bewust blootgesteld hebben kunnen worden aan vlogs te herleiden pestgedrag, al zou dit in de toekomst wel kunnen. Vorderingen toegewezen.

IT 2677

Zoekresultaten Google plagiaat bekend schrijver niet onrechtmatig: belang mogelijke werkgevers prevaleert

Rechtbank 14 nov 2018, IT 2677; ECLI:NL:RBMNE:2018:5594 (Verzoeker tegen Google), http://www.itenrecht.nl/artikelen/zoekresultaten-google-plagiaat-bekend-schrijver-niet-onrechtmatig-belang-mogelijke-werkgevers-preval

Rechtbank Midden-Nederland 14 november 2018, IT 2677; ECLI:NL:RBMNE:2018:5594 (Verzoeker tegen Google) Privacy. Bij het opgeven van de naam van verzoeker, bekend schrijver, als zoekterm in Google Search worden verschillende zoekresultaten weergegeven. Advocaat van verzoeker heeft Google verzocht een tiental URL's te verwijderen. Dit verzoek heeft Google afgewezen. Verzoeker voert aan dat hij achtervolgd wordt door een conflict dat hij vanaf 1996 met A heeft: A heeft verzoeker in een van zijn boeken beschuldigd van vervalsen van academische titels. Verzoeker stelt dat hij door negatieve uitlatingen geen baan vinden in zijn branche, de gegevensverwerking op Google langer duurt dan noodzakelijk is, en dat zijn reputatiebelang prevaleert boven het recht van Google. Google stelt dat de zoekresultaten niet onjuist, irrelevant of bovenmatig zijn voor het doeleind van Google: het aanbieden van een zoekmachine. De inhoud van de bronpagina's hebben geen betrekking op de het privéleven van verzoeker, maar op zijn professionele optreden. In een civiele procedure is voldoende aannemelijk geacht dat verzoeker de academische titels niet toekwam. Verzoeker wil als docent aan de slag en het publiek heeft er belang bij om berichtgeving te kunnen vinden over het plagiaat, om een eigen afweging te kunnen maken. De afwijzende reacties op de sollicitaties illustreren ook het belang van (mogelijke) werk- en opdrachtgevers in de branche. Het belang van Google en van internetgebruikers prevaleert boven het belang van verzoeker. 

IT 2674

Rectificatie uitlatingen mede-organisator spookhuisevent The Wall Utrecht onnodig, te lang geleden

Rechtbank 30 okt 2018, IT 2674; ECLI:NL:RBGEL:2018:4627http://www.itenrecht.nl/artikelen/rectificatie-uitlatingen-mede-organisator-spookhuisevent-the-wall-utrecht-onnodig-te-lang-geleden

Rechtbank Gelderland 30 oktober 2018, IEF 18105; IT 2674; ECLI:NL:RBGEL:2018:4627 (Spookhuisevent The Wall) Mediarecht. Privacy. Gedaagde sub 1 is via A in contact gekomen met eiser sub 1 en sub 2 over het organiseren van een spookhuisevent in winkelcentrum The Wall Utrecht. Na het event is een geschil ontstaan over financiële afwikkeling. Advocaat van eisers heeft bij sommatiebrief aan gedaagde sub 1 en sub 2 geschreven om lasterlijke en beledigende uitingen die zij hebben gedaan, te verwijderen. Zij hebben daar geen gehoor aan gegeven. Gedaagde sub 1 en gedaagde sub 2 zijn live in de radio-uitzending van het programma Zwarte Prietpraat op NPO Radio 1 geweest en hebben zich negatief uitgelaten over eisers. In het AD en de Gelderlander is te lezen dat het spookhuisevent van gedaagde sub 1 is en dat het een zakelijk succes is geweest. De samenwerking duidt niet aan dat het een juridische vorm heeft aangenomen. Zou dat het wel, dan vinden de betitelingen als oplichters geen grond op de feiten. Niet kan worden gezegd of door de publicaties in de kranten dat de eer of goede naam van eiser sub 1 en sub 2 schaden. Een rectificatie van de andere publiekelijke uitlatingen die wel onrechtmatig zijn bevonden is niet nodig en passend. De radio-uitzending was al een tijd geleden en zal waarschijnlijk niet bekend zijn bij het publiek. Gedaagde sub 1 en 2 wordt verboden in de toekomst soortgelijke beschuldigingen te doen. Partijen worden over en weer in het ongelijk gesteld, proceskosten worden gecompenseerd.

IT 2676

Beroep pari delicto-regel KPN faalt: schending ene norm geeft nog steeds optie optreding schending andere norm

Hof 6 nov 2018, IT 2676; ECLI:NL:GHDHA:2018:2885 (KPN en Telfort tegen Belcentrale.nl), http://www.itenrecht.nl/artikelen/beroep-pari-delicto-regel-kpn-faalt-schending-ene-norm-geeft-nog-steeds-optie-optreding-schending-an

Hof Den Haag 6 november 2018, IT 2676; ECLI:NL:GHDHA:2018:2885 (KPN en Telfort tegen Belcentrale.nl) Telecomrecht. Door opmerkelijke  marktmacht van KPN is zij verplicht tot "Wholesale Line Rental": zij moet concurrenten op haar netwerk toelaten zodat afnemers voor vaste telefonie kunnen overstappen naar een alternatieve aanbieder. ACM heeft het proces van zelfregulering geleid en een definitief voorstel geformuleerd onder de naam "Totaalpakket maatregelen ter verbetering van WLR-proces". KPN en Telfort houden zich op vrijwillige basis aan deze regels. Belcentrale was door de voorzieningenrechter geboden om met onmiddellijke ingang uitsluitend klanten over te zetten indien klanten hun instemming hebben gegeven. Het gerechtshof heeft het vonnis vernietigd maar Belcentrale geboden maatregelen te nemen om te waarborgen dat zij niet onrechtmatig jegens KPN c.s. handelt bij een telefonische poging tot overname van een klant. KPN heeft per brief meegedeeld aan Belcentrale een neutrale afscheidsbrief te sturen naar klanten die op basis van WLR overstappen naar Belcentrale voordat de overstap heeft plaatsgevonden. KPN handelt in strijd met het Totaalpakket door de afscheidsbrief vóór de handover naar een andere provider te sturen. De door KPN aangevoerde pari delicto-regel geldt niet, omdat daaruit niet volgt dat schending van de ene norm uit een pakket van maatregelen meebrengt dat tegen schending van een andere norm niet kan worden opgetreden. KPN heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat de omvang van de schending op dit moment nog dusdanig is dat die een voldoende rechtvaardiging vormt voor schending van de regels door KPN c.s. met betrekking tot alle eindgebruikers voor wie Belcentrale de omschakeling zorgt. Bestreden vonnis bekrachtigd.

IT 2675

Stichting Museumkaart moet gegevens museumkaarthouder verstrekken i.v.m. algemeen belang correcte belastingheffing

Rechtbank 15 nov 2018, IT 2675; ECLI:NL:RBAMS:2018:8138 (Staat tegen Stichting Museumkaart), http://www.itenrecht.nl/artikelen/stichting-museumkaart-moet-gegevens-museumkaarthouder-verstrekken-i-v-m-algemeen-belang-correcte-bel

Rechtbank Amsterdam 15 november 2018, IT 2675; ECLI:NL:RBAMS:2018:8138 (Staat tegen Stichting Museumkaart) Privacy. Aan de museumkaart is een account gekoppeld waarop persoonsgegevens over de houder worden geregistreerd en waarop bezoekgegevens worden bijgehouden. Uit hoofde van haar bedrijfsactiviteiten beschikt de Stichting hierover. De Staat heeft gegevens gevraagd in het kader van woonplaatsonderzoek o.g.v. art. 4 AWR. De Stichting heeft de gegevens niet verstrekt. De Belastingdienst heeft terecht gesteld dat het bepaalde in art. 6 AVG voldoende grond biedt voor het opvragen en verwerken van de gevraagde informatie. Het belang van betrokkene bij het privé houden van gegevens omtrent zijn/haar museumbezoek dient te wijken voor het algemeen belang van correcte belastingheffing. Vorderingen toegewezen.

IT 2673

Facebookbericht oplichterij liefdadigheidsbingo voor crowdfundingsactie rolstoelbus onrechtmatig verklaard, veroordeling in proceskosten

Rechtbank 17 okt 2018, IT 2673; ECLI:NL:RBZWB:2018:6321 (Crowdfundingsactie rolstoelbus), http://www.itenrecht.nl/artikelen/facebookbericht-oplichterij-liefdadigheidsbingo-voor-crowdfundingsactie-rolstoelbus-onrechtmatig-ver

Rechtbank Zeeland-West-Brabant 17 oktober 2018, IEF 18101; IT 2673; ECLI:NL:RBZWB:2018:6321 (Crowdfundingsactie rolstoelbus) Mediarecht. Privacy. Gedaagde is op Facebook een crowdfundingsactie gestart voor de aanschaf van een rolstoelbus voor zijn gehandicapte zoon X. De vrouw van eiser heeft hem via Facebook aangeboden een liefdadigheidsbingo te organiseren, maar deze heeft niet plaatsgevonden. Gedaagde heeft vervolgens op 5 juli 2017 op zijn Facebookpagina een bericht met foto van eiser en zijn vrouw geplaatst waarin hij vermeldt dat ze oplichters zijn. Hij heeft het bericht verwijderd. De voorzieningenrechter oordeelde dat er minstens 30 dagen een rectificatie op zijn Facebookpagina moest staan. Op 6 september 2017 heeft gedaagde nog een bericht geplaatst waarin hij vermeldt dat er ten ronde gaat dat zijn familie oplichters zijn en dit niet zo is. Over dit geschil is ook een televisie-uitzending geweest van SBS "Stegeman op de Bres". Omdat het bericht van 5 juli 2017 niet steunt op de feiten, heeft gedaagde onrechtmatig gehandeld. Omdat in het bericht van 6 september 2017 de naam van eiser niet is genoemd en het bericht van 5 juli 2017 al twee maanden was verwijderd en mensen het bericht waarschijnlijk niet koppelen aan eiser, is het bericht niet onrechtmatig. De televisie-uitzending was eveneens niet onrechtmatig, eiser, zijn vrouw en zijn woning zijn niet in beeld verschenen. Vordering gedeeltelijk toegewezen. 

IT 2672

Vrij verkeer van gegevens: EU neemt nieuwe regels aan

Persbericht: De Raad gaf vandaag zijn goedkeuring voor de hervorming die belemmeringen voor het vrije verkeer van niet-persoonsgebonden gegevens in de EU zal wegnemen. De nieuwe regels moeten de data-economie en de ontwikkeling van nieuwe technologieën, zoals grensoverschrijdende autonome systemen en artificiële intelligentie, stimuleren. Op 19 juni 2018 werd een voorlopig akkoord met het Europees Parlement bereikt.