IT 3721

Migratie naar glasvezelnetwerk kan zonder vertraging plaatsvinden

Vrz. Rechtbank Rotterdam 11 november 2021, IT 3721; ECLI:NL:GHDHA:2053 (T-Mobiele tegen KPN) Kort geding. KPN heeft een landelijk dekkend kopernetwerk en is druk bezig met de uitrol van een glasvezelnetwerk. KPN bedient met haar netwerk zowel eigen retailklanten als wholesaleklanten (andere telecomaanbieders) vanuit de afdeling KPN Wholesale. In het kader van het wholesalegebruik door T-Mobile van het kopernetwerk van KPN hebben partijen verschillende toegangsovereenkomsten gesloten. T-Mobile vordert KPN te verplichten haar dienstverlening over koper aan T-Mobile op de gebruikelijke wijze voort te zetten tot minimaal 1 januari 2025. T-Mobile heeft dit kort geding ingesteld vanwege de functionele, tarief- en kostenmatige en operationele problemen die zij stelt te ondervinden als gevolg van de door KPN aangekondigde en deels al ingezette uitfasering van koperaansluitingen en de migratie naar glasvezelaansluitingen. Volgens KPN bevat de dagvaarding veel misvattingen en onjuiste suggesties. Zij stelt zich daarbij op het standpunt dat T-Mobile nalaat haar stellingen deugdelijk te onderbouwen. De rechtbank wijst de vorderingen van T-Mobile af omdat deze onvoldoende zijn onderbouwd.

4.11. Dit alles heeft tot gevolg dat de voorzieningenrechter van T-Mobile, mede gelet op het processuele debat, veel te weinig in handen heeft gekregen om, een zo vergaande voorziening als gevorderd toe te wijzen. Dat moet leiden tot de afwijzing van de vorderingen van T-Mobile. Dat geldt ook voor de meer subsidiaire veegvordering. Die vordering is onbepaalbaar en behoort niet tot de taak van de rechter om invulling te geven aan een voorziening waarmee recht wordt gedaan aan de belangen van T-Mobile.

Dat KPN zich tegen de stellingen van T-Mobile bij tijd en wijle wel erg luchtig heeft verweerd (door, kort gezegd, te stellen: ‘er is geen uitfaserings- en migratieprobleem’) doet nu niet af aan de processuele waarde van haar betwisting. Dat had uiteraard anders gelegen in het geval T-Mobile aan haar adstructieplicht had voldaan. Een belangenafweging en de omstandigheid dat door de vernietiging van het WFA-besluit sprake is van een, zo door T-Mobile aangeduid, reguleringsvacuüm doet aan deze beslissing niet af.