IT 3774

The Privacy Collective niet-ontvankelijk

Rechtbank Amsterdam 29 december 2021, IT 3773; ECLI:NLRBAMS:2021:7647 (The Privacy Collective tegen Oracle en Salesforce) The Privacy Collective (TPC) treedt in deze zaak op ten behoeve van Nederlandse internetgebruikers. Zij stelt dat de softwarebedrijven Oracle en Salesforce de privacy van 10 miljoen Nederlandse internetgebruikers hebben geschonden. De wijze waarop dat volgens TPC is gebeurd, wordt kort in het vonnis beschreven (2.1-2.3). In deze zaak wordt een schadevergoeding van in totaal 11 miljard euro gevorderd op grond van de Wet afwikkeling Massaschade in collectieve actie (WAMCA). In deze fase van het geding is de voorvraag aan de orde of TPC volgens de regels van de WAMCA ontvankelijk is in haar vorderingen. Daarbij geldt als eis dat een claimstichting moet kunnen aantonen voldoende representatief te zijn. TPC kan echter niet aantonen dat haar vorderingen voldoende door belanghebbenden worden ondersteund. Zij heeft op haar website het volgende vermeld:

“HOEVEEL IS JE PRIVACY JE WAARD? We dagen twee grote techbedrijven voor de rechter om compensatie te eisen voor het grootschalige binnenslepen en verkopen van data van miljoenen Nederlanders, zonder geldige toestemming". Door op de tekst ‘steun met 1 klik’ met het duimpje te klikken konden internetgebruikers hun steun betuigen. Volgens TPC heeft zij op deze wijze ruim 75.000 ‘likes’ verkregen. De rechtbank is van oordeel dat met deze likes niet kan worden vastgesteld dat TPC opkomt voor een voldoende groot deel van de groep getroffen benadeelden. De informatie over de te voeren procedure is daarvoor te vaag. Ook is niet vastgesteld of de personen die de procedure op deze manier steunen wel behoren tot de kring van benadeelden. Bovendien worden geen contactgegevens geregistreerd, zodat TPC geen contact kan onderhouden met haar achterban, terwijl de wet dat wel vereist.De rechtbank biedt TPC geen mogelijkheid dit gebrek nog te herstellen, maar verklaart haar wegens gebrek aan representativiteit niet-ontvankelijk. De rechtbank signaleert ten behoeve van toekomstige soortgelijke zaken de gevoerde discussie over de verhouding van de AVG tot de WAMCA. In deze zaak is de rechtbank aan een beoordeling daarvan niet toegekomen.

5.17. Nu de rechtbank van oordeel is dat het systeem van liken niet voldoet, rijst de vraag of TPC in de gelegenheid moet worden gesteld alsnog aan te tonen dat haar vorderingen door een voldoende grote groep benadeelden wordt ondersteund, zodat zij voldoet aan het representativiteitsvereiste. Die vraag beantwoordt de rechtbank ontkennend.

Met de invoering van de WAMCA heeft de wetgever, zoals reeds overwogen, de ontvankelijkheidseisen voor belangenorganisaties in de zin van artikel 3:305a BW willen aanscherpen, onder andere op het punt van de representativiteit. Het vereiste van representativiteit is een zwaarwegend ontvankelijkheidsvereiste. Gelet daarop en gezien de eisen van een goede procesorde moet terughoudend worden omgegaan met het bieden van een herstelmogelijkheid. Slechts onder bijzondere omstandigheden kan anders worden geoordeeld. Van bijzondere omstandigheden is in dit geval niet gebleken. Oracle en Salesforce hebben conclusies van antwoord over de ontvankelijkheid van TPC als 3:305a-organisatie en de summierlijke (on)deugdelijkheid als bedoeld in artikel 1018c lid 5 Rv genomen en partijen hebben hun standpunten hierover toegelicht tijdens de mondelinge behandeling. TPC heeft volhard in haar standpunt dat haar wijze van verzamelen van steunbetuigingen toereikend is in het kader van het representativiteitsvereiste. Onder deze omstandigheden bestaat geen ruimte om TPC alsnog te laten aantonen dat een rechtens relevante achterban haar vorderingen ondersteunt.