IT 2254

Bieden op internet-kavel is niet doen van bestelling uit de Drank- en Horecawet

Rechtbank Noord-Nederland 14 maart 2017, RB 2833; IT 2254; ECLI:NL:RBNNE:2017:881 (Vereniging Slijtersunie tegen burgemeester van Assen, inzake Catawiki) Eiseres stelt dat belanghebbende gelegenheid biedt tot het doen van bestellingen van sterke drank en reeds daarmee handelt in strijd met artikel 19 van de DHW. Exploiteren van een veilingwebsite waar aan verkopers de mogelijkheid wordt gegeven om – onder meer – sterke drank aan te bieden en te verkopen is niet in strijd met artikel 19, eerste lid, Drank-en Horecawet. Definitie begrip bestelling. Volgens Van Dale Groot Woordenboek wordt onder ‘bestelling’ verstaan ‘opdracht tot levering en bezorging’. Naar het oordeel van de rechtbank kan hetgeen Catawiki met haar veilingwebsite bewerkstelligt, gelet op de gegeven definitie, niet worden aangemerkt als het gelegenheid geven tot het doen van een bestelling. Catawiki biedt slechts een platform of technische faciliteit waar (individuele) aanbieders in kavels ter veiling kunnen aanbieden. Doen van een bod op een kavel leidt niet rechtstreeks tot koop en levering of bezorging en voldoet niet aan het begrip 'bestelling'.    

3.4.1 Ten aanzien van de eerste rechtsvraag overweegt de rechtbank als volgt.

Niet betwist is dat in de DHW geen definitie is opgenomen van het begrip ‘bestelling’. Anders dan eiseres is de rechtbank van oordeel dat dient te worden aangesloten bij hetgeen daaronder in het dagelijkse spraakgebruik wordt verstaan. Volgens Van Dale Groot Woordenboek wordt onder ‘bestelling’ verstaan ‘opdracht tot levering en bezorging’.

Naar het oordeel van de rechtbank kan hetgeen [derde belanghebbende] met haar veilingwebsite bewerkstelligt, gelet op de gegeven definitie, niet worden aangemerkt als het gelegenheid geven tot het doen van een bestelling. Daarvoor is van belang dat het niet [derde belanghebbende] zelf is die sterke drank aanbiedt op haar site, maar individuele particuliere aanbieders die daarvoor gebruik maken van de site van [derde belanghebbende] . [derde belanghebbende] biedt slechts een platform of technische faciliteit waar aanbieders sterke drank in de vorm van zogenoemde kavels, ter veiling kunnen aanbieden. De aanbieder bepaalt wat hij aanbiedt en in welke vorm, tegen welke prijs, in welk land en onder welke voorwaarden. [derde belanghebbende] heeft hier geen invloed op. Belangstellenden kunnen vervolgens biedingen plaatsen om de kavel te kunnen kopen. Slechts degene die het hoogste bod heeft geplaatst kan een aangeboden kavel kopen, waarbij overigens soms nog aan nadere voorwaarden moet worden voldaan, zoals bijvoorbeeld het betalen van een minimumprijs.

De koopovereenkomst wordt vervolgens gesloten tussen de aanbieder van een kavel en degene die een bod daarop heeft gedaan. [derde belanghebbende] is daarbij geen partij. [derde belanghebbende] heeft de goederen voorts niet onder zich en speelt geen enkele rol bij de levering van een kavel bestaande uit sterke drank. De aanbieder levert een kavel na betaling aan de koper.

Nu het doen van een bieding op een aangeboden kavel niet rechtstreeks leidt tot koop en levering of bezorging daarvan is, gelet op de gegeven definitie van het begrip ‘bestelling’, naar het oordeel van de rechtbank geen sprake van het gelegenheid geven tot het doen van een bestelling als bedoeld in artikel 19 van de DHW. Hetgeen eiseres hieromtrent overigens nog heeft aangevoerd kan niet tot een ander oordeel leiden.

3.4.2 Niet in geschil is dat [derde belanghebbende] geen sterke drank op bestelling aflevert of doet afleveren. Nu gelet op hetgeen hiervoor is overwogen [derde belanghebbende] ook geen gelegenheid geeft tot het doen van bestellingen van sterke drank, komt de rechtbank aan de vraag of de in artikel 19 van de DHW neergelegde voorwaarden afzonderlijk of enkel in onderlinge samenhang gelden, niet toe.