IT 3960

Afweging persoonlijke levenssfeer en noodzaak volledig krantenarchief

Rb. Amsterdam 28 april 2022, IT 3960; ECLI:NL:RBAMS:2022:2342 (Eiseres tegen gedaagde) Gedaagde is een uitgever van drie nieuwsmedia. Op 4 juni 2014 heeft hij op haar websites het politiebericht omtrent de vermissing van eiseres laten plaatsen. Eiseres heeft vervolgens op grond van art. 17 AVG aan gedaagde verzocht om de vermelding van haar persoonsgegevens te verwijderen. De Amsterdamse rechter concludeert dat er een afweging moet worden gemaakt tussen eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer van eiseres en de noodzaak van een volledig en betrouwbaar archief van een krant. Door gedeeltelijke toewijzing van de subsidiaire vordering wordt toegekomen aan beide belangen van partijen.

4.6. [gedaagde] heeft het belang van [eiseres] bij wissing van de gegevens, gelegen in haar persoonlijke levenssfeer, op zichzelf niet betwist. Wel heeft zij terecht gewezen op de noodzaak dat de – digitale – krant een volledig en betrouwbaar archief heeft. Dat staat aan toewijzing van de primaire vordering in de weg.

4.7. Aan de belangen van beide partijen kan echter tegemoet worden gekomen, door (gedeeltelijke) toewijzing van de subsidiaire vordering. Als in het voor publiek via internet vrij toegankelijke archief de naam van [eiseres] wordt vervangen door haar initialen en haar gezicht onherkenbaar wordt gemaakt, is zij immers niet meer vindbaar via zoekmachines op het (openbare) internet, wat nu nog wel het geval is. Anderzijds blijft het artikel, bij deze beperkte ingrepen, in hoofdzaak intact. Bovendien is aannemelijk dat het technisch mogelijk is om het volledige artikel voor een bepaald publiek (bijvoorbeeld slechts op aanvraag) beschikbaar te houden, indien [gedaagde] dat voor de archieffunctie nodig en wenselijk acht.