IT 3602

Beslissing van gegevensverwerker ondeugdelijk gemotiveerd

Rechtbank Noord-Holland 18 juni 2021, IT 3602; ECLI:NL:RBNHO:2021:6040 (Eiser tegen Minister van Financiën)  Verweerder heeft het verzoek om inzage in zijn persoonsgegevens bij de Belastingdienst op grond van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) afgewezen. Bij beslissing op bezwaar is het verzoek vervolgens slechts gedeeltelijk toegewezen. Eiser komt hiertegen in deze zaak in beroep. Verweerder vindt het verzoek te algemeen, terwijl eiser van mening is dat hij anders niet al zijn persoonsgegevens kan controleren. Verweerder heeft aangevoerd dat zij in meerdere systemen op zoek moet gaan naar de betreffende persoonsgegevens en dat voor sommige systemen slechts autorisatie aan een beperkt aantal personen is toegekend. De rechtbank oordeelt dat de beslissing van verweerder met dit argument ondeugdelijk is gemotiveerd en verklaart het beroep van eiser gegrond.

8. Niet betwist is dat de Belastingdienst een grote hoeveelheid gegevens verwerkt. Ter zitting heeft verweerder toegelicht dat voor het doorzoeken van de vele systemen waarin de Belastingdienst persoonsgegevens verwerkt apart moet worden ingelogd door medewerkers en dat voor sommige systemen, zoals het systeem Fraude Signalering Voorziening (FSV), slechts een beperkt aantal medewerkers geautoriseerd is. Verweerder heeft met die toelichting echter onvoldoende gemotiveerd dat het niet mogelijk zou zijn een zoekslag naar de meest gangbare persoonsgegevens (NAW-gegevens en het BSN) te verrichten in een aantal van de grotere applicaties of systemen. De omstandigheid dat daarvoor per systeem of applicatie moet worden ingelogd of dat niet iedere belastingmedewerker toegang tot een systeem of applicatie heeft, rechtvaardigt zonder nadere motivering niet de conclusie dat dit een onevenredige inspanning vraagt van de Belastingdienst. Het bestreden besluit ontbeert daarmee een deugdelijke motivering en zal om die reden worden vernietigd.

9. De rechtbank zal daarom het beroep gegrond verklaren en het bestreden besluit vernietigen. De rechtbank voorziet daarbij niet zelf in deze zaak, omdat verweerder ofwel nader dient te motiveren dat een zoekslag naar de meest gangbare persoonsgegevens niet mogelijk is, danwel die zoekslag zal moeten verrichten. Verweerder zal daarom een nieuw besluit moeten nemen met inachtneming van deze uitspraak.