Privacy

IT 3338

Invulling van het AVG toestemmingsvereiste

HvJ EU 11 nov 2020, IT 3338; ECLI:EU:C:2020:901 (Orange Romania tegen ANSPDCP), http://www.itenrecht.nl/artikelen/invulling-van-het-avg-toestemmingsvereiste

HvJ EU 11 november 2020, IT 3338, IEFbe 3153; ECLI:EU:C:2020:901 (Orange Romania tegen ANSPDCP) Privacyrecht. Telecomrecht. Orange Romania levert mobiele telecommunicatiediensten op de Roemeense Markt. De Roemeense toezichthoudende autoriteit voor de verwerking van persoonsgegevens heeft een geldboete opgelegd aan Orange Romania, wegens het verzamelen en bewaren van kopieën van identiteitsbewijzen van haar klanten, zonder geldige toestemming. De Roemeense rechter heeft naar aanleiding hiervan prejudiciële vragen gesteld aan het HvJ EU. Geoordeeld wordt dat op grond van art. 4 lid 11 en art. 6 lid 1 sub a AVG, het de verantwoordelijkheid van de verwerker is om aan te tonen dat de betrokkene met een actieve gedraging blijk heeft gegeven van zijn toestemming voor de verwerking van zijn persoonsgegevens en dat de betrokkene vooraf op de juiste wijze is geïnformeerd. Een overeenkomst waarin een beding is opgenomen dat de betrokkene in kennis is gesteld en toestemming heeft gegeven, kan niet aantonen dat de betrokkene op geldige wijze toestemming heeft gegeven wanneer 1) het vakje van het beding vooraf door de verwerkingsverantwoordelijke is ingevuld, 2) het beding de betrokkene kan misleiden omtrent de mogelijkheid om de overeenkomst te sluiten zonder toestemming te geven voor de verwerking van zijn gegevens of 3) de vrije keuze om zich te verzetten tegen het verzamelen van gegevens onnodig wordt aangetast, doordat geëist wordt dat de betrokkene een aanvullend formulier invult waaruit die weigering blijkt.

IT 3337

VoetbalTV hoeft boete AP niet te betalen

Rechtbank 23 nov 2020, IT 3337; ECLI:NL:RBMNE:2020:5111 (VoetbalTV tegen Autoriteit Persoonsgegevens), http://www.itenrecht.nl/artikelen/voetbaltv-hoeft-boete-ap-niet-te-betalen

Rechtbank Midden-Nederland 23 november 2020, IEF 19608, IT 3337; ECLI:NL:RBMNE:2020:5111 (VoetbalTV tegen Autoriteit Persoonsgegevens) Privacyrecht. VoetbalTV is een (inmiddels failliet) internetplatform waarop amateurvoetbalwedstrijden worden uitgezonden. De Autoriteit Persoonsgegevens (AP) vindt dat VoetbalTV voor het maken van opnames en het uitzenden van voetbalwedstrijden geen geldige grondslag heeft en zij verwerkt daarmee dus onrechtmatig persoonsgegevens. Volgens de AP maakt VoetbalTV door de opnames inbreuk op de privacy van een groot aantal betrokkenen, onder wie veel minderjarige voetballers en rechtvaardigt dit een boete van € 575.000,-.

IT 3325

Toch schending Wbp wegens mogelijke reputatieschade

Hof 17 nov 2020, IT 3325; (Gemeente Alkmaar c.s. tegen Zorgvervoercentrale c.s.), http://www.itenrecht.nl/artikelen/toch-schending-wbp-wegens-mogelijke-reputatieschade

Hof Amsterdam 17 november 2020, IEF 19585, IT 3325; C/14/251636 HA ZA 16-763 (Gemeente Alkmaar c.s. tegen Zorgvervoercentrale Nederland c.s.) Privacyrecht. Onrechtmatige publicatie. In eerste aanleg [IEF 17096] is beslist dat de gemeenten aansprakelijk zijn voor de schade die door ZCN c.s. is geleden als gevolg van het onrechtmatig publiceren van een bestand van ZCN c.s. In dit bestand stonden persoonsgegevens van klanten van ZCN c.s. In hoger beroep wordt bevestigd dat ZCN c.s. niet rechtstreeks rechten kunnen ontlenen aan de Wbp met betrekking tot de persoonsgegevens van hun klanten. Wel kwalificeert schending van de Wbp als een schending van een ongeschreven zorgvuldigheidsnorm in de zin van art. 6:162 BW.

IT 3322

Vermelding in het Incidentenregister is rechtmatig

Rechtbank 9 nov 2020, IT 3322; ECLI:NL:RBAMS:2020:5422 (Eiseres tegen ING), http://www.itenrecht.nl/artikelen/vermelding-in-het-incidentenregister-is-rechtmatig

Vzr. Rechtbank Amsterdam 9 november 2020, IT 3322; ECLI:NL:RBAMS:2020:5422 (Eiseres tegen ING) Privacyrecht. Kort geding. ING heeft de bankrelatie met eiseres beëindigd, nadat ING vermoedde dat de bankrekening van eiseres werd gebruikt voor WhatsAppfraude. Vervolgens heeft ING de naam van eiseres opgenomen in het Incidentenregister en het EVR. Eiseres vordert ING te veroordelen haar personalia te verwijderen uit het Incidentenregister en het EVR en de blokkering van haar bankrekening ongedaan te maken. Eiseres heeft de stellingen van ING dat zij heeft meegewerkt aan de fraude onvoldoende gemotiveerd betwist. Voorshands wordt geoordeeld dat ING voldoende zorgvuldig heeft gehandeld. De verwerking van de gegevens ven eiseres in het Incidentenregister is in beginsel rechtmatig op grond van artikel 6 lid 1 aanhef en onder f AVG, omdat eiseres nauw betrokken moet zijn geweest bij de oplichting. Nu bovendien de informatie in het Incidentenregister uitsluitend toegankelijk is voor een beperkt aantal medewerkers van ING, voldoet de registratie ook aan de beginselen van subsidiariteit en proportionaliteit. Eveneens is voldaan aan de toets van artikel 5.2.1. van het PIFI voor registratie in het EVR. De vorderingen van eiseres worden afgewezen.

IT 3316

Verzoek om inzage in persoonsgegevens bij gemeente

Rechtbank 13 aug 2020, IT 3316; ECLI:NL:RBZWB:2020:3789 (Eiser tegen gemeente Bergen op Zoom), http://www.itenrecht.nl/artikelen/verzoek-om-inzage-in-persoonsgegevens-bij-gemeente

Rechtbank Zeeland-West-Brabant 13 augustus 2020, IT 3316; ECLI:NL:RBZWB:2020:3789 (Eiser tegen gemeente Bergen op Zoom) Bestuursrecht. AVG. De heffingsambtenaar van de gemeente Bergen op Zoom heeft besloten op een verzoek van eiser tot inzage in persoonsgegevens op grond van de AVG. Eiser heeft tegen dit besluit bezwaar gemaakt. Op dat bezwaarschrift is niet tijdig beslist. Vervolgens heeft eiser digitaal beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van de beslissing. Op grond van artikel 12 lid 3 AVG moet de verwerkingsverantwoordelijke de betrokkene onverwijld en in ieder geval binnen een maand na ontvangst van het verzoek tot inzage informatie over het gevolg van dat verzoek gegeven. In artikel 34 van de UAVG is bepaald dat een schriftelijke beslissing op het verzoek geldt als een besluit in de zin van de Awb. Het beroep is kennelijk gegrond. Het niet tijdig nemen van een beslissing op bezwaar, dat met een besluit gelijk is te stellen, wordt vernietigd. Gezien de corona-maatregelen, is er sprake van een bijzondere omstandigheid als bedoeld in artikel 8:55d lid 3 Awb. De heffingsambtenaar moet derhalve binnen vier weken alsnog een beslissing op het bezwaar maken.

IT 3313

Perspublicaties over vastgoedondernemer niet onrechtmatig

Rechtbank 28 okt 2020, IT 3313; ECLI:NL:RBNNE:2020:3814 (Eiser tegen NDC Mediagroep), http://www.itenrecht.nl/artikelen/perspublicaties-over-vastgoedondernemer-niet-onrechtmatig

Vzr. Rechtbank Noord-Nederland 28 oktober 2020, IEF 19563, IT 3313; ECLI:NL:RBNNE:2020:3814 (Eiser tegen NDC Mediagroep) Onrechtmatige uiting. Eiser is een vastgoedondernemer. NDC is een uitgeverij van kranten en exploiteert te website Sikkom, een zogenaamde stadsblog gericht op Groningse studenten. Tussen partijen is in geschil of NDC onrechtmatig jegens eiser heeft gehandeld door de publicatie op de website Sikkom van het artikel: "Groninger verhuurder [eiser] zit vast op verdenking van fraude", alsmede door de publicatie van de column: "Column | Peter R. de Vries strijdt in de media tegen criminelen, zijn zoon strijdt namens [eiser] tegen ons".

IT 3300

Voorwaardelijke taakstraf voor publiceren seksfilmpjes van BN'er

Rechtbank 29 okt 2020, IT 3300; ECLI:NL:RBNHO:2020:8698 (Seksfilmpjes BN’er II), http://www.itenrecht.nl/artikelen/voorwaardelijke-taakstraf-voor-publiceren-seksfilmpjes-van-bn-er

Rechtbank Noord-Holland 29 oktober 2020, IEF 19541, IT 3300; ECLI:NL:RBNHO:2020:8698 (Seksfilmpjes BN’er II) Strafrecht. Zie ook [IEF 19537]. Verdachte heeft een filmpje waarin aangever urineert in de mond van aangeefster op de (openbare) vk.com profielpagina van Eendevanger.nl geplaatst. Allereerst wordt geoordeeld dat het OM wegens verjaring niet-ontvankelijk is ten aanzien van het schenden van het portretrecht van aangever en aangeefster. Verdachte wordt wel veroordeeld voor belediging. Door het plaatsen van de expliciete seksfilmpjes heeft verdachte aangeefster opzettelijk in een ongunstig daglicht gesteld en is zij daardoor in haar eer en goede naam aangetast. Meegewogen wordt dat aangeefster een bekende Nederlander is waardoor zij door een grote groep mensen herkend zal worden en de interesse groter zal zijn dan gemiddeld. Dat aangeefster zelf wel eens publiekelijk over seks heeft gesproken en/of naakt heeft geposeerd, doet verder niet aan dit oordeel af. Ook aangever is op dezelfde wijze in eer en goede naam aangetast. Verder wordt geoordeeld dat verdachte opzettelijk inbreuk heeft gemaakt op het auteursrecht van een ander. Verdachte wordt veroordeeld tot een voorwaardelijke taakstraf van 50 uur.

IT 3296

BN'er in eer en goede naam aangetast door seksfilmpjes op Twitter

Rechtbank 29 okt 2020, IT 3296; ECLI:NL:RBNHO:2020:8705 (Seksfilmpjes BN 'er), http://www.itenrecht.nl/artikelen/bn-er-in-eer-en-goede-naam-aangetast-door-seksfilmpjes-op-twitter

Rechtbank Noord-Holland 29 oktober 2020, IEF 19537, IT 3296; ECLI:NL:RBNHO:2020:8705 (Seksfilmpjes BN 'er) Strafrecht. Verdachte heeft het filmpje waarin aangeefster door aangever in haar mond geürineerd wordt op Twitter geplaatst met de tekst # [aangeefster] unplugged” en heeft verklaard dat hij wist dat de vrouw in het filmpje aangeefster betrof. Daarnaast heeft verdachte een tweede filmpje van seksuele aard op Twitter geplaatst, waarin aangeefster en aangever ook zijn te zien. Verdachte heeft over de filmpjes verklaard dat hij filtert wat populair is en dat vervolgens op het internet plaatst. Hij heeft er bij stil gestaan dat het voor degenen op de filmpjes niet prettig zou zijn als het online zou komen te staan. Er wordt geoordeeld dat verdachte door het plaatsen van de expliciete seksfilmpjes aangeefster opzettelijk in een ongunstig daglicht heeft gesteld en zij daardoor in haar eer en goede naam is aangetast.