Gepubliceerd op woensdag 23 september 2026
IT 5532
Rechtbank Zeeland-West-Brabant ||
26 aug 2026,
Rechtbank Zeeland-West-Brabant 26 aug 2026,, IT 5532; ECLI:NL:RBZWB:2026:8462 (Enexis tegen [gedaagde]), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/gebruik-energienetwerk-zonder-leverancierscontract-leidt-tot-ongerechtvaardigde-verrijking

Gebruik energienetwerk zonder leverancierscontract leidt tot ongerechtvaardigde verrijking

Rb. Zeeland-West-Brabant 26 augustus 2026, IT 5532; ECLI:NL:RBZWB:2026:8462 (Enexis tegen [gedaagde]). [gedaagde] heeft in de periode van 6 februari 2024 tot 10 april 2024 op haar adres energie afgenomen zonder dat zij een leveringsovereenkomst met een energieleverancier had. Zij heeft in die periode niet betaald voor het energieverbruik, de aansluiting, het transport van energie en het gebruik van de meetinstallatie. Enexis vorderde daarom € 1.480,97 op grond van onder meer ongerechtvaardigde verrijking. De kantonrechter stelt voorop dat op grond van art. 6:212 lid 1 BW degene die zonder redelijke grond is verrijkt ten koste van een ander, verplicht is de schade van die ander te vergoeden voor zover dat redelijk is. Enexis is volgens de kantonrechter verarmd doordat voor het energieverbruik, de transport- en aansluitkosten en het gebruik van de meetinstallatie geen vergoeding is ontvangen, terwijl [gedaagde] is verrijkt doordat zij daarvan gebruik heeft gemaakt zonder ervoor te betalen. Het verweer dat het door Enexis berekende verbruik niet juist was, slaagt niet. Enexis heeft toegelicht dat het verbruik is vastgesteld aan de hand van het verschil tussen de eindmeterstanden van de eerdere energieleverancier en de beginmeterstanden van de daaropvolgende leverancier. Omdat op het adres een slimme meter aanwezig was, betrof dit volgens Enexis het werkelijke verbruik en geen schatting. [gedaagde] heeft vervolgens onvoldoende onderbouwd waarom het aldus vastgestelde verbruik toch onjuist zou zijn.

Ook de hoogte van het gevorderde bedrag is naar het oordeel van de kantonrechter voldoende onderbouwd. Enexis heeft voor de gehanteerde tarieven aansluiting gezocht bij de tarieven van de grootste energieleverancier in de betreffende plaats en erop gewezen dat deze in lijn lagen met de tarieven die [gedaagde] tijdens haar eerdere energiecontract betaalde. [gedaagde] heeft die toelichting niet weersproken en de kantonrechter acht de berekende kosten niet onredelijk. [gedaagde] wordt daarom veroordeeld tot betaling van € 1.480,97. De wettelijke rente wordt toegewezen vanaf 10 november 2024, vijf dagen na de laatste aanmaning, omdat Enexis onvoldoende duidelijk had onderbouwd waarom van een eerdere ingangsdatum moest worden uitgegaan. De gevorderde buitengerechtelijke incassokosten van € 222,15 worden afgewezen. Het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten is niet van toepassing, omdat de hoofdvordering niet is gegrond op een geldsom die voortvloeit uit een overeenkomst, vaststellingsovereenkomst of verbintenis tot vervangende schadevergoeding. De gestelde buitengerechtelijke werkzaamheden gaan bovendien niet verder dan werkzaamheden die al in de proceskosten zijn begrepen. [gedaagde] wordt veroordeeld in de proceskosten van € 1.047,71 en het vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard.

5.2.

Het staat vast dat Enexis energie heeft geleverd aan [gedaagde] zonder dat zij een vergoeding heeft ontvangen voor het verbruik van energie, de transport- en aansluitkosten en het gebruik van de meetinstallatie. Enexis is daardoor verarmd.

5.3.

Daarnaast staat vast dat [gedaagde] daardoor is verrijkt. [gedaagde] heeft namelijk niet weersproken dat zij in de periode van 6 februari 2024 tot 10 april 2024 gebruik heeft gemaakt van energie aan [adres] in [plaats 2] zonder dat zij daarvoor betaald heeft.

5.4.

Tussen partijen bestaat discussie over het bedrag waarvoor [gedaagde] verrijkt is en de schade van Enexis. Enexis stelt dat [gedaagde] € 1.480,97 moet betalen. Enexis heeft deze vordering onderbouwd met een specificatie die achter haar factuur zit. Daarin is gespecificeerd hoeveel energie [gedaagde] heeft verbruikt en welke kosten Enexis hiervoor in rekening brengt.

5.5.

[gedaagde] heeft het door Enexis berekende verbruik betwist. [gedaagde] voert aan dat Enexis niet inzichtelijk heeft gemaakt op welke meterstanden het door Enexis berekende verbruik is gebaseerd. Volgens [gedaagde] komt het door Enexis genoemde verbruik niet overeen met haar daadwerkelijke verbruik. Zij vergelijkt daarbij de factuur van Energie Direct met haar verbruik tot en met 5 februari 2024 met de factuur van Eneco met haar verbruik vanaf 10 april 2024. [gedaagde] stelt vast dat zij na februari 2024 geen excessief verbruik meer heeft gehad. Naar aanleiding van deze betwisting heeft Enexis gewezen op de eindmeterstanden in de factuur van Energie Direct en de beginmeterstanden in de factuur van Eneco. Het verschil tussen die meterstanden is het verbruik van [gedaagde] , dat op de factuur van Enexis is vermeld. Dit betreft het werkelijke verbruik van [gedaagde] , en niet een schatting van haar verbruik zoals [gedaagde] veronderstelt, daar op het leveringsadres zich een slimme meter bevindt. [gedaagde] heeft in de conclusie van dupliek niet onderbouwd waarom het door Enexis vastgestelde verbruik desondanks onjuist is. Enexis heeft het verbruik van [gedaagde] naar het oordeel van de kantonrechter aldus voldoende onderbouwd.

5.6.

[gedaagde] heeft verder aangevoerd dat onduidelijk is hoe Enexis het door haar gevorderde bedrag heeft berekend, zodat zij de vordering niet kan controleren. In de conclusie van repliek heeft Enexis gewezen op de in de specificatie genoemde tarieven. Enexis heeft toegelicht dat zij voor deze tarieven aansluiting heeft gezocht bij de tarieven van de grootste energieleverancier in [plaats 2] . Enexis benadrukt ook dat de door haar gehanteerde tarieven in lijn liggen met de tarieven die [gedaagde] betaald heeft tijdens het contract met Energie Direct. [gedaagde] heeft deze uitleg over de berekening van het gevorderde bedrag niet weersproken.