IT 3584

Geen belang bij camerabeelden tramaanslag

Rechtbank Den Haag 4 mei 2021, IT 3584; ECLI:NL:RBDHA:2021:5959 (Eiser tegen de Staat) Eiser was ter plekke aanwezig tijdens een aanslag in de tram in Utrecht in maart 2019. Beelden van de aanslag, waarop eiser te zien is, zijn tijdens het strafproces in de rechtszaal getoond. Eiser vordert, dat het Ministerie van Veiligheid en Justitie hem de beelden verstrekt of dat hij inzage krijgt in de beelden. Volgens de rechtbank heeft eiser niet voldoende kunnen onderbouwen waarom inzage in de camerabeelden goed is voor zijn verwerkingsproces. Ook moeten de (overige) slachtoffers en nabestaanden beschermd worden. Zodoende heeft eiser niet voldoende belang bij zijn vordering. 

4.3. Dit kan echter niet kan worden aangemerkt als een spoedeisend belang bij toewijzing van het in dit geding gevorderde. In het vonnis van 27 februari 2020 is al overwogen dat in de artikel 12-procedure nader onderzoek gedaan kan worden en dat het ook mogelijk is om daarbij informatie te betrekken die er wel is maar (nog) geen onderdeel uitmaakt van het strafdossier. De procedure van artikel 12 Sv is in zijn algemeenheid een met voldoende waarborgen omklede rechtsgang (Hoge Raad, 10 oktober 1997, NJ 1998/65), waarmee [eiser] kan bewerkstelligen wat hij met de gevorderde inzage beoogt in het kader van die procedure. Dat is voor de voorzieningenrechter in het vorige kort geding redengevend geweest om [eiser] niet in zijn vorderingen te ontvangen. De omstandigheid dat in die artikel 12-procedure op korte termijn een mondelinge behandeling plaatsvindt, kan dan ook geen reden vormen om in dit geding aan te nemen dat [eiser] spoedeisend belang heeft bij zijn vorderingen.

4.7. [eiser] heeft nog steeds niet onderbouwd – bijvoorbeeld door middel van een verklaring van een psycholoog of psychiater – dat inzage in de gevraagde beelden daadwerkelijk van belang is voor zijn verwerkingsproces. In zoverre is ook thans voorshands niet duidelijk of de beelden [eiser] echt verder zouden helpen en kan het gestelde belang in deze procedure niet worden aangenomen.