IT 2882

Marktplaats hoeft geen persoonsgegevens van andere gebruiker te verstrekken

Rechtbank Amsterdam 20 september 2019, IT 2882; (Verkoper tegen Marktplaats) Marktplaats expoiteert een website waarop goederen en diensten te koop worden aangeboden in advertenties. Eiser heeft een advertentie op Marktplaats geplaatst tot verkoop van een verzameling postzegels. In augustus 2018 ontvangt eiser een bericht van een zekere X die 6.000,00 biedt. Eiser reageert met bod is akkoord en geaccepteerd. X geeft later te kennen de verzameling toch niet te willen kopen. Eiser heeft Marktplaats tevergeefs om de persoonsgegevens van X verzocht. Geoordeeld wordt dat Marktplaats, als internettussenpersoon, aan eiser geen persoonsgegevens van een andere gebruiker hoeft te verstrekken omdat eiser geen gerechtvaardigd belang heeft in de zin van art. 6(1)(f) AVG. Marktplaats wijkt in haar algemene gebruiksvoorwaarden op rechtsgeldige wijze af van het wettelijk regime voor de totstandkoming van overeenkomsten, meer specifiek voor aanbod en aanvaarding (§ 4.2). Deze voorwaarden binden de gebruikers.

4.1. De kantonrechter neemt tot uitgangspunt dat eiser geen gerechtvaardigd belang heeft bij verstrekking van de persoonsgegevens en Marktplaats tot verstrekking daarvan dus niet kan worden gehouden (laat staan schadeplichtig is), indien niet tenminste uit de beschikbare feiten en omstandigheden van dit geval met voldoende mate van zekerheid valt af te leiden dat tussen eiser en X een overeenkomst tot stand is gekomen. Eiser legt die vermeende overeenkomst ook zelf als basis voor zijn vorderingen op Marktplaats.

4.2. Het verweer dat die overeenkomst niet tot stand is gekomen, slaagt. Uit artikel 5. 1. van de Gebruiksvoorwaarden blijkt immers ondubbelzinnig dat biedingen via Marktplaats niet bindend zijn, in die zin dat een bod dat door de adverteerder wordt geaccepteerd, de bieder nog niet verplicht tot koop. Niet betwist is dat er naar aanleiding van zijn bod namens gebruiker een geautomatiseerd bericht naar eiser is gestuurd, als hiervoor genoemd onder 2.3. Dat bod bond dus nog niet, ondanks de acceptatie door eiser.
 Uit de "conversatie" die daarna tussen hen is gevolgd, valt niet alsnog het bereiken van overeenstemming af te leiden. Het moet er dus voor worden gehouden dat die er ook niet was. Anders dan eiser kennelijk meent, mag Marktplaats wel degelijk de spelregels van handelen via Marktplaats bepalen, wat er ook zij van algemene regels van aanbod en aanvaarding. Bieders als X moeten bovendien op de gelding van die spelregels kunnen vertrouwen, in die zin dat zij niet achteraf worden gehouden aan biedingen waaromtrent Marktplaats vooraf had bepaald dat die niet bindend zijn.