Hof Amsterdam: 48 maanden gevangenisstraf voor phishinggerelateerde fraude, computervredebreuk en gewoontewitwassen
Hof Amsterdam 18 augustus 2026, IT 5522; ECLI:NL:GHAMS:2026:2280 ([verdachte] tegen het Openbaar Ministerie). De verdachte is in hoger beroep veroordeeld voor een groot aantal strafbare feiten die hij in de periode van 2017 tot en met 2024 alleen of samen met anderen heeft gepleegd. Het gaat onder meer om het verwerven en voorhanden hebben van door misdrijf verkregen niet-openbare gegevens, het verspreiden van gegevens die bestemd waren voor oplichting en diefstal met een valse sleutel, het voorhanden hebben van phishingpanels, medeplegen van oplichting, diefstal met een valse sleutel en computervredebreuk, ticketfraude, het aanwezig hebben van lachgas, gewoontewitwassen van in totaal € 277.758,16 en het besturen van een auto terwijl de geldigheid van zijn rijbewijs was geschorst. Bij de phishinggerelateerde feiten werden onder meer persoonsgegevens en inloggegevens van slachtoffers verkregen. Verdachte en zijn mededaders deden zich vervolgens onder meer voor als postbezorger om legitimatiebewijzen te scannen en toegang tot internetbankieren te verkrijgen. Het hof verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in zijn hoger beroep voor zover dit is gericht tegen enkele partiële vrijspraken van de rechtbank bij de feiten 4, 7 en 9. Deze zijn volgens het hof beschermde vrijspraken in de zin van art. 404 lid 5 Sv. Het hof komt daarnaast voor de feiten 1, 2, 4 en 7 tot kortere bewezenverklaarde pleegperiodes dan de rechtbank. Zo acht het hof de heling van niet-openbare gegevens bewezen vanaf 20 december 2020, het verspreiden daarvan vanaf 31 oktober 2023, het medeplegen van oplichting vanaf 7 augustus 2024 en de ticketfraude vanaf 19 juli 2024.