IT 3691

Onvoldoende onderbouwd dat loggingsgegevens zijn opgeslagen

Rechtbank Gelderland 20 oktober 2021, IT 3691; ECLI:NL:RBGEL:2021:5596 (Eiser A tegen het CIZ) Bestuursrecht. Eiser heeft het CIZ verzocht hem een volledig overzicht te vertrekken van alle gegevens die verwerkt zijn, met inbegrip van de loggegevens. Deze vertrekking is volgens eiser niet volledig, omdat de loggingsgegevens niet verstuurd zijn. CIZ heeft verklaard dat deze niet zijn opgeslagen, en daarom niet verstrekt kunnen worden. In deze zaak onderbouwd eiser onvoldoende waarom er twijfel bestaat dat CIZ de gegevens wél zou hebben opgeslagen. Daarnaast heeft het CIZ ook geweigerd om persoonsgegeven van de moeder van eiser te verstrekken, nu alleen een door de kantonrechter benoemde mentor als derde dit kan opvragen. Eiser is dit niet en een volmacht volstaat in deze situatie niet. De rechtbank gaat op beide vlakken mee in de redenatie van het CIZ en verklaart het beroep van eiser ongegrond. 

5. Op grond van artikel 15 van de AVG heeft de betrokkene het recht om van de verwerkingsverantwoordelijke uitsluitsel te verkrijgen over het al dan niet verwerken van hem betreffende persoonsgegevens en, wanneer dat het geval is, om inzage te verkrijgen van die persoonsgegevens en van de informatie die in dat artikel onder a. tot en met h is beschreven.

Verweerder heeft verklaard dat, waar het de persoonsgegevens van eiser betreft, geen loggingsgegevens zijn opgeslagen. Die kunnen dus ook niet verstrekt worden. Eiser onderbouwt niet waarom daaraan zou moeten worden getwijfeld. Eiser heeft nog wel betoogd dat verweerder loggingsgegevens zou moeten opslaan en heeft verwezen naar de Wet inzake de geneeskundige behandelovereenkomst (WGBO) en NEN7510, NEN7512 en NEN7513. Het verzoek van 12 november 2019 is echter niet op deze regelingen gebaseerd en niet is gebleken dat de gegevens die verweerder over eiser verwerkt, onder de reikwijdte van de WGBO en de genoemde NEN-normen vallen.