IT 2830

Op publiekrechtelijke stichting is aanbestedingsregelgeving van toepassing

Vzr. Rechtbank Noord-Holland 12 augustus 2019, ITR 2830; ECLI:NL:RBNHO:2019:6905 (Actacom tegen SIB, BZK en HCG) Kort geding. Aanbestedingsrecht. Grossman-arrest. Verweerder SIB is een stichting die in opdracht van verweerders BZK en HCG diverse ICT-taken uitvoert. SIB heeft geen winstoogmerk. BZK en HCG ontvangen beide subsidies van de gemeente Haarlemmermeer. SIB had ten aanzien van opdracht 3 (leveringen en diensten voor kantoorautomatisering en werkplekken) eiser Actacom in staat moeten stellen om bezwaar aan te tekenen tegen de gunningsbeslissing aan een andere organisatie. Verweerders zijn publiekrechtelijke instellingen, op hen is daarom de aanbestedingsrechtelijke regelgeving van toepassing. De gunningsbeslissing is echter pas medegedeeld nádat de opdracht aan haar zittende aanbieder is gegund. Verboden wordt om verdere uitvoering te geven aan de naar aanleiding van de aanbesteding van 'opdracht 3' gesloten overeenkomsten. De opdracht moet opnieuw worden aanbesteed, voor zover dat het nog niet uitgevoerde deel betreft.

4.2. Bij de beoordeling stelt de voorzieningenrechter voorop dat, gelet op de zogenaamde Grossmann-jurisprudentie, van Actacom een proactieve houding mocht worden verlangd. Dit houdt in dat zij meteen na kennisname van het e-mailbericht aan haar van SIB van 10 oktober 2018, waarin SIB haar meedeelde dat zij met twee andere inschrijvers verder zou gaan, hiertegen bezwaar had moeten maken. Desalniettemin heeft Actacom geen nadere vragen gesteld, heeft zij eerst bij brief van 20 februari 2019 geprotesteerd tegen de gunning aan PeopleWare en Xafax en heeft zij vervolgens nog eens tot 30 april 2019 gewacht met het nemen van rechtsmaatregelen. Een dergelijke handelwijze beantwoordt niet aan de doelstellingen van snelheid en doeltreffendheid van EG-richtlijn 89/665.

4.3. De slotsom is dan ook dat Actacom haar rechten ten aanzien van Opdracht 1 en 2 heeft verwerkt zodat haar vorderingen ten aanzien van deze opdrachten zullen worden afgewezen.

4.14. Nu aannemelijk is dat SIB en haar moederstichtingen als publiekrechtelijke instellingen moeten worden gekwalificeerd, zijn zij daarmee aanbestedingsplichtig en is op hen de aanbestedingsrechtelijke regelgeving, waaronder de Alcatel- of standstilltermijn, van toepassing.

4.15. Dat betekent dat SIB ten aanzien van Opdracht 3 Actacom, van wie SIB gelet op de e-mailcorrespondentie van eind december 2018 tussen partijen wist dat Actacom in aanmerking wilde komen voor gunning van dit project, in staat had moeten stellen om bezwaar aan te tekenen tegen de gunningsbeslissing aan PeopleWare. SIB hebben de gunningsbeslissing echter pas medegedeeld nádat zij de opdracht al aan haar zittende aanbieder hadden gegund. Een standstill- of Alcateltermijn is ten onrechte niet verleend. Dat klemt temeer nu uit de mailwisseling tussen SIB en Actacom van eind december 2018 blijkt dat SIB Actacom volledig in het ongewisse hebben gelaten ten aanzien van de situatie rond Opdracht 3. Uit het antwoord van Actacom volgt dat zij nog een nadere reactie van SIB verwachtte en zij behoefde redelijkerwijs niet te verwachten dat Opdracht 3 zonder nadere communicatie aan de zittende aanbieder zou worden gegund.