IT 3802

Opzegging opdrachtovereenkomst vormt geen tekortkoming

Hof Arnhem-Leeuwarden 25 januari 2022, IT 3802; ECLI:NL:GHARL:2022:512 (Solis tegen geïntimeerde) Geïntimeerde (organisatieadviesbureau als eenmanszaak) heeft werkzaamheden op het terrein van softwareontwikkeling verricht voor Solis (groothandel in machines, apparaten en toebehoren voor industrie en handel). De facturen die hij hiervoor heeft verstuurd zijn deels onbetaald gelaten door Solis, omdat Solis van mening was dat geïntimeerde zijn werk niet deugdelijk en op tijd heeft verricht. Solis eist terugbetaling van de factuur die zij wel betaald heeft. De kantonrechter heeft Solis veroordeeld tot betaling van de facturen. Solis gaat hiertegen in hoger beroep en vordert vernietiging van het vonnis van de kantonrechter. Naast dat Solis terugbetaling van de factuur vordert, vordert zij ook een vergoeding voor de schade die zij heeft geleden door geïntimeerde.

Solis meent dat zij niet als eerste in verzuim is komen te verkeren, dat geïntimeerde tekort is geschoten in de op hem rustende verplichtingen uit de overeenkomst en dat Solis gerechtigd was tot ontbinding van de overeenkomst over te gaan. Het hof oordeelt dat de overeenkomst is beëindigd door opzegging van geïntimeerde. Deze opzegging vormt geen tekortkoming. Daarnaast kon Solis door haar eigen schuldeisersverzuim geen aanspraak op nakoming maken. Geïntimeerde is dus niet tekort geschoten in de nakoming van de overeenkomst. Hij heeft zijn werkzaamheden rechtmatig opgeschort en uiteindelijk is de overeenkomst beëindigd door opzegging van geïntimeerde. Het hof bekrachtigt daarom het vonnis van de kantonrechter.

4.11 De opzegging van de overeenkomst door [geïntimeerde] op 24 augustus 2018 vormt evenmin een tekortkoming. [geïntimeerde] was in de gegeven omstandigheden bevoegd de overeenkomst op te zeggen.