IT 3548

Spoedeisend belang ontbreekt bij auteursrechtinbreuk roostersoftware

Hof Den Haag 15 juni 2021, IEF 20025, IT 3548; C/09/592547 / KG ZA 20-390 (Scientia tegen Eveoh) Kort geding. Vervolg op [IEF 19452]. Scientia is een wereldwijde leverancier van roostersoftware voor onderwijsinstellingen, waaronder de Syllabus Plus en de Exam Schedular. Scientia maakt voor haar software gebruik van twee databases (ESDB en RDB) die bestaan uit tabellen die door ‘views’ worden weergegeven. Eveoh ontwikkelt ook software ten behoeve van onderwijsinstellingen, waaronder de MyTimetable software. Bij klanten van Eveoh die de roostersoftware van Scientia afnemen, leest de MyTimetable de data van de databases uit. Scientia meent dat Eveoh daarmee inbreuk maakt op haar auteursrechten. Scientia wordt in het ongelijk gesteld vanwege het ontbreken van spoedeisend belang. Er is onvoldoende voortvarend opgetreden tegen het gestelde onrechtmatige handelen. Pas 2,5 jaar na ontvangst van een e-mail heeft Scientia Eveoh gesommeerd het kopieren van de RDB naar haar eigen server te staken. Ook een belangenafweging leidt niet tot de conclusie dat Scientia een bodemprocedure niet meer zou kunnen afwachten.

5.7 . Ook een belangenafweging leidt niet tot de conclusie dat Scientia de uitkomst van een bodemprocedure niet meer zou kunnen afwachten. Het is evident dat Scientia er belang bij heeft dat Eveoh geen product op de markt brengt dat concurreert met haar product Scientia Publish, terwijl Eveoh daarbij - naar de stelling van Scientia - gebruik maakt van een  inbreukmakende kopie van de RDB. Daar tegenover staat het eveneens evidente belang van Eveoh c.s. om haar - in haar optiek niet inbreuk makende product - te kunnen blijven exploiteren. Eveoh c.s. heeft onbetwist gesteld dat het voor haar voortbestaan van levensbelang is dat zij die exploitatie op de huidige wijze kan voortzetten. Bij een afweging van deze belangen van partijen, neemt het hof de volgende omstandigheden in aanmerking:
- Eveoh maakt in elk geval sinds 2017 met wetenschap van Scientia gebruik van een kopie van de RDB op haar server, zonder dat Scientia daartegen heeft opgetreden (zie het voorgaande).
- Eveoh c.s. heeft onbestreden gesteld dat de RDB mede is bedoeld voor gebruik met programmatuur van derden.
- Een verbod op het kopiëren van de RDB op de server van Eveoh betekent dat op korte termijn geen dienstverlening met MyTimetable mogelijk is in de SaaS-versie , zodat de onderwijsinstellingen die gebruik maken van de SaaS-versie van MyTimetable de , roosters (in elk geval tijdelijk) niet op een werkbare wijze kenbaar kunnen maken aan hun medewerkers en studenten. Scientia heeft als oplossing genoemd dat de roosters via HTML bestanden kunnen worden verschaft. Het hof acht gelet op de aard van HTML bestanden aannemelijk dat dit geen werkbaar alternatief biedt voor de onderwijsinstellingen. De onderwijsinstellingen die de SaaS-versie van MyTimetable gebruiken hebben er dus een groot belang bij dat gebruik - in afwachting van de uitkomst van een bodemprocedure - voort te zetlen op de huidige voet.
- Eveoh gebruikt een kopie van een RDB alleen ten behoeve van de onderwijsinstelling ten behoeve waarvan die RDB is  gemaakt.
- Scientia heeft niet duidelijk gemaakt wat de schade is die zij in afwachting van de uitkomst van een bodemprocedure lijdt, in aanmerking genomen dat zij wel accepteert dat Eveoh met MyTimetable gebruik maakt van een RDB die "on premise" op de server van de universiteit staat, dat (naar als onbetwist vast staat) de RDB door onderwijsinstellingen wordt gekopieerd naar de 'cloud', derhalve naar een server van een derde (waar deze ook kan worden gebruikt voor MyTimetable), en dat Eveoh voor de Erasmus Universiteit gebruik maakt van een kopie van de RDB op de server van Eveoh. Gelet op deze omstandigheden, in
onderlinge samenhang bezien, weegt het belang van Eveoh c.s. bij handhaving van de status quo in afivachting van de  uitkomst van een bodemprocedure zwaarder dan het belang van Scientia bij de door haar gevorderde voorlopige voorziening.