IT 2920

Succesvol beroep op exoneratiebeding ICT

Rechtbank Amsterdam 16 oktober 2019, IT 2920; ECLI:NL:RBAMS:2019:7832 (Ctac tegen Leaseweb) Schadeafhandeling ICT-contract. Succesvol beroep op overeengekomen aansprakelijkheidsbeperking. Leaseweb verwijst  naar de ‘Nederland ICT Voorwaarden’ en voert aan dat het in de dienstverlenende ICT-branche algemeen aanvaard is dat een ICT-leverancier zijn aansprakelijkheid voor directe schade beperkt door een aansprakelijkheidslimiet en zijn aansprakelijkheid voor indirecte schade uitsluit. Het exoneratiebeding moet, volgens Leaseweb, in overeenstemming met deze norm worden uitgelegd en was ook de bedoeling van partijen. Deze uitleg wordt gevolgd. Er wordt als volgt overwogen: i) Ctac heeft onvoldoende gemotiveerd betwist dat een dergelijke wijze van exonereren gebruikelijk is in de dienstverlenende ICT-branche. ii) de totstandkoming van het exoneratiebeding wijst op de juistheid van zo’n uitleg. iii) Het volgen van de uitleg van Ctac zou de beperking in lid 2 van het exoneratiebeding nagenoeg betekenisloos maken. iv) Ctac heeft haar stelling, dat een volledige uitsluiting van vermogensschade is ingeprijsd gelet op haar zeer scherpe prijs, onvoldoende toegelicht en onderbouwd.

2.13.
Leaseweb heeft onder verwijzing naar de ‘Nederland ICT Voorwaarden’ onder meer tot haar verweer aangevoerd dat het in de dienstverlenende ICT-branche algemeen aanvaard is dat een ICT-leverancier zijn aansprakelijkheid voor directe schade beperkt door een aansprakelijkheidslimiet en zijn aansprakelijkheid voor indirecte schade uitsluit. Leaseweb stelt zich op het standpunt dat het exoneratiebeding in overeenstemming met deze in de branche algemeen aanvaarde norm moet worden uitgelegd en dat dit ook de bedoeling van partijen is geweest.

2.14.
De rechtbank zal deze door Leaseweb voorgestane uitleg volgen en overweegt hiertoe als volgt. Ten eerste heeft Ctac onvoldoende gemotiveerd betwist dat een dergelijke wijze van exonereren gebruikelijk is in de dienstverlenende ICT-branche, zodat de rechtbank daarvan uit zal gaan. Dit is van belang, omdat beide partijen actief zijn in de dienstverlenende ICT-branche, mede als ICT-leverancier, en omdat beide partijen tijdens het opstellen van het exoneratiebeding werden bijgestaan door advocaten. Ten tweede wijst de totstandkoming van het exoneratiebeding op de juistheid van zo’n uitleg. In het tegenvoorstel van Ctac op het eerste concept-exoneratiebeding wordt immers een uitdrukkelijk onderscheid gemaakt tussen een beperking van aansprakelijkheid voor ‘direct loss, on any basis whatsoever’ en een uitsluiting van aansprakelijkheid voor ‘indirect damage or loss’. In de toelichting bij dit tegenvoorstel deelt Ctac mee dat deze tekst afkomstig is uit haar algemene voorwaarden. Gelet hierop ligt het in de rede dat het hierop volgende tegenvoorstel van Leaseweb, dat de uiteindelijk overeengekomen tekst van de leden 2 en 3 van het exoneratiebeding bevat, op overeenkomstige wijze wordt uitgelegd. Ten derde pleit voor deze uitleg dat het volgen van de uitleg van Ctac de beperking in lid 2 van het exoneratiebeding nagenoeg betekenisloos zou maken. Als immers alle vermogensschade zou zijn uitgesloten, dan resteert onder de beperking volgens Ctac alleen nog de aansprakelijkheid voor personen- en letselschade en zaakschade. Exoneratie van de aansprakelijkheid voor personen- en letselschade is echter uitgesloten in lid 8 van het exoneratiebeding en de aansprakelijkheid van Ctac voor zaakschade, voor zover het gaat om schade aan of verlies van data, databases of technologie, is afzonderlijk beperkt in lid 7 van het exoneratiebeding. Ten vierde heeft Ctac haar stelling, dat een volledige uitsluiting van vermogensschade is ingeprijsd gelet op haar zeer scherpe prijs, onvoldoende toegelicht en onderbouwd. Er is immers niet gebleken dat de prijsonderhandelingen op enigerlei wijze verband hielden met de mate van exoneratie en bovendien is de aansprakelijkheid in het exoneratiebeding beperkt tot een bedrag dat nagenoeg gelijk ligt aan de ‘Implementation Fee’.

2.15.
Gelet op het bovenstaande zal ervan uit worden gegaan dat partijen zijn overeengekomen om de aansprakelijkheid voor directe schade te beperken tot € 1.250.000,00 per schadeveroorzakende gebeurtenis en de aansprakelijkheid voor indirecte schade uit te sluiten. De volgende vragen zijn dan, hoeveel schadeveroorzakende gebeurtenissen hebben plaatsgevonden en of de door Leaseweb gevorderde en op dit moment nog openstaande schadeposten betrekking hebben op directe schade.

2.24.
Gelet op het voorgaande is met betrekking tot de extra kosten voor externe projectleden voor het alsnog implementeren van SAP sprake van directe schade, waarvoor Ctac aansprakelijk is. Aangezien het bedrag van dit deel van deze schadepost de aansprakelijkheidslimiet voor deze schade ruimschoots overtreft en al eerder is geoordeeld dat slechts sprake is van één schadeveroorzakende gebeurtenis, zal een schadevergoeding tot deze limiet worden toegewezen. Dit betekent dat het overige deel van deze schadepost en de overige schadeposten buiten beoordeling kunnen blijven.