IT 3595

Valse beschuldigingen moeten worden verwijderd

Vzr. Rechtbank Amsterdam 29 juni 2021, IEF 20099, IT 3595; ECLI:NL:RBAMS:2021:3495 (FAN tegen Bellingcat) Kort geding. Bellingcat is een internationaal collectief van onderzoeksjournalisten. FAN is de uitgever van een Russische nieuwssite riafan.ru. Bellingcat heeft op haar website (www.bellingcat.com) artikelen gepubliceerd over Evgenii Prigozhin. Volgens die artikelen is Prigozhin betrokken bij verschillende Russische clandestiene operaties en bij stelselmatige intimidatie van Russische en niet-Russische journalisten. FAN heeft vervolgens op haar website vijf artikelen geplaatst waarin WhatsAppberichten en een spraakbericht zijn opgenomen die volgens FAN afkomstig zijn van medewerkers van Bellingcat. Die berichten houden in dat zij hebben gepoogd medewerkers van FAN om te kopen en dat zij die medewerkers bedreigen. De rechtbank oordeelt dat FAN verantwoordelijk is voor een feitelijke onderbouwing van de beschuldigingen, maar dat ze hieraan niet heeft voldaan. Het argument dat FAN slechts een doorgeefluik is, slaagt niet. Aldus wordt FAN veroordeeld tot verwijdering van het bericht van haar website.

4.5. Overwogen wordt als volgt. FAN erkent dat zij de artikelen, met daarin opgenomen de berichten van medewerkers van Bellingcat, op haar website heeft geplaatst. Dat FAN enkel doorgeefluik zou zijn van de berichten van Bellingcat is onvoldoende om te oordelen dat zij niet onrechtmatig handelt. Degene die een beschuldiging plaatst, in dit geval FAN, moet aan de hand van feitenmateriaal kunnen aantonen dat die beschuldiging gerechtvaardigd is. Het is niet zo dat Bellingcat moet aantonen dat de berichten vals zijn. Mede gezien de gemotiveerde betwisting van Bellingcat en de aanwijzingen die zij blijkens r.o. 2.5 van het verstekvonnis heeft dat hier sprake is van valse beschuldigingen (vervalst bewijsmateriaal) is FAN daarin niet geslaagd. Dit maakt de uitingen van FAN onrechtmatig en rechtvaardigt een beperking op de vrijheid van meningsuiting (artikel 10 EVRM) van FAN. Bellingcat heeft voorts voldoende aannemelijk gemaakt dat het artikel dat in het Arabisch is opgesteld, inhoudelijk hetzelfde artikel is als een van de artikelen die in het verstekvonnis zijn verboden. Dit heeft tot gevolg dat de eerste vordering die is ingesteld bij vermeerdering van eis zal worden toegewezen. Die vermeerdering van eis is niet in strijd met de goede procesorde ingesteld, zoals FAN nog heeft aangevoerd.