Telecomrecht

IT 361

WP 29 Opinie Geolocatiediensten

De verwerking van locatiegegevens is een hot topic. Meer en meer apps voor smartphones en tablets maken gebruik van locatiegegevens. Dat brengt mee dat de bewegingspatronen van gebruikers nauwgezet te volgen zijn. Zoals eerder op deze site aangekondigd (IT 354) heeft de Artikel 29-werkgroep in een opinie de verplichtingen vastgelegd waaraan de partijen die locatiegegevens verwerken moeten voldoen. Uitgangspunt is dat voor het verzamelen en verwerken van locatiegegevens toestemming vereist is. Lees de opinie hier.

IT 343

Boete voor onjuiste informatie bij koop op afstand

Rechtbank Rotterdam, 4 mei 2011 (Pretium/Consumentenautoriteit), LJN: BQ3528. De Consumentenautoriteit heeft Pretium een aantal boetes en lasten onder dwangsom opgelegd wegens handelen in strijd met de Wet Koop op Afstand, onder meer doordat Pretium consumenten niet goed heeft geïnfomeerd over de bedenktermijn (sanctiebesluit hier). Pretium tekent tevergeefs bezwaar aan en gaat vervolgens in beroep. In beroep laat de Rechtbank het sanctiebesluit grotendeels in stand, maar matigt het boetebedrag.

Onder meer was aan de orde met welke mate van detail Pretium consumenten dient te informeren over de prijs. De rechtbank komt tegemoet aan de bezwaren van Pretium:

"2.11.2 Wat betreft de last opgelegd ter zake van de overtreding ‘niet tijdig meedelen van de belangrijkste kenmerken van de dienst’ overweegt de rechtbank het volgende. Verweerder heeft ter zitting van de voorzieningenrechter op 12 februari 2009 betoogd dat van eiseres niet wordt verlangd dat zij consumenten informeert over hun individuele belgedrag en de daarmee samenhangende gesprekskosten, maar dat zij consumenten informeert over de meest essentiële gesprekskosten c.q. gesprekstarieven en dat door het noemen van beltarieven zou worden voldaan aan de relevante precontractuele informatieplicht en daarmee ook aan de opgelegde last. Dit blijkt echter niet uit de last die verweerder heeft opgelegd. De last is naar het oordeel van de rechtbank op die grond onvoldoende duidelijk en concreet. Het bestreden besluit I komt voor wat betreft deze last voor vernietiging in aanmerking. "

Lees de uitspraak hier (link) of hier (pdf).

 

IT 287

Toezichthouders niet samensmelten, vertrouwen

Laatst werd bericht dat het Centraal Plan Bureau een suggestie deed om de NMa, OPTA en de Consumentenautoriteit samen te voegen. Op veel weerstand is niet gestuit, sterker nog velen - waaronder de instanties zelf, zien de voordelen in van zo een samensmelting. Hoe minder instanties, hoe overzichtelijker, maar levert deze bundelingsoperatie wel de gewenste kostenbesparing op? Een korte consultatieronde onder lezers van ITenRecht deed eigenlijk ook geen grote stofwolken opwaaien, een heel ander systeem werd wel voorgesteld; wat minstens een overpeinzing waard is:

Gezien de deels verschillende belangen moet men zich afvragen of bepaalde onderdelen niet van de fusieplannen zouden moeten worden uitgesloten, zo zegt Louis Jonker, Van Doorne,  waar juist onderdelen van andere toezichthouders zouden moeten worden meegenomen.

Efficiencyvoordelen, zowel op het gebied van nadere beleidsbepaling en uitvoering als ook ten aanzien van de back office, kan dit zeker opleveren. Maar om echt een kleinere overheid met de beoogde kostenbesparing te realiseren, zouden we moeten naar een op vertrouwen gebaseerd toezicht- en handhavingsmodel. Preventieve toezichtshandelingen beperken tot het absolute minimum en anderzijds veel zwaardere sancties voor diegenen die via normoverschrijdend gedrag het vertrouwen van de overheid schenden. Dit zal tot meer resultaat leiden dan de voorgestelde fusieplannen.

Heeft u hierover een mening? Wilt u hierover meedenken? Zend uw reactie via het bijdrageformulier; de redactie zal met uw reactie een vervolgbericht maken. Mag ook in enkele zinnen en met mogelijkheid anoniem geciteerd te worden (geef duidelijk aan ANONIEM)! 
SHARE|

IT 275

boete verspreider MSN-worm gehandhaafd

Rb Rotterdam 10 maart 2011, LJN BP7350, AWB 09/1412 TELEC-T1 (OPTA Spyware MSN)

Op 3 november 2008 heeft de OPTA twee personen een boete van respectievelijk €88.000 en €16.000 opgelegd wegens overtreding van het spywareverbod; art 4.1 lid 1 van Besluit universele dienstverlening en eindgebruikersbelangen. De spyware werd via het programma Windows Live Messenger, ook wel bekend als MSN, op computers van ongeveer 180.000 gebruikers geplaatst. Gisteren heeft de Rechtbank Rotterdam de boete die telecomtoezichthouder OPTA aan één van de twee verspreiders van deze MSN-worm oplegde, grotendeels gehandhaafd. Grotendeels, want als gevolg van minderjarigheid tijdens een deel van de gedraging en (een) psychische stoornis(sen) moet verminderde verwijtbaarheid worden toegekend. Dit zorgt ervoor dat de aanvankelijke boete is gematigd tot een bedrag van € 14.000 in plaats van het aanvankelijke bedrag van €16.000.

Hoofdstuk 4. Bescherming van persoonsgegevens en de persoonlijke levenssfeer
Artikel 4.1

1.Een ieder die door middel van elektronische communicatienetwerken toegang wenst te verkrijgen tot gegevens die zijn opgeslagen in de randapparatuur van een abonnee of gebruiker van openbare elektronische communicatiediensten dan wel gegevens wenst op te slaan in de randapparatuur van de abonnee of gebruiker van openbare elektronische communicatiediensten, dient voorafgaand aan de desbetreffende handeling de abonnee of gebruiker:
a. op een duidelijke en nauwkeurige wijze te informeren omtrent de doeleinden waarvoor men toegang wenst te verkrijgen tot de desbetreffende gegevens dan wel waarvoor men gegevens wenst op te slaan, en
b. op voldoende kenbare wijze gelegenheid te bieden de desbetreffende handeling te weigeren.

r.o. 2.4.5.6 De bevindingen van de deskundigen leiden dan ook tot het oordeel dat de gedragingen van eiser, als gevolg van (een) psychische stoornis(sen), minder verwijtbaar moeten worden geacht dan verweerder heeft aangenomen. Onder deze omstandigheden acht de rechtbank een nadere matiging van de boete aangewezen en acht de rechtbank een boete van € 14.000,-- passend en geboden.

Lees meer hier, hier, hier en bij de OPTA.
Lees de uitspraak hier of hier(pdf)

IT 211

Ongevraagd wervend bericht?

Een dienstverlener biedt abonnementen aan voor het downloaden van games, ringtones of het gebruik van msn. Het abonnement kost  € 9 per week en om dat te incasseren stuurt dienstverlener 6 SMS-jes à € 1,50 per week. Berichten als “Veel plezier met een extra week msn op je mobiel. Maak er gebruik van!”. Is hier sprake van spam? OPTA is vindt van wel, het College van Beroep voor het bedrijfsleven vindt (voorlopig) van niet. OPTA legt toch een boete op van € 550.000, zo werd eind vorige week bekend.

U vindt het persbericht van OPTA en haar besluiten hier.

U vindt de uitspraak van het College van Beroep voor het bedrijfsleven hier.

Het persbericht van de bewuste aanbieder SD&P vindt u hier.

Volgens het persbericht van SD&P bereidt zij een "rechtszaak en schadeclaim voor tegen de OPTA inzake opgelegde boete." Een zaak om met interesse te blijven volgen. Hoe vaak komt het niet voor dat het verzenden van (wervende) berichten wordt gegoten in een overeenkomst en dus (mede) onderwerp is van de dienst?

IT 172

Aanbestedingsperikelen: KPN uitgesloten wegens vals spel

"KPN verliest opdracht na vals spel" kopt het Financieele Dagblad vandaag. "In juli vroeg de KPN-tak die wilde inschrijven op de aanbesteding aan het eigen netwerkbedrijf om lagere inkooptarieven, om zo de opdracht binnen te kunnen slepen. Een uur voor het sluiten van de aanbesteding maakte KPN die tarieven ook bekend aan de concurrentie. Die kon door het late tijdstip de kortingen echter niet meer verwerkingen in haar offertes aan de overheid."

KPN won de opdracht. Concurrent Tele2 diende daarop een handhavingsverzoek in bij OPTA. OPTA wijst het verzoek af, maar concludeert wel:

"OPTA heeft geconstateerd dat KPN de wettelijke plicht om haar interne en externe afnemers gelijktijdig op de hoogte te stellen heeft overtreden. KPN heeft hiermee de concurrentie verstoord, meer in het bijzonder in het kader van de aanbesteding van OT2010. Deze aanbesteding vertegenwoordigt een totale omzetwaarde van circa 15-20 miljoen euro per jaar. "

Zoals we kunnen lezen in het FD heeft de overheid vervolgens de opdracht aan KPN ingetrokken en heeft zij de opdracht alsnog aan Tele2 gegund. KPN heeft een kort geding aangespannen tegen deze gunning. Het kort geding dient op 24 december 2010. Nader bericht volgt ongetwijfeld.

Lees het FD artikel hier.

IT 149

OPTA mag bedrijfsnamen overtreders op website publiceren

Raad van State 10 november 2010 (Opta-ECS), 201002051/1/H3 (LJN: BO3468). De Onafhankelijke Post- en Telecommunicatie Autoriteit mag op haar website de namen publiceren van de bedrijven aan wie zij een boete heeft opgelegd, ook als tegen dat besluit nog een juridische procedure bij de rechter loopt. Voorwaarde is dan wel dat de rechter in afwachting van een definitieve uitspraak over het boetebesluit niet heeft bepaald dat publicatie voorlopig niet mag. Dit blijkt uit een uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 10 november 2010. (Bron: rechtspraak.nl)

Lees de uitspraak hier.

Lees het persbericht hier.

IT 140

OPTA toont nog steeds geen visie; na de hotels de hosters graag!

Blog op ICTRecht (nee, niet te verwarren met IT en Recht) van Matthijs van Bergen. "Hostingpartijen zouden er goed aan doen zich net zo boos te maken als de hotels en luid en duidelijk bezwaar te maken tegen de rekeningen en verplichtingen die het gevolg zijn van registratie bij de OPTA. Deze rekeningen en verplichtingen zijn niet voor de hosters bedoeld en hosters zijn niet gehouden om daaraan te voldoen."

weblog.ictrecht.nl/internet-service-providers/opta-toont-nog-steeds-geen-visie-na-de-hotels-de-hosters-graag/Tweakers.net en nu.nl berichtten gisteren dat OPTA het merendeel van de ‘hotelproviders’ – hotels die volgens OPTA mogelijk als telecomaanbieder registratieplichtig zouden zijn – geen aanbieders vindt in de zin van de Telecomwet. Boos worden helpt, zo blijkt.

Maar kennelijk zijn er nog niet genoeg mensen boos genoeg, want terwijl de OPTA inmiddels nog maar 3 van de 15 hotels (mogelijk) wil opzadelen met registratieplichten, aftapplichten en bewaarplichten, is nog onvoldoende duidelijk of de OPTA het telecomtoezicht niet toch buiten de grenzen van de wet en de redelijkheid aan het brengen is. Webwereld gaf aan dat “Onderzocht wordt of zij open communicatie aanbieden die niet alleen toegankelijk is voor klanten maar voor iedereen. Zoals bijvoorbeeld het geval kan zijn bij een open staand wifi-netwerk”. Nu moet dus iedereen die zijn internetverbinding niet bewust afsluit voor anderen zich gaan registreren?

Het wordt echt tijd dat OPTA eens vooraf goed gaat nadenken over de criteria die in de wet staan en welke uitleg daaraan behoort te worden gegeven. Besluiten van OPTA worden voor de rechter nogal eens neergesabeld door de marktpartijen die in staat zijn aan te tonen dat OPTA haar besluiten onvoldoende motiveert en/of de wet verkeerd interpreteert. OPTA kan helpen dit te voorkomen door strakker naar de wet te kijken en vooraf duidelijke richtlijnen op te stellen die haar leiden tot een uniforme, consequente en consistente toepassing van de wet.

Voordat OPTA weer bij de rechter op haar neus gaat vallen, na al de mist in te zijn gegaan op het criterium ‘openbaarheid’, zou zij er verstandig aan doen het wettelijke vereiste dat het moet gaan om een “dienst die geheel of hoofdzakelijk bestaat in het overbrengen van signalen via elektronische communicatienetwerken” niet uit het oog te verliezen en goed na te denken over hoe dit in de praktijk moet worden toegepast.

Ten eerste is het draaien en beschikbaar stellen van een mailserver, webserver, of wat voor server dan ook die een applicatie óver een netwerk aanbiedt, niet een dienst die geheel of hoofdzakelijk bestaat uit het overbrengen van signalen over een netwerk en valt dit niet onder de Tw. Deze diensten bestaan uit het genereren en/of verwerken van gegevens die bestemd zijn voor overdracht door anderen. OPTA dient duidelijkheid te verschaffen en dit te onderkennen. Als dit anders zou worden geacht, wat onjuist zou zijn, dan zou iedere computerapplicatie waarbij gegevens worden verstuurd via internet een elektronische communicatiedienst zijn. Iedere hostingprovider en iedere SaaS-provider zou dan onder het toezicht vallen, terwijl dit toezicht is bedoeld voor de KPN’s en UPC’s van deze wereld. Terwijl OPTA, zoals vermeld in mijn vorige bericht, heeft aangegeven dat de informatie hier niet van haar afkomstig is, heb ik OPTA nog niet uitdrukkelijk horen toegeven dat het onjuist is dat iedere hostingaanbieder die een mailserver draait, onder het toezicht (en de bewaarplicht) zou vallen. Hostingpartijen zouden er goed aan doen zich net zo boos te maken als de hotels en luid en duidelijk bezwaar te maken tegen de rekeningen en verplichtingen die het gevolg zijn van registratie bij de OPTA. Deze rekeningen en verplichtingen zijn niet voor de hosters bedoeld en hosters zijn niet gehouden om daaraan te voldoen.

Ten tweede moet OPTA nadenken over de vereiste schaal van het netwerk waar signalen over worden getransporteerd. Ieder thuisnetwerk achter een router is een netwerk en als dat netwerk aan eenieder die wil, als hoofdzakelijk onderdeel van een dienst, beschikbaar wordt gesteld, dan is in beginsel voldaan aan de wettelijke criteria. Dat het niet de bedoeling kan zijn dat het telecom toezicht zich daarover uitstrekt, moge evident zijn. Tegelijkertijd lijkt OPTA nu te beweren, of tenminste te impliceren, dat het niet dichttimmeren van een wifi-netwerk neerkomt op het aanbieden van telecomdiensten. Zo valt volgens OPTA de student die zijn draadloos internet, al dan niet tegen betaling, aan zijn huisgenoot beschikbaar stelt straks ook onder het toezicht. Of gaat OPTA tenminste een onderzoek starten in studentenhuizen als een ISP gaat klagen dat er concurrentievervalsing plaatsvindt.

OPTA dient dit soort flaters te voorkomen en vóóraf duidelijk te maken wat haar visie is. Nu doet zij onnodig geheimzinnig over lopende onderzoeken, wekt zij onzekerheid over toepasselijke criteria en de uitkomst daarvan en stelt zij pas ná een onderzoek de criteria vast die gelden bij de beoordeling. Daarmee handelt zij in strijd met het rechtszekerheidbeginsel.

De schijnbare toezichtsdrift van OPTA is des te opmerkelijker in het licht van de verklaring die OPTA aan mij gaf voor het feit dat zij te werk gaat zonder zelfs maar richtlijnen te hebben opgesteld over de criteria waaraan moet zijn voldaan. Er werd toegegeven dat in een betere wereld heldere, consistente richtlijnen met vooraf vastgestelde criteria die tot wenselijke en redelijke resultaten leiden, hadden kunnen zijn opgesteld, maar dat OPTA helaas maar een kleine authoriteit is met beperkte mankracht en dat men er niet de capaciteit/mankracht voor heeft gehad om richtlijnen op te stellen. Ik zou juist zeggen: juist als de capaciteit beperkt is, moet je goed nadenken over de grenzen van het toezicht en moet je deze grenzen niet onnodig ruim leggen.

In dit kader zou het mij redelijk lijken om het toezicht wat internetaanbieders betreft te beperken tot aanbieders die signalen overbrengen over netwerken die rechtstreeks zijn aangesloten op de backbone, of ten minste een regionale dekking of reikwijdte hebben. Dan is tenminste vooraf duidelijk dat niet ieder terras op de hoek en iedere student met open wifi onder toezicht zal worden geplaatst, bespaart OPTA zich de nodige negatieve publiciteit voordat het tot een rechtszaak komt en hoeft zij niet opnieuw bij de rechter het onderspit te delven.

En hosters zonder eigen (grootschalig) netwerk die gevraagd worden zich te registreren, laat je horen dat dat niet deugt!

Lees de originle blog hier.