Gepubliceerd op woensdag 3 juni 2026
IT 5296

AI-surveillance tijdens het WK 2026: hoe ver reiken de AI-verordening en de AVG?


Het FIFA WK 2026 wordt het grootste sporttoernooi ooit. Naar verwachting zullen miljoenen supporters de wedstrijden bezoeken in de Verenigde Staten, Canada en Mexico. Om de veiligheid van dergelijke evenementen te waarborgen wordt steeds vaker gekeken naar AI-systemen voor biometrische identificatie, waaronder gezichtsherkenning.

Dat roept een interessante juridische casus op. De Europese AI-verordening bevat enkele van de strengste regels ter wereld voor biometrische AI-systemen. Bovendien kunnen biometrische gegevens onder de AVG als bijzondere persoonsgegevens kwalificeren. Maar zijn deze kaders in dit geval wel van toepassing, gelet op de locatie van het toernooi? En zo ja, welke Europese waarborgen reizen met supporters mee naar het buitenland?

Interesse in dit onderwerp en andere juridische vraagstukken rond het WK? We verwelkomen u graag bij ons WK & Recht event op dinsdag 23 juni 2026 in Buro de Pijp, Amsterdam.

AI-surveillance tijdens grote sportevenementen

Grote sportevenementen maken steeds meer gebruik van biometrische technologie voor veiligheidsdoeleinden. Daarbij kan worden gedacht aan gezichtsherkenning bij toegangscontrole, identificatie van personen met een stadionverbod of het opsporen van personen die een veiligheidsrisico vormen. Ook in Europa wordt geëxperimenteerd met AI-ondersteunde beveiligingssystemen. Tijdens de Olympische Spelen van Parijs 2024 werd bijvoorbeeld een wettelijk kader ingevoerd voor algoritmische videobewaking, al bleef gezichtsherkenning daarbij expliciet uitgesloten. Denemarken ging een stap verder en staat sinds afgelopen jaar gezichtsherkenning bij voetbalwedstrijden in Kopenhagen toe.

Juridisch gezien is met name (realtime) identificatie relevant. Daarbij wordt aan de hand van biometrische kenmerken, oftewel fysieke, fysiologische of gedragsgerelateerde kenmerken, gepoogd de identiteit van een persoon vast te stellen (art. 3 onder 34 en 35 AI-verordening). Juist deze toepassing wordt door de Europese wetgever als een van de meest gevoelige vormen van AI-gebruik beschouwd, zoals hieronder zal blijken.

Is de Europese wetgeving van toepassing?

Allereerst moet worden vastgesteld of de Europese regels überhaupt van toepassing kunnen zijn. Het WK voetbal vindt immers plaats buiten de Europese Unie.

AI-verordening

De AI-verordening kent een zekere extraterritoriale werking. Artikel 2 bepaalt dat aanbieders en gebruikers van buiten de Unie binnen de werkingssfeer van de verordening kunnen vallen. Doorslaggevend is of een AI-systeem (i) op de Europese markt wordt aangeboden, (ii) binnen de Unie in gebruik wordt gesteld of (iii) dat de output van het systeem binnen de Unie wordt gebruikt. Geen van deze drie scenario’s lijkt op het WK van toepassing, althans ten aanzien van biometrische surveillance. Rechtstreekse toepassing op een biometrisch systeem dat uitsluitend wordt ingezet binnen een stadion in de Verenigde Staten, Canada of Mexico ligt daarom niet voor de hand. Dat is mogelijk anders als de output van tijdens het WK gebruikte biometrische systemen in een Europese lidstaat wordt benut. Er is geen reden om aan te nemen dat dit het geval is. Amerikaanse partijen als FIFA zullen dit juist willen vermijden, gelet op de Europese wetgeving.

AVG

Ook de AVG kent extraterritoriale werking. Op grond van artikel 3 AVG kan zij onder omstandigheden van toepassing zijn op organisaties buiten de Europese Unie. De doorslaggevende factor is vergelijkbaar met die van de AI-verordening, namelijk of er voldoende aanknopingspunten met de Unie bestaan. Hoofdzakelijk betekent dit dat de verwerking van persoonsgegevens plaatsvindt in het kader van activiteiten binnen de Unie (lid 1), of verband houdt met het aanbieden van goederen of diensten aan personen die zich in de Unie bevinden dan wel het monitoren van hun gedrag (lid 2). Voor toepassing van het tweede lid is vereist dat de betrokkene zich tijdens de verwerking in de Unie bevindt.

Beide bepalingen zijn mogelijk relevant. Denkbaar is dat tijdens het WK verzamelde biometrische gegevens worden gebruikt om bezoekers te profileren (ervan uitgaande dat Amerika dit niet verbiedt). Dit profiel stelt FIFA of andere partijen waaraan toegang is verleend vervolgens in staat om gericht binnen Europa te adverteren. Het probleem is alleen dat de aanvankelijke verwerking tijdens het WK waarschijnlijk nog niet direct plaatsvindt in het kader van activiteiten binnen de Unie, laat staan verband houdt met het aanbieden van goederen of diensten of het monitoren van gedrag binnen de Unie. Hoewel dat mogelijk wel (onderdeel van) het uiteindelijke doel is, zal die link lastig te bewijzen zijn. Zeker omdat FIFA zich eenvoudig kan beroepen op het waarborgen van de veiligheid. Tegen de tijd dat de AVG rechtstreeks van toepassing wordt, bijvoorbeeld doordat de verzamelde gegevens worden gebruikt voor advertenties binnen de Unie, is het kwaad al geschied. De grootschalige biometrische identificatie heeft dan immers al plaatsgevonden.

Kortom

Hoewel de toepasselijkheid van de AVG en de AI-verordening uiteindelijk afhangt van de concrete feiten en omstandigheden, moet de conclusie luiden dat de Europese wetgeving in de praktijk niet ver genoeg reikt om bezoekers te beschermen gedurende het WK voetbal. Daarmee gaan aanzienlijke rechten en waarborgen verloren. Welke precies, wordt hierna beknopt toegelicht. Vervolgens wordt nagegaan of de bezoekers met lege handen staan of dat zij op andere wetgeving kunnen terugvallen.

Biometrische identificatie onder de AI-verordening

Verboden praktijk?

De AI-verordening kent een reeks harde verboden met betrekking tot de toepassing van AI-systemen (art. 5). Twee daarvan hangen samen met biometrie (onder g en h), waarvan één specifiek met identificatie (onder h). Het gaat hierbij om biometrische identificatie met het oog op rechtshandhaving. De identificatie moet plaatsvinden in publiek toegankelijke ruimten en in real time (lees: voortdurend).

Zelfs al was de AI-verordening van toepassing op het WK, dan nog is het verbod hier niet aan de orde. Rechtshandhaving ziet op een publiekrechtelijke context, oftewel de handhaving van maatschappelijke regels en wetten door overheidsinstanties. Biometrische identificatie tijdens het WK wordt daarentegen ingezet door FIFA en andere private partijen. Daarmee ontbreekt in beginsel de vereiste rechtshandhaving.

Dat gezegd hebbende, in de praktijk werken publieke en private partijen vaak nauw samen om de veiligheid te waarborgen, althans in Europa. Wanneer biometrische identificatie feitelijk wordt ingezet voor opsporing, terrorismebestrijding of andere publiekrechtelijke taken, ligt het verbod op de loer. Toepassing is daarmee nog niet gegeven. Zo gelden er enkele uitzonderingen op het verbod, met name als er gericht wordt gezocht naar specifieke slachtoffers, verdachten of dreigingen (zie art. 5 onder h).

High-risk AI?

Interessanter is de vraag of biometrische identificatie tijdens het WK en wedstrijden in het algemeen kwalificeert als high risk onder de AI-verordening. Anders dan bij de verbodsbepaling kan die vraag waarschijnlijk bevestigend worden beantwoord.

De volledige bespreking is vrij toegankelijk op www.AI-Forum.nl.