Gepubliceerd op vrijdag 28 augustus 2026
IT 5474
Rechtbank Amsterdam ||
9 jun 2026,
Rechtbank Amsterdam 9 jun 2026,, IT 5474; ECLI:NL:RBAMS:2026:8257 ([verzoeker] tegen FMC Separation Systems), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/uploadpoging-van-bedrijfsbestanden-naar-gemini-rechtvaardigt-ontslag-op-staande-voet

Uploadpoging van bedrijfsbestanden naar Gemini rechtvaardigt ontslag op staande voet

Rb. Amsterdam 9 juni 2026, IT 5474; ECLI:NL:RBAMS:2026:8257 ([verzoeker] tegen FMC Separation Systems). Deze zaak gaat over de vraag of FMC [verzoeker], een senior directeur binnen de organisatie, rechtsgeldig op staande voet heeft ontslagen nadat uit intern onderzoek bleek dat hij meerdere bedrijfsbestanden naar zijn privé-e-mailadres had gestuurd en had geprobeerd de inhoud van zijn zakelijke computer naar Gemini, de AI-dienst van Google, te uploaden. De arbeidsovereenkomst en de Code of Business Conduct Policy van FMC verboden dit. De gedragingen vonden plaats terwijl partijen onderhandelden over beëindiging van het dienstverband. [verzoeker] verzoekt de kantonrechter het ontslag op staande voet te vernietigen en maakt daarnaast aanspraak op vergoedingen. 

De kantonrechter wijst de verzoeken af. Het versturen van bedrijfsbestanden naar een privé-e-mailadres en de poging om bestanden naar Gemini te uploaden zijn volgens de kantonrechter ernstig verwijtbaar. Van [verzoeker] mocht vanwege zijn senior positie en salaris worden verwacht dat hij de geldende regels kende en naleefde. Dat partijen op dat moment al in beëindigingsonderhandelingen waren, weegt mee bij het oordeel dat sprake is van een dringende reden voor ontslag op staande voet. [verzoeker] stelt dat hij zelf met het uploaden is gestopt, maar daarvoor ziet de kantonrechter geen aanwijzingen; uit de stukken blijkt dat het beveiligingssysteem van FMC de upload heeft verhinderd en hem heeft geblokkeerd. Ook als [verzoeker] zelf zou zijn gestopt, acht de kantonrechter het beginnen met de upload al ernstig verwijtbaar. Verder liet [verzoeker] tijdens een gesprek op 19 november 2025, waarin FMC hem aansprak op het versturen van bestanden naar zijn privé-e-mailadres, na te melden dat hij diezelfde ochtend had geprobeerd bestanden naar Gemini te uploaden. Dat gebrek aan openheid droeg volgens de kantonrechter bij aan het verlies van vertrouwen. Het ontslag op staande voet blijft daarom in stand en [verzoeker] heeft geen recht op de gevraagde vergoedingen. 

1.1. De kantonrechter zal het verzoek van [verzoeker] tot vernietiging van het ontslag op staande voet afwijzen. De kantonrechter weegt daarbij alle omstandigheden van het geval mee en komt tot de conclusie dat de gedragingen van [verzoeker] die op 24 november 2025 uit het interne onderzoek naar voren zijn gekomen ernstig verwijtbaar zijn. [verzoeker] heeft meerdere bestanden uit de bedrijfsomgeving van FMC naar zijn privé e-mailadres verzonden en daarnaast op 19 november 2025, in de ochtend om 07:00 uur, zo blijkt, het hele bestand van zijn zakelijke computer willen uploaden naar Gemini (Google AI). Dat mag niet. Dat staat met heldere bewoordingen in de arbeidsovereenkomst van [verzoeker] en in de Code of Business Conduct Policy. Dat had [verzoeker] , zeker gelet op zijn positie als [functie 2] binnen de organisatie met een bijbehorend salaris, moeten weten. Nu [verzoeker] dit heeft gedaan terwijl partijen bezig waren met beëindigingsonderhandelingen, maakt dat naar het oordeel van de kantonrechter sprake is van een dringende reden. 

1.2. [verzoeker] stelt wel dat hij zelf gestopt is met het downloaden van de bestanden, maar daar is geen enkele aanwijzing voor. De kantonrechter stelt op basis van overgelegde stukken vast dat het security systeem het downloaden in ieder geval heeft verhinderd en [verzoeker] heeft geblokkeerd. Dat [verzoeker] uit zichzelf is gestopt met downloaden kan dan ook niet worden vastgesteld, maar ook als hij wel uit zichzelf is gestopt, geldt dat alleen het beginnen met downloaden al ernstig verwijtbaar is. Daarbij weegt de kantonrechter mee dat [verzoeker] tijdens het gesprek van 19 november 2025, waarin hij werd aangesproken op het mailen van de bestanden naar zijn privé e-mailadres – wat niet mocht en hetgeen [verzoeker] wist en waarvan [verzoeker] ter zitting ook heeft gezegd dat dat een fout was – niet heeft aangegeven dat hij diezelfde ochtend om 07:00 uur in paniek was en geprobeerd heeft de bestanden te downloaden. Dat heeft [verzoeker] niet gedaan en dat wordt hem door FMC verweten. De kantonrechter kan FMC volgen dat zij ook daardoor het vertrouwen in [verzoeker] zijn verloren. Dat is aan hemzelf te wijten door op dat moment geen openheid van zaken te geven.