Overige onderwerpen

IT 312

Kamervragen: geneesmiddelen via internet

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport vind het een zorgelijke kwestie dat receptgeneesmiddelen via internet worden besteld. De WHO geeft aan dat bij verkoop via internet in meer dan 50% van de gevallen sprake is van vervalsing.

7. Bent u bereid internetproviders aan te spreken op illegale of riskante sites waar receptgeneesmiddelen worden verkocht en met hen afspraken te maken om ze uit te lucht te halen of te weren? Zo nee, waarom niet?

8 Wilt u met banken en creditcardmaatschappijen in gesprek gaan om te komen tot een verbod op grensoverschrijdende transacties bij de verkoop van receptgeneesmiddelen? Zo nee, waarom niet?

Antwoord op vraag 7

 

Indien uit het onderzoek van IGZ blijkt dat Netpharm strafbare feiten pleegt (op zijn website) of daaraan op strafbare wijze medewerking verleent, zal ik op basis van de afgesproken code Notice-and-Take-Down (NTD) de internetprovider verzoeken de website uit de lucht te halen. Deze NTD-code beschrijft een procedure voor het omgaan met meldingen van onrechtmatige sites op internet. De code is een onderdeel van een initiatief van partijen die zich inzetten tegen de aanwezigheid van onrechtmatige en strafbare informatie op (het Nederlandse deel van) internet. Het initiatief is voortgekomen uit de wens van overheid en marktpartijen om te komen tot afspraken hieromtrent.

Antwoord op vraag 8:
Ik denk niet dat zo’n verbod mogelijk is. Ik heb mijn medewerkers gevraagd om contact op te nemen met het ministerie van Financiën om te verkennen wat wel en niet kan.

Lees volledige Antwoorden op Kamervragen hier (link) en hier (pdf)

Geneesmiddelenwet (wijzigingen 32 196)

IT 311

Over de Blu-Ray Standaard, BDA Members en FRAND

Rechtbank 's-Gravenhage 10 maart 2011, KG ZA 11-269, Sony Supply Chain Solutions (Europe) BV tegen LG Electronics Inc. (met dank aan Bart van den Broek, Frank Eijsvogels en David Owen, Hoyng Monegier)

Octrooirecht. Sony's vordering tot opheffing van het door LG gelegde conservatoir beslag op de bij SonySCS aanwezige voorraad PS3-consoles ( waarvoor de Vzr. Rechtbank Breda op 28 februari 2011, KG RK 11/189 verlof verleende) slaagt. Naar voorlopig oordeel heeft Sony voldoende aannemelijk gemaakt dat de bodemprocedure niet tot het oordeel zal leiden dat Sony octrooiinbreuk maakt (r.o. 4.8).

Zowel Sony als LG zijn houders van de voor de Blu-Ray Standaard essentiële octrooien, Member van de organisatie die deze Standaard coördineert (de Blu-ray Disc Association, hierna: BDA) en daardoor gebonden aan de Bylaws van de BDA (r.o. 4.9). Uit Clause 16 van de Bylaws volgt dat ieder Member wat betreft al zijn essentiële octrooien aan iedere interested party een licentie moet aanbieden 'on fair, reasonable and non-discriminatory terms and conditions'(oftewel de FRAND-voorwaarden r.o. 4.10). Ten tijde van de beslaglegging verkeerden partijen nog in staat van onderhandeling over de concrete voorwaarden waaronder licentie onder elkaars Blu-ray portfolio zou worden verleend (r.o. 4.11 t/m 4.16). Gelet op de bepalingen van de Bylaws - waaraan beide partijen onweersproken gebonden zijn - en de hieruit volgende onderlinge rechtsverhoudingen (4.17 t/m 4.23)

"moet aangenomen worden dat Sony, voor zover zij van LG een licentie behoeft om PS3 consoles op de markt te brengen, deze licentie hoe dan ook zal verkrijgen" (r.o. 4.24).

"In een rechtsverhouding die wordt beheerst door de begrippen 'fair' en 'reasonable' past het ook niet dat dreiging met een verbod en een beslag in de aanloop daartoe als onderhandelingsinstrument worden ingezet", aldus de Vzr. te 's-Gravenhage (r.o. 4.21).

Deze casus onderscheidt zich volgens de Vzr. te 's-Gravenhage van de casus die aan de orde was in Vrz. Rb ‘s-Gravenhage 17 maart 2010, HA ZA 08-2522 en HA ZA 08-2524 Koninklijke Philips Electronics N.V. tegen SK Kassetten GmbH & Co (18 maart 2010 - IEF 8682 'Fair, Reasonable and Non-Dicriminatory (FRAND)'). Die casus betrof een geschil tussen Non-Members. In deze zaak zijn beide partijen Member van de BDA, derhalve gebonden aan de BDA Bylaws en jegens elkaar "gehouden ter zake van essentiële octrooien een licentie aan te bieden op Frand-voorwaarden"(r.o. 4.19).

Lees het vonnis hier.
De Bylaws van de BDA: hier.

IT 309

Inbeslagname servers bij BREIN (vervolg)

In navolging van IT 240 volgt het antwoord op de kamervragen die zijn gesteld:

Klopt het dat Stichting Brein servers in beslag heeft genomen zonder  gerechtelijk bevel?  Klopt het dat Stichting Brein zich vervolgens toegang  heeft verschaft tot de servers, en dus ook de privé- en zakelijke  administratie van de servereigenaar en alle content die voor derden op  de servers stond? Klopt het dat Stichting Brein afgifte van de servers op  basis van de auteurswet heeft gevorderd? Is Stichting Brein hiertoe  bevoegd? Zo ja, waarom? Zo nee, welke maatregelen zal u in deze  nemen? 

Naar mij is gebleken, gaat het hier om servers van een derde die bij een provider  waren ondergebracht. Stichting Brein heeft deze provider gesommeerd om de  servers aan hen te overhandigen. De provider heeft aan deze sommatie voldaan.  Volgens Stichting Brein is de sommatie gebaseerd op artikel 28 van de  Auteurswet. Dit artikel geeft de bevoegdheid aan de auteursrechthebbende om  roerende zaken, die in strijd met het aan hem toekomende auteursrecht zijn  openbaar gemaakt of een niet geoorloofde verveelvoudiging vormen of die  materialen of werktuigen zijn die voornamelijk bij de schepping of vervaardiging  van deze zaken zijn gebruikt, als zijn eigendom op te eisen. In de situatie die  door het aangehaalde bericht is beschreven, was daarom geen sprake van een  beslaglegging.

Nadat de eigenaar van de servers met de afgifte van de servers bekend is  geworden, heeft deze verzocht om beslaglegging met gerechtelijke bewaring. Dit  verzoek is door de rechter op 18 februari 2011 toegewezen. Vervolgens heeft  Stichting Brein beslag laten leggen op de servers die in gerechtelijke bewaring  waren gesteld. Voor deze beslaglegging is door de rechter op 9 maart 2011 verlof  gegeven. Het is tussen partijen in geschil of op basis van artikel 28 van de  Auteurswet de afgifte van servers gevraagd kan worden van een derde die niet de  eigenaar is. Ook is tussen partijen in geschil of Stichting Brein zich toegang heeft  verschaft tot de servers. Het is in eerste instantie aan partijen om hier uit te  komen. Zij kunnen hun geschil eventueel aan de rechter voorleggen die op basis  van alle feiten en omstandigheden uitspraak zal doen.  

5 Bent u van mening dat met de Stichting Brein met deze handelswijze zich  schuldig maakt aan een vorm van eigenrichting en bovendien de privacy  van anderen schendt? Zo nee, waarom niet? Zo ja, welke maatregelen  bent u voornemens te nemen?  
Op dit moment zijn de partijen nog met elkaar in gesprek. Komen zij hier  onderling niet uit, dan kunnen zij hun geschil aan de rechter voorleggen die op basis van alle feiten en omstandigheden uitspraak zal doen.  Auteursrechthebbenden hebben het recht om de handhaving van de aan hen  toekomende rechten af te dwingen zolang zij binnen het kader van het recht  opereren. Dit betekent ook dat handhaving zelf onder bepaalde omstandigheden  onrechtmatig kan zijn en kan leiden tot een plicht om de daardoor geleden schade  te vergoeden. In bepaalde omstandigheden kan er bovendien sprake zijn van een  strafbaar feit. Ik ben van mening dat hiermee voldoende middelen beschikbaar  zijn om tegen mogelijke onrechtmatigheden op te treden. 

2011Z03851 
Aanvullende vragen van het lid Gesthuizen (SP) aan de staatssecretaris van  Justitie over inbeslagnames door de stichting BREIN (ingezonden 24 februari  2011)   

1 Wat is uw reactie op het bericht 'Brein nam servers van piraten illegaal in  beslag'?   
Naar aanleiding van het bericht en de gestelde vragen heb ik bij de betrokken  partijen navraag laten doen. Daaruit blijkt dat partijen verschillen van mening  over wat zich precies heeft voorgedaan. Zij zijn op dit moment nog met elkaar in  gesprek. Mogelijk volgt nog een procedure bij de rechter. Ik onthoud mij daarom  van een inhoudelijke reactie. Verder verwijs ik naar mijn antwoorden op de  vragen 2, 3 en 4 van de vragen van de leden Hennis-Plasschaert, Taverne en Van  der Steur (nr. 2011Z03793). 

2 Klopt het dat eigendom onrechtmatig in beslag is genomen?  
Hiervoor verwijs ik naar mijn antwoorden op de vragen 2, 3 en 4 van de vragen  van de leden Hennis-Plasschaert, Taverne en Van der Steur (nr. 2011Z03793). 

3 Deelt u de mening dat dergelijke eigenrichting onwenselijk is en dat om  soortgelijke toestanden in de toekomst te voorkomen de handhaving van  de naleving van het auteursrecht beter kan worden toevertrouwd aan een  overheidsinstantie? 
Het uitgangspunt bij het auteursrecht is dat het in beginsel aan de  rechthebbenden is om te zorgen voor de handhaving. Daarbij staat het partijen  bijvoorbeeld vrij om rechtsmaatregelen te treffen, voor zover deze in  overeenstemming zijn met de daarvoor geldende regels, zoals onder meer  neergelegd in het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. Overtreedt een  rechthebbende de regels, dan kan dit leiden tot een plicht om de daardoor  geleden schade te vergoeden. In bepaalde omstandigheden kan er bovendien  sprake zijn van een strafbaar feit. Ik ben van mening dat deze middelen afdoende  zijn om eventuele misstanden aan te pakken. De mening dat de handhaving van  de naleving van het auteursrecht beter kan worden toevertrouwd aan een  overheidsinstantie deel ik niet.     

Klik hier (link) en hier (pdf)

IT 303

Engelse rechtshaving werkt samen met .uk registrar in domeinnaamkaping

In navolging van bericht over de Amerikaanse domeinnaamkaping IT 264 (Amerikaanse overheid kaapt domeinnamen zonder waarschuwing: internetcensuur?) , zien we nu soortgelijke berichten uit Engeland voorbij komen.

Nominet doet de domein registratie voor .uk-domeinnamen en heeft inmiddels een samenwerking gestart met rechtshavers inzake het staken van domeinnamen waar vermoedelijk criminele activiteiten plaatsvinden. vermoedelijk zijn er zo'n 3.000 domeinnamen platgelegd. Dit gebeurt echter zonder waarschuwing noch zonder juridische procedures. Sinds enkele dagen gaat zij ook de discussie aan om een goed beleid hieromtrent te vormen. zie hier.

In een brief wordt de discussie uitgelegd:

There are increasing expectations from Law Enforcement Agencies that Nominet and its members will respond quickly to reasonable requests to suspend domain names being used in association with criminal activity and Nominet has been working with them in response to formal requests. 

Experience has been developed by working with key Law Enforcement Agencies in a trusted relationship. This led to the suspension of over 1,200 domain names being used for criminal activity, working on a request from the Police Central eCrime Unit in December 2009.

We expect action to be taken by the registrar in the first instance.  Action at the registry level would only be
required if the incident was urgent or the registrar failed to comply.

Nominet provide registrars with a lock which can be used in the case of criminal activity.

Lees de brief hier.

IT 296

Overheidsdata inzetten voor IT-projecten

Van de redactie. Overheidsdata is een schat voor innovaties. Zo bijvoorbeeld gegevens van het KNMI en Rijkswaterstaat (waterhoogten) die de weersite Buienrader gebruikt, maar ook bijvoorbeeld door diverse golfsurfsites (vb. pipodekloon.nl) wordt ingezet. Daarover heeft Minister Verhagen gezegd: “De schat aan overheidsdata leent zicht fantastisch voor innovaties. Dat levert de BV Nederland groei en banen op”. ICT vormt een belangrijke aanjager voor vernieuwingen in de industrie en dienstensector. Bijna 60 procent van de economische groei in de periode 1985-2006 is te danken aan ICT-toepassingen.

Het gebruik van ICT voor nieuwe producten en dienst is het belangrijkste uitgangspunt voor de nog te publiceren DigitaleAgenda.nl en is een uitwerking van de Europese plannen van Eurocommissaris Kroes (zie o.a. hier en hier).

ICT en hergebruik van de beschikbare overheidsdata kunnen worden toegepast in alle topsectoren; water, agrofood, tuinbouw, hightech, life sciences, chemie, energie, logistiek en creatieve industrie. Vooral maatschappelijke toepassingen en regeldrukvermindereing voor bedrijven zien de brancheorganisaties zitten, aldus Hyves, Google en IBM die vorige week bijeen kwamen met het Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie.

Voor nieuwe IT-projecten doet u er goed aan om een kijkje in deze informatieschatkist te nemen. De gedragsregels voor overheidsinstellingen gaan over de bekostiging van ondernemersactiviteiten (art. 2.2) meld dat deze tegen integrale kostprijs te verkrijgen is. Die investering voor data-harvesting heeft uw project dan in ieder geval bespaard.

Nog niet uitgelezen?
Louise de Gier en Joost Gerritsen, "Overheid concurreert oneerlijk, Commerciële data-exploitanten ondervinden zware concurrentie van overheidsinstellingen" IT 136 26 oktober 2010.

IT 289

verslag: Seminar INNOVATIE

Op donderdag 17 maart 2011 vond een seminar met als thema INNOVATIE plaats. Vectrix, STP en SOLV waren de gastheren van het seminar in het op de Zuid-As gelegen SPACES. Vanuit drie perspectieven werden financieel-juridische aspecten belicht van voornamelijk IT-innovatie: mogelijkheden voor subsidie-aanvragen, korting op de belastinggrondslag voor technologisch R&D-werk en juridische aspecten van Cloud Computing. Een kort verslag kon uiteraard niet uitblijven, met dank aan Vectrix, STP en SOLV.

Vectrix Bas Langelaar

Op basis van de Wet Bevordering Speur- en Ontwikkelingswerk (hierna: WBSO, formeel WVA/S&O: Wet Vermindering Afdracht Loonbelasting/Speur en Ontwikkelwerk) kan een ondernemer die voornemens is om een technologische innovatie te ontwikkelen korting krijgen op de loonkosten. Slechts voor personeel in loondienst, die zich met R&D bezighouden, kan de onderneming wbso subsidie verrekenen met de loonbelasting. Zelfstandigen (IB belastingplichtigen) kunnen een beroep doen op een S&O aftrek. Het type projecten varieert: technisch (wetenschappelijk) onderzoek, analyse van technische haalbaarheid R&D en ontwikkelingsprojecten. Uiteindelijk moet het gericht zijn op een product(onderdeel). Dat kan zowel fysiek tastbaar product als software of zelfs SaaS-dienst zijn.

Het komt in de aanvrage nauw aan op de formuleringen van de voorgenomen technische ontwikkeling. Vectrix - subsidies & financiering adviseurs - legt dit uit aan tal van voorbeelden.

STP, Pieter Drubbel

Om innovatie bij Nederlandse ondernemingen te stimuleren heeft de overheid per 1 januari 2007 de Octrooibox (tegenwoordig onder de naam Innovatiebox) opgenomen in de Wet op de Vennootschapsbelasting, per 1 januari 2008 is deze uitgebreid zodat niet alleen octrooien onder de werking van de box kunnen vallen, maar ook R&D activa. Kort gezegd kan toepassing van de Innovatiebox leiden tot een vermindering van de belastinggrondslag. Hoe werkt het: Voordelen die voortkomen uit verleende octrooien en, per 1 januari 2008, uit immateriële activa die voortvloeien uit R&D waarvoor een WBSO-verklaring is afgegeven, kunnen onder bepaalde voorwaarden en grenzen effectief worden belast tegen 5% vennootschapsbelasting (voor de jaren 2007, 2008 en 2009 nog 10). De Innovatiebox is slechts van toepassing op octrooien en R&D activa voor zover deze na 31 december 2006 respectievelijk 31 december 2007 tot de bedrijfsmiddelen van de belastingplichtige zijn gaan behoren. Merknamen vallen hierbuiten.

Het is aan te bevelen toepassing van de Innovatiebox met de Belastingdienst af te stemmen. In bepaalde gevallen kan het mogelijk zijn afstemming voor een aantal toekomstige jaren overeen te komen. De Innovatiebox is een stimuleringsmaatregel vanuit de overheid en daarom verleent de Belastingdienst veel medewerking, aldus Pieter Drubbel.

SOLV Wanda van Kerkvoorden

De “Cloud” is geen hype meer, net zoals het internet ook ooit werd genoemd, het is een voltrokken feit waar we meer over gaan horen. Op dit moment is het onduidelijk hoe “Cloud Computing” te definiëren, een van de vele voorzetten komt van Forrester:

“A form of standardized it-based capability - such as Internet- based services, software, or it infrastructure - offered by a service provider that is accessible via Internet protocols from any computer, is always available and scales automatically to adjust to demand, is either pay-per-use or advertising-based, has Web- or programmatic-based control interfaces, and enables full customer self-service”

De indeling van juridische “Cloud” aspecten komt neer op: continuïteit, beveiliging, privacy & compliance, licenties en Service-level agreements (SLAs). Van Kerkvoorden snijdt aan dat voor bedrijven die met een “cloud” willen werken  continuïteit van levensbelang is. Als het internet “eruit ligt”, dan ligt het bedrijf stil en een back-up kan bijvoorbeeld het bedrijf een stap terug moeten laten zetten. Het is dus goed om hierover heldere afspraken te maken met de aanbieder, of juist situaties goed af te dekken als aanbieder van zulke diensten. Vooral welke maatregelen genomen worden en hoe vaak bijvoorbeeld tests uit worden gevoerd voor gebruiksherstel.

Privacy-aspecten, te kort om hier uitgebreid op in te gaan, behoren ook tot een ‘key issue’; zo is het verwerken van persoonsgegevens buiten de EU/Safe Harbor zonder toestemming verboden en vanuit diverse toezichthouders gelden nog eens aparte vereisten. Terwijl met Cloud computing de fysieke locatie er niet meer toe doet, doet de regelgeving er wel degelijk toe bijv. op financieel of medisch terrein. Tot slot adviseert Van Kerkvoorden dat goed afgestemd moet worden waar de verantwoordelijkheden liggen mbt de juiste licentievormen, want het traditionele CPU-based licentiesysteem gaat niet op voor de “Cloud”.

IT 270

Zelftest internetondernemers

Via de site van de Belastingdienst kunnen internetondernemers een zelftest doen. De online verkoopkanalen zijn vaak te weinig conform de wettelijke voorwaarden; consumenten worden middels die bepalingen beschermd. De Consumentenautoriteit ziet daarop toe:

Verkoopsites zijn vaak gestart vanuit hobbyisme en doorgegroeid naar professionele kanalen met flinke omzetcijfers. Daarom hebben de Consumentenautoriteit en de Belastingdienst het initiatief genomen om de test te ontwikkelen en internetondernemers te informeren. Door vijf vragen te beantwoorden wordt duidelijk of zij hun website moeten aanpassen of dat deze voldoet. De test en informatie zijn te vinden op www.belastingdienst.nl/internetondernemers.

De bezoeker wordt in deze laagdrempelige site snel naar belangrijke informatie geleid. Bij wijze van proef zijn via e-mail de eerste 560 ondernemers geïnformeerd uitgenodigd om de zelftest te doen.