Strafzaak over gewoonte van online handelsfraude en schadevergoeding aan gedupeerden
Rb. Gelderland 7 november 2025, IT&R 5135; ECLI:NL:RBGEL:2025:11897 (de officier van justitie tegen Jasper [naam]). De rechtbank veroordeelt verdachte wegens het primair tenlastegelegde feit: hij heeft in de periode van 5 juni 2022 tot en met 9 februari 2024 een gewoonte gemaakt van het via een geautomatiseerd werk verkopen van goederen of diensten met het oogmerk om zonder volledige levering zich van de betaling daarvan te verzekeren. Bewezen is dat hij via Facebook Marketplace, Marktplaats.nl en 2dehands.net in 29 gevallen kopers tot betaling heeft bewogen voor onder meer afkortzagen, Makita-accu’s, Festool-gereedschap, een Reximex-luchtbuks, Zwarte Cross-tickets, een golfkar, een Garmin-horloge en Milwaukee-accu’s, terwijl levering uitbleef. De rechtbank verwerpt het verweer dat onvoldoende vaststond dat de gebruikte bankrekeningen aan verdachte toebehoorden: zij acht de processen-verbaal over de tenaamstelling betrouwbaar en betrekt daarbij ook de verklaring van verdachte dat hij “allemaal rekeningnummers” moest openen. Voor 25 aangiften staat rechtstreeks vast dat betalingen zijn gedaan op rekeningen op naam van verdachte; voor vier andere aangiften leidt de rechtbank zijn betrokkenheid af uit schakelbewijs, zoals hetzelfde telefoonnummer, terugkerende namen, overeenkomende rekeningnummers en een consistente modus operandi. De rechtbank acht bovendien bewezen dat het nooit de bedoeling is geweest de goederen of diensten te leveren, onder meer omdat verdachte niet meer reageerde op berichten over uitblijvende levering of terugbetaling en uit het dossier niet blijkt van enig begin van daadwerkelijke levering. Medeplegen acht de rechtbank niet bewezen, zodat vrijspraak volgt van dat onderdeel, maar voor het overige wordt het primaire feit bewezen verklaard.