CBOX mocht overeenkomst niet op grond van opt-outregeling beëindigen
Rb. Amsterdam 24 juni 2026, IT 5370; ECLI:NL:RBAMS:2026:6649 (DNZ tegen CBOX). De Nieuwe Zaak Ecommerce (DNZ) en CBOX sluiten een overeenkomst van opdracht voor de implementatie van een BigCommerce-platform. De offerte vermeldt een totale projectinvestering van € 144.500 exclusief btw. Op verzoek van CBOX nemen partijen een opt-outregeling op. Wanneer tijdens de Discoveryfase blijkt dat de investering voor de realisatiefase meer dan 20% afwijkt van het voorstel, moeten partijen overleggen over het vervolg. Alleen wanneer zij geen passende oplossing vinden, behoort beëindiging van de samenwerking tot de mogelijkheden. Na de Discoveryfase presenteert DNZ een geraamde projectinvestering van € 162.500. CBOX deelt vervolgens mee de samenwerking niet te willen voortzetten. DNZ stelt dat CBOX daardoor tekortschiet, ontbindt de overeenkomst buitengerechtelijk en vordert schadevergoeding. CBOX betoogt dat partijen na de Discoveryfase een algemeen go/no-go-moment waren overeengekomen en vordert in reconventie vergoeding van haar eigen schade.