Internet

IT 260

App Store: het verweer

De ITenRecht redactie heeft de hand weten te leggen op het verweer in oppositie van APPLE tegen het niet-registreren van het merk APP STORE in Amerika. Gewezen wordt op dat de term nu al een 'generic term' is - vergelijkbaar met bijvoorbeeld walkman, wat voorheen een merk was en nu als soortnaam doorgaat voor een "mobiel cassettespeler".

APPLE: De termen App en Store zijn niet zo algemeen dat er geen exclusieve rechten verkregen zouden kunnen worden. Windows - appellant in deze - zou volgens apple beter moeten weten: window betekent immers 'raam'. Het gaat erom welke betekenis de meerderheid van het relevantie publiek aan de term geeft. Zo nu ook Apple. Een applicatiewinkel van Apple, dat wordt door mensen gekoppeld aan de term AppStore.

Voor de documenten: (eerdere) registratie, oppositie en verweer... 

Het woordenboekcriterium wordt ook in de strijd gegooid; het staat er (redactie: nog) niet in, dus dat staat een merkenrechtelijke registratie niet in de weg:

While Microsoft goes to great lengths to identify alleged dictionary definitions for “app” and “store,” absent from its motion are dictionary definitions for the term “APP STORE” as a composite term.  Dr. Leonard was likewise unable to identify any traditional dictionaries defining the term APP STORE.  Leonard Dec. ¶ 36. Significantly, when he searched non-traditional dictionaries, Dr. Leonard discovered definitions for APP STORE, the vast majority of which defined the term  as referencing Apple’s groundbreaking online software marketplace.  Id. at ¶ 41. (pagina 17)

De redenering van Microsoft mist, zo concludeert Apple, steekhoudende argumenten, bewijs en expertise:

Microsoft, seeking to avoid highlighting an issue of  fact at all costs, offers the Board only specific instances of uses of the term APP STORE which Microsoft contends are generic uses.  What is missing from Microsoft’s submission is any evidence, expert or otherwise, regarding whether such uses represent a majority of the uses of the term or simply a small, inconsequential subset of how the relevant public uses the term APP STORE.  Microsoft’s failure to assess the universe of uses of the term APP STORE alone warrants the denial of its motion.  This is because without such an assessment Microsoft misses the forest for the trees,  and cannot possibly meet its burden of showing that a majority of the relevant public understands the term APP STORE to be generic.   See Leonard Dec. ¶ 43 (Mr. Durrance “selectively chose his evidence and submitted only those pieces of evidence that he concluded were helpful to his argument that APP STORE is a generic term.  This approach is antithetical to scientific analysis, including linguistic analysis.”). (pagina 18)

Een expert wordt aangehaald voor de interpretatie van het begrip AppStore online:

Dr. Leonard analyzed references to APP STORE appearing in The Corpus of Contemporary American English (“COCA”), an online collection of over 410 million words of popular texts from such publications as The New York Times,  Popular Mechanics,  Newsweek,  The Chicago Tribune, and  PCWorld during the years 1990-2010.  Id. ¶¶ 11, 13, 23, 31.  Dr. Leonard explains, “COCA is a ‘balanced’ corpus, meaning that it includes an equal number of texts and words from a wide variety of popular publications each year; as such, it is accepted among experts in the field of sociolinguistics as representative of current language use.”  Id ¶ 13.  Dr. Leonard’s review of this database established that  88% of the references to APP STORE in that database constitute references to Apple’s APP STORE service. (pagina 24)

Het is nu aan het USPTO Trial & Appeal Board om de knoop door te hakken.

Voor de registratie van het merk APP STORE klik hier of hier(pdf)
Gek genoeg is de term APPSTORE (let op zonder spatie) al "abandoned" klik hier of hier(pdf)
Voor de oppositie van Windows klik hier
Voor het verweer van Apple klik hier

IT 259

Is het databankenrecht wel geschikt ter bescherming van online databanken tegen specialistische zoekmachines

Mark Jansenmet dank aan Mark Jansen, Dirkzwager voor deze bijdrage.

 Uitgebreid en opiniërend overzichtsartikel over de toepasbaarheid van het databankenrecht op online databanken, in het bijzonder in verband met het ‘parasiterend’ gebruik van online databanken. Het artikel was reeds afgerond voordat op 16 februari 2010 bekend werd dat het Hof ’s-Gravenhage inzake Gaspedaal voornemens is prejudiciële vragen te stellen (IEF 9415). In verband met dat voornemen is dit artikel nu sneller gepubliceerd.

De vragen van het Gerechtshof zien met name op de uitleg van de begrippen herhaald en systematisch hergebruiken van gegevens uit een databank. In dit artikel wordt ook aan andere problemen rondom de bescherming van online databanken aandacht besteed die mogelijk in een volgende procedure voor vragen aan het Hof van Justitie in aanmerking komen.

De conclusie van het artikel is dat het databankenrecht niet toegespitst lijkt op de bescherming van online databanken, nu belangrijke begrippen toegespitst lijken te zijn op de bescherming van statische in plaats van op dynamische databanken. De gesignaleerde knelpunten in de Databankenwet stellen de rechters voor een onmogelijke opgave. Het effect is dat eenduidige criteria niet te formuleren zijn en de rechtszoekende in grote onzekerheid blijft verkeren. Dat is onwenselijk en zal ook niet beoogd zijn met de invoering van regels ter bescherming van databanken. De oplossing zal naar mijn mening gezocht moeten worden in aanpassing van de regels. Dat vraagt om een Europees initiatief.

Lees het volledige artikel hier (in pdf) of hier (in tekst).

IT 258

Nieuw platform voor escrow bedrijven van start

International Software Escrow Association (ISEA) bundelt krachten van kwalitatieve escrow leveranciers Amsterdam, 1 maart 2011.

Onlangs is de International Software Escrow Association (ISEA) van start gegaan. De initiatiefnemers van het platform bestaan uit zes ervaren escrow bedrijven, t.w. Escrow Europe Scandinavia, Escrow Europe South Africa, InnovaSafe (USA), Logitas (Frankrijk), SES (UK) en Escrow4all (NL). --- Voor het volledige bericht verwijs ik u graag naar de bijlage (lees meer).

Persbericht
 
Nieuw platform voor escrow bedrijven van start
International Software Escrow Association (ISEA) bundelt krachten van kwalitatieve escrow leveranciers
 
Amsterdam, 1 maart 2011 – Onlangs is de International Software Escrow Association (ISEA) van start gegaan. De initiatiefnemers van het platform bestaan uit zes ervaren escrow bedrijven, t.w. Escrow Europe Scandinavia, Escrow Europe South Africa, InnovaSafe (USA), Logitas (Frankrijk), SES (UK) en Escrow4all (NL).
 
De doelstellingen van ISEA bestaan uit:
1.       Samenwerking en synergie binnen de escrow branche stimuleren in het voordeel van (potentiële) afnemers en gebruikers van escrow diensten;
2.       Opzetten van kwaliteitsstandaarden en richtlijnen voor ISEA leden en haar cliënten;
3.       Bieden van een kennis uitwisselplatform om de hoogste professionele standaard in escrow dienstverlening te bieden;
4.       Opstellen van een protocol voor ISEA leden om op een consistente basis gezamenlijk escrow diensten te leveren aan (internationale) cliënten;
5.       Monitoren van markt ontwikkelingen en waar nodig gezamenlijk daarop inspelen.
 
Tussen de ISEA leden bestaan op ad-hoc basis al samenwerkingsverbanden. Bijvoorbeeld voor het bieden van fysieke opslagfaciliteiten van broncode depots buiten eigen landgrenzen. Daarnaast voeren leden verificaties voor elkaar uit conform hoogwaardige standaarden. Denk hierbij aan een escrow regeling onder Amerikaans recht voor een in Nederland gevestigde ISV.
 
Andrew Stekhoven, Voorzitter van ISEA: “Software escrow opereert in een niche markt. Daarom is bundeling van krachten op mondiaal niveau niet alleen een logische zet maar ook een must. Ieder ISEA lid behoudt haar eigen identiteit en propositie, maar heeft toegang tot een internationaal netwerk van gelijkgestemde escrow bedrijven die kwaliteit en klantgerichtheid hoog in het vaandel hebben.”
 
Herman Kui, Commercial Director van Escrow4all: “Iedereen kan met een gelikte website zich escrow agent noemen. Daarom is een internationale kwaliteitsstandaard een prettig houvast voor potentiële opdrachtgevers. De founder members willen voor de toelating tot het platform een aantal criteria en een gedragscode opstellen. Escrow bedrijven die lid zijn leveren diensten aan tenminste 500 organisaties en moeten full service actieve escrow diensten bieden.”
 
Voor meer informatie: www.internationalsoftwareescrow.com
 
 
-- einde --

Over Escrow4all
Escrow4all biedt full-service escrow diensten – zoals Software Escrow, SaaS Escrow, Knowledge Escrow en uitgekiende verificatiediensten – aan iedere organisatie die serieus en professioneel om gaat met IT-risico management vraagstukken. Met ruim 50 manjaren ervaring in alle disciplines van escrow dienstverlening, is het team van Escrow4all de absolute kennis leider in Nederland. In die hoedanigheid creëert Escrow4all met kwalitatieve oplossingen en doordachte processen meerwaarde voor haar klanten.
 
Contactgegevens
 
ESCROW4ALL B.V.
Herman Kui, Commercial Director
020 - 3420 250 / 06 - 1180 1155
 
(Engelstalig)
International Software Escrow Association (ISEA)
Andrew Stekhoven
andrew.stekhoven@escroweurope.co.za

Voor het persbericht klik hier (pdf)

IT 257

Webwinkel past niet in bestemmingsplan

Met dank aan mr. Juliette Kager, Wisemen voor deze bijdrage.

De gemeente Abcoude is een procedure gestart tegen een webwinkel omdat deze in een woning gevestigd is. Het bestemmingsplan staat detailhandel niet toe, zo beweert de gemeente. De webwinkel verkoopt fietsen via internet. Er is bezwaar gemaakt tegen het verkeer dat hierdoor wordt aangetrokken. Volgens de webwinkel worden er gemiddeld 4,5 fiets per week verkocht, en bevinden zich meer bedrijven in de straat waar vanuit de webwinkel wordt gedreven.

Wanneer is een webwinkel een ‘echte’ winkel? Wanneer kun je verkoop via het internet als detailhandel kwalificeren?

Ruimtelijke uitstraling van de activiteiten

In een uitspraak uit 2006 (Voorzieningenrechter Rb Leeuwarden 4 oktober 2006, LJN: AY9631, AWB 06/2072 en 06/2086) is eerder over de verkoop van fietsen vanuit een woning geoordeeld. Toen werd meegewogen welke ruimtelijke uitstraling van de activiteiten uitgaat, zoals – naast de mogelijkheid van het bezorgen van fietsen – het ter plaatse afhalen van een gekochte fiets door een koper, en het te koop aanbieden van fietsen op het bewuste adres. Ook het aantal verkeersbewegingen is in de procedure aan de orde gekomen. De rechter oordeelde dat de fietsen niet louter via het internet werden verkocht, en er sprake was van een detailhandelsactiviteit vanuit een perceel met woonbestemming, waardoor er sprake was van strijdigheid met het bestemmingsplan.

In een eerdere uitspraak van de Raad van State (Raad van State 15 februari 2006, LJN: AV1819,  200502806/1) aangaande de verkoop van auto’s vanuit een perceel met woonbestemming – vermeld op internet en in de Gouden Gids – is bepaald dat ook een gering aantal auto’s dat wordt gestald op het achtererf, en de omstandigheid dat deze niet ter plaatse worden verkocht, verboden is volgens de planvoorschriften.

Bedrijf-aan-huis-beleid

Een gemeente kan een bedrijf-aan-huis-beleid hanteren waarbij de vestiging van bedrijven in detailhandel en ambachtelijke bedrijven met verkoopactiviteiten alleen mogen plaatsvinden in daartoe geschikte gebieden. Zo’n beleid verzet zich tegen de ook detailhandel omvattende bedrijfsactiviteiten in een woning. Hiervoor heeft de gemeente specifieke winkelcentra en de gebieden waar een vermenging van functies ingevolge het bestemmingsplan mogelijk is aangewezen.

Het voorgaande heeft tot gevolg dat niet snel een ontheffing voor het vestigen van een bedrijf aan huis, dat wil zeggen voor het verrichten van bedrijfsactiviteiten in een perceel met woonbestemming, wordt verleend.

Bestemmingsplan 

In gebieden met uitsluitend een woonbestemming worden handelsactiviteiten geweerd. Als de gemeente Abcoude in beroep bij de Raad van State weer in het gelijk wordt, ziet het er somber uit voor deze webwinkelier. Dan zal hij de handelsactiviteiten via zijn webshop en de woonbestemming van zijn huis fysiek moeten scheiden.

Conclusie 

Indien er geen definitie van ‘webwinkel’ in een bestemmingsplan wordt opgenomen, zal men te rade moeten gaan bij de definities van ‘detailhandel’, ‘groothandel’, ‘beroep of bedrijf aan huis’ (met ‘kantoor’ of ‘bedrijfsruimte aan huis’). Een gemeente heeft hiervoor doorgaans beleid ontwikkeld, waardoor detailhandel in winkelstraten, en groothandel op bedrijventerreinen thuis kunnen horen. Opletten dus voordat u in dezelfde positie als de webwinkel voor fietsen terechtkomt!

Opmerkelijk is dat terwijl de Europese Unie bezig is het webwinkelen voor webwinkeliers en consumenten te vereenvoudigen door uniforme regels aan alle lidstaten op te leggen, deze lokale webwinkelier zich juist geplaatst weet voor moeilijkheden vanwege het bestemmingsplan.

mr. Juliette Kager, Wisemen
16 februari 2011

IT 252

Eerste hulp bij Fraudehelpdesk

Een nieuw initiatief om burgers en kleine bedrijven beter geholpen kunnen worden: De Fraudehelpdesk. Daar neemt een medewerker nauwkeurig op hoe iemand slachtoffer is geworden en begeleidt de gedupeerde vervolgens bij het melden van zijn zaak bij de juiste instantie. De helpdesk neemt zelf geen meldingen in behandeling, maar krijgt via de vragen en doorverwijzingen wel belangrijke informatie over de omvang van fraude en oplichting in Nederland. Die informatie geeft de helpdesk door aan het ministerie van Veiligheid en Justitie.

Een overzicht van deelnemende partners > lees meer

IT 248

Centralisatie KvK-systemen nadert voltooiing

Bericht van computable: hier

introductie: De Kamer van Koophandel (KvK) staat op het punt om de centralisatie van zijn ict af te ronden. Dit grote ict-project werd vijf jaar geleden gestart en kostte in totaal 56 miljoen euro. Binnen het project vielen centralisatie van de ict van de dertien KvK's, het opzetten van één shared services center, de invoering van een nieuwe werkplek, vernieuwing van het crm-systeem en de financiële omgeving en het opzetten van een nieuw Handelsregistersysteem.

IT 244

Wederom klacht tegen Google

Ditmaal is door juridische zoekmachine Ejustice.fr een klacht ingediend bij de Europese Commissie. Reden voor deze opvolgende klacht is een serie van nieuwe misbruiken (retaliation, unfair listings =  wraak en oneerlijke  aanbiedingen) en extra bewijs voor het vermeende misbruik.

De franse, juridische zoekmachine beschuldigd Google ervan dat verticale zoekmachines Google technologie moeten gebruik voor het doorzoeken van sites tussen 2006-2010. Een boete van 10% van Googles omzet staat op het spel.

Bron: Reuters, nu.nl

IT 235

Onderzoek internetforum te tijdrovend

Rechtbank 's-Gravenhage 2 februari 2011 (Pretium/Tros), LJN: BP4605. Call-center gate continues (zie de eerdere posts  IT 24 en IT 107). Vordering van Pretium tot verwijderen berichten van het internetforum van TROS Radar afgewezen, onder meer doordat onderzoek forum te tijdrovend is. Art. 843a Rv-vordering Pretium toegewezen m.b.t. het ruwe beeld- en geluidsmateriaal dat verkregen was met de verborgen camera in het callcenter. Dit materiaal is naar het oordeel van de rechtbank voldoende concreet omschreven om te worden aangemerkt als "bepaalde bescheiden" als bedoeld in de wet.

Pretium vordert onder meer dat TROS de lasterlijke berichten over Pretium blijvend verwijdert en eventuele nieuwe lasterlijke berichten over Pretium binnen 24 uur na plaatsing blijvend verwijdert. De rechtbank oordeelt:

"3.9.Met betrekking tot vordering VIIb overweegt de rechtbank als volgt. Om te kunnen beoordelen of Tros gehouden is de betreffende berichten op het forum dan wel de door Pretium geel gearceerde gedeelten daarvan te verwijderen, dienen deze berichten in beginsel afzonderlijk te worden onderzocht. In dit geval gaat het om honderden berichten. Een incident als het onderhavige leent zich niet voor een dergelijk tijdrovend onderzoek. Hierbij laat de rechtbank nog daar dat Pretium grotendeels heeft volstaan met een algemene toelichting op de berichten. Een gebod aan Tros om eventuele nieuwe "lasterlijke en/of onrechtmatige" berichten over Pretium niet te plaatsen althans deze berichten te verwijderen acht de rechtbank te onbepaald om te kunnen toewijzen."

Meer succes had Pretium met haar vordering tot afgifte van het ruwe beeld- en geluidsmateriaal dat verkregen was met de verborgen camera in het callcenter. De rechtbank loopt de wettelijke criteria af en overweegt onder meer:

"bepaalde bescheiden?

3.18.Als niet betwist staat vast dat Tros de beschikking heeft over het ruwe volledige beeld- en geluidsmateriaal. Dit materiaal is naar het oordeel van de rechtbank voldoende concreet omschreven om te worden aangemerkt als "bepaalde bescheiden" als bedoeld in artikel 843a Rv. Het op dit punt - overigens uitsluitend bij antwoord - gevoerde verweer van Tros wordt verworpen."

Lees het vonnis hier (link) of hier (pdf). Wordt vast vervolgd.