IT 5105
10 februari 2026
Uitspraak

ICT-dienstverlener Hallo NL niet aansprakelijk voor ontbrekende back-ups na servercrash

 
IT 5104
10 februari 2026
Artikel

Terugblik op het Nationaal AI & Data Congres: de AI Act in actie, AI-training op persoonsgegevens, contractvorming in het AI-tijdperk en meer!

 
IT 5103
6 februari 2026
Uitspraak

EHRM over vrijheid van meningsuiting van rechters op sociale media

 
IT 5088

HvJ EU: privékopieheffing bij verkoop van opslagmedia aan commerciële eindgebruikers toegestaan

HvJ EU 15 jan 2026, IT 5088; ECLI:EU:C:2026:13 (bluechip Computer Aktiengesellschaft tegen ZPÜ), https://www.itenrecht.nl/artikelen/hvj-eu-privekopieheffing-bij-verkoop-van-opslagmedia-aan-commerciele-eindgebruikers-toegestaan

HvJ EU 15 januari 2026, IEF 23236; IT 5088; ECLI:EU:C:2026:13 (bluechip tegen ZPÜ). De zaak gaat over de reikwijdte van de privékopie-exceptie (art. 5(2)(b) Richtlijn 2001/29) en de financiering van de daarbij behorende billijke compensatie. In Duitsland vorderde de collectieve beheersorganisatie ZPÜ van bluechip (producent/importeur/handelaar van pc’s, notebooks en workstations met ingebouwde harde schijf) betaling van een opslagmediaheffing over 2014–2017. De Duitse rechter paste een weerlegbaar vermoeden toe dat ook opslagmedia die aan commerciële eindafnemers (natuurlijke personen en rechtspersonen die voor zakelijke/professionele doeleinden inkopen) worden verkocht, (mede) worden gebruikt voor privékopieën door natuurlijke personen, zodat de heffing verschuldigd is tenzij de verkoper het tegendeel bewijst. De Bundesgerichtshof vroeg of een nationale regeling die de heffingsplicht bij deze marktpartijen legt en uitgaat van zo’n vermoeden, verenigbaar is met art. 5(2)(b) Richtlijn 2001/29.

IT 5084

Autobedrijf deels aansprakelijk voor schade na e-mailfraude door AVG-schending

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 23 dec 2025, IT 5084; ECLI:NL:GHARL:2025:8556 ([appellant] tegen [geïntimeerde]), https://www.itenrecht.nl/artikelen/autobedrijf-deels-aansprakelijk-voor-schade-na-e-mailfraude-door-avg-schending

Hof Arnhem-Leeuwarden 23 december 2025, IT 5084; ECLI:NL:GHARL:2025:8556 ([appellant] tegen [geïntimeerde]). [appellant] heeft een auto van [geïntimeerde] gekocht. Na een betaalinstructie vanuit het e-mailadres van [geïntimeerde] heeft [appellant] het grootste deel van de koopprijs betaald op een Duitse bankrekening. Achteraf bleek dat een derde (hierna: de hacker) via het e-mailaccount van [geïntimeerde] een valse betaalinstructie had gestuurd. [geïntimeerde] heeft het bedrag niet ontvangen en heeft geweigerd de auto aan [appellant] te leveren. [appellant] stelt dat hij schade heeft geleden, omdat [geïntimeerde] in strijd met de AVG onvoldoende beveiligingsmaatregelen heeft getroffen om haar e-mailaccount te beschermen, waardoor hij het restantbedrag voor de auto op een verkeerde bankrekening heeft gestort. Hij wil dat [geïntimeerde] dat bedrag betaalt als schadevergoeding samen met een bedrag voor de door hem geleden immateriële schade. Het hof heeft in het tussenarrest [IT 4934] eerst geoordeeld dat [geïntimeerde] niet is geslaagd in haar bewijslevering dat zij de persoonsgegevens op haar e-mailaccount passend had beveiligd in de zin van de AVG. Vervolgens heeft het hof geoordeeld dat [appellant] de door hem gevorderde immateriële schade onvoldoende heeft onderbouwd. Tot slot heeft het hof partijen de mogelijkheid geboden om zich uit te laten over de vraag of sprake is van ‘eigen schuld’ in de zin van artikel 6:101 BW aan de zijde van [appellant].  

IT 5083

Verzoek om inzage in pensioengegevens niet ontvankelijk wegens ontbreken AVG-verzoek

Rechtbank Midden-Nederland 24 dec 2025, IT 5083; ECLI:NL:RBMNE:2025:6857 ([verzoeker] tegen PFZW), https://www.itenrecht.nl/artikelen/verzoek-om-inzage-in-pensioengegevens-niet-ontvankelijk-wegens-ontbreken-avg-verzoek

Rb. Midden-Nederland 24 december 2025, IT 5083; ECLI:NL:RBMNE:2025:6857 ([verzoeker] tegen PFZW). [verzoeker] heeft pensioen opgebouwd bij Stichting Pensioenfonds Zorg en Welzijn (hierna: PFZW). Hij verzoekt de rechtbank PFZW te verplichten om al zijn persoonsgegevens toe te sturen en alle berekeningen die ten grondslag liggen aan de hoogte van zijn huidige pensioenuitkering voorzien van een uitleg. 

IT 5077

IE-diner 2026: nog enkele plaatsen beschikbaar

Volgende week, op donderdag 29 januari, organiseert deLex Media het IE-diner 2026 in de kapel van Hotel Arena in Amsterdam. Een vaste afspraak op de IE-kalender voor wie het jaar zowel inhoudelijk als persoonlijk wil beginnen.

Ook dit jaar begeleidt Prof. mr. Bernt Hugenholtz de avond als ceremoniemeester. Tijdens een driegangendiner spreken drie experts over actuele thema’s binnen IE. Inmiddels zijn alle namen bekend:

  • Rian Kalden – rechter bij het Hof van Beroep van het Unified Patent Court (UPC) en voorzitter van het tweede panel
  • Sophie van Loon – partner IE & Media bij Kennedy Van der Laan en redacteur van het tijdschrift Auteursrecht
  • Alexander Tsoutsanis – legal director bij DLA Piper en redacteur van Berichten Industriële Eigendom (BIE)

De ontvangst begint om 18.00 uur, waarbij IE-expert Thomas Jonker (AI-Forum) u zal begeleiden op de piano. Tijdens het diner is er volop gelegenheid om bij te praten met collega’s uit het vakgebied en nieuwe namen te leren kennen. 

Aanmelden is nog enkele dagen mogelijk. Vanwege de capaciteit van Hotel Arena is het aantal plaatsen beperkt. 

IT 5081

ACM mocht nep-klantenservicenummer intrekken

Rechtbank Rotterdam 9 jan 2026, IT 5081; ECLI:NL:RBROT:2026:392 ([eiseres] tegen ACM), https://www.itenrecht.nl/artikelen/acm-mocht-nep-klantenservicenummer-intrekken

Rb. Rotterdam 9 januari 2026, IT 5081; RB 3960; ECLI:NL:RBROT:2026:392 ([eiseres] tegen ACM). Op 5 december 2017 heeft de ACM het informatienummer [telefoonnummer] toegekend aan [bedrijf X]. [bedrijf X] heeft het nummer in gebruik gegeven aan [eiseres]. In juli 2024 heeft de ACM het informatienummer ingetrokken wegens misburik van de tarifering, art. 4.4 Telecommunicatiewet (Tw) jo. 3.6b van het Besluit universele dienstverlening en eindgebruikersbelangen (Bude). De ACM constateerde dat consumenten misleid werden doordat zij dachten contact te hebben met de klantenservice van bedrijven als Bol.com of Klarna, terwijl dit niet het geval was. Bellers werden langdurig aan de lijn gehouden zonder dat een daadwerkelijke dienst werd geleverd. Voor de gesprekken werd €0,80 per minuut in rekening gebracht. In tweeënhalve maand vonden ruim 25.000 gesprekken plaats, met een totale duur van bijna 170.000 minuten. Eiseres gaf aan dat zij bouwadvies verleende en de gesprekken correct afhandelde, onder meer door kosteloos terug te bellen. Verder gaf ze aan dat zij de buitengebruikstelling van het informatienummer onbehoorlijk en onrechtmatig vindt. 

IT 5082

Kort geding over onrechtmatige uitlatingen en rectificatieplicht op social media

Rechtbank Rotterdam 31 dec 2025, IT 5082; ECLI:NL:RBROT:2025:15317 ([eisers] tegen [gedaagde]), https://www.itenrecht.nl/artikelen/kort-geding-over-onrechtmatige-uitlatingen-en-rectificatieplicht-op-social-media

Rb. Rotterdam 31 december 2025, IEF 23229; IT 5082; ECLI:NL:RBROT:2025:15317 ([eisers] tegen [gedaagde]). De zaak betreft een kort geding tussen een influencer en partner enerzijds en de beheerder van een juicekanaal anderzijds. [eisers] vorderen dat berichten van het juicekanaal worden verwijderd, verwijderd gehouden en dat een rectificatie op het juicekanaal wordt geplaatst. De berichten bevatten vermeende misstanden in de beautysalons van [eiser 1], een verjaardagsfeest in attractiepark DippieDoe en de professionele achtergrond van [eiser 2]. [eiser 1] reageert op zijn eigen kanalen met berichten waarin hij suggereert dat [gedaagde] achter ernstige bedreigingen, vernielingen en het “kapotmaken” van de eerste verjaardag van zijn kind zit, en hij kondigt een eigen onderzoek en “ontmaskering” aan. In conventie vorderen [eisers] op grond van onrechtmatige daad (artikel 6:162 BW) en een inbreuk op hun recht op eer en goede naam en privacy (artikel 8 EVRM) onder meer dat de berichten worden verwijderd en verwijderd gehouden, dat het juicekanaal zich onthoudt van soortgelijke uitingen, dat een uitgebreide rectificatie wordt geplaatst op alle socialmediakanalen van het juicekanaal en dat de namen en adressen van de bronnen die uitlatingen over [eiser 2] hebben gedaan worden verstrekt, alles op straffe van dwangsommen. In reconventie vordert [gedaagde], ook onder beroep op onrechtmatige daad en bescherming van zijn eer en goede naam, dat [eiser 1] en [eiser 2] hun uitingen over hem verwijderen en verwijderd houden, dat zij zich onthouden van nieuwe onnodig grievende uitlatingen, dat zij een rectificatie plaatsen op hun eigen socialmediakanalen en dat zij tot de proceskosten worden veroordeeld.

IT 5085

Voorzieningenrechter verbiedt onrechtmatige socialmediaberichten en legt contactverbod op

Rechtbank Gelderland 23 dec 2025, IT 5085; ECLI:NL:RBGEL:2025:11614 (de Stichting tegen [gedaagde]), https://www.itenrecht.nl/artikelen/voorzieningenrechter-verbiedt-onrechtmatige-socialmediaberichten-en-legt-contactverbod-op

Rb. Gelderland 23 december 2025, IEF 23233; IT 5085; ECLI:NL:RBGEL:2025:11614 (de Stichting tegen [gedaagde]). In dit kort geding (verstek) vorderde Stichting Driegasthuizengroep (zorginstelling in de regio Arnhem) maatregelen tegen een familielid van bewoners, dat via diverse socialmediakanalen veelvuldig berichten, foto’s en video’s plaatste over vermeende misstanden in de ouderenzorg, waarbij hij (ook met naam/beeld) medewerkers en bestuurders van de Stichting en een zorglocatie betrok en derden opriep tot actie. De voorzieningenrechter past het klassieke afwegingskader toe bij de botsing tussen vrijheid van meningsuiting (art. 7 Gw en art. 10 EVRM) en het recht op bescherming van eer, goede naam en privacy (art. 10 Gw en art. 8 EVRM). Gelet op de aard en toon van de uitingen (ernstige beschuldigingen/verdachtmakingen, beledigingen, intimiderende en opruiende passages en het delen/vragen van persoonsgegevens), en de impact op betrokkenen en de zorgverlening, oordeelt de voorzieningenrechter dat de uitingen onrechtmatig zijn en dat de grenzen van art. 10 lid 2 EVRM ruimschoots zijn overschreden; het gaat niet om “gewone” kritiek of zorguitingen.

IT 5080

Verzoek om rectificatie en verklaring voor recht over gegevensverwerking afgewezen

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 31 dec 2025, IT 5080; ECLI:NL:GHARL:2025:8679 ([appellant1] tegen KPMG), https://www.itenrecht.nl/artikelen/verzoek-om-rectificatie-en-verklaring-voor-recht-over-gegevensverwerking-afgewezen

Hof Arnhem-Leeuwarden 31 december 2025, IT 5080; ECLI:NL:GHARL:2025:8679 ([appellant1] tegen KPMG). [appellant1] is ambtenaar geweest bij de gemeente [plaats1]. KPMG heeft in opdracht van die gemeente, onderzoek gedaan naar mogelijke onregelmatigheden in het handelen van [appellant1]. [appellant1] wil informatie ontvangen van KPMG over de rechtmatigheid van deze verwerking. Daarnaast wil [appellant1] rectificatie door KPMG van vijf persoonsgegevens in het onderzoeksrapport voor zover de verwerking van deze persoonsgegevens niet juist, actueel en rechtmatig is. Daarbij wil hij kennisgeving van deze rectificatie aan de ontvangers van het onderzoeksrapport. In hoger beroep wil [appellant1] ook een verklaring voor recht dat KPMG zijn strafrechtelijke persoonsgegevens onrechtmatig heeft verwerkt. De rechtbank heeft de verzoeken van [appellant1] afgewezen. [appellant1] wil dat deze beschikking vernietigd wordt en heeft zijn hoger beroep aangevuld. Zo verzoekt hij rectificatie van vijf persoonsgegevens uit het onderzoeksrapport, beantwoording van 49 vragen over de verwerking, een verklaring voor recht dat KPMG de strafrechtelijke persoonsgegevens onrechtmatig heeft verwerkt en een verplichting voor KPMG om bewijs te leveren over de juistheid en rechtmatigheid van de verwerkte gegevens.  

IT 5078

Artikel ingezonden door Michiel Odink, Leeway

Franchising and distribution team joins Leeway.

We’re very excited to welcome Tessa de Mönnink (partner) & Anna van Essen (counsel) to Leeway Advocaten as of 1 January 2026!

Tessa is widely regarded as one of the leading experts in distribution, franchising and commercial contracts, not only in the Netherlands but across Europe. She was recently named Best Franchise Service Provider in Europe by the European Franchise Federation.

Anna brings deep experience in distribution, franchise law and commercial contracts, combined with a strong background in IP and media law – a natural match with Leeway’s existing strengths. 

Tessa and Anna have worked together for many years, advising leading brands across sectors including retail, fashion, food & beverage, and healthcare.

Their arrival marks another exciting step in Leeway’s growth and strengthens our position as a leading and specialist firm for  ambitious, international brands.

Commenting on the move, founding partner Marga Verwoert said: “We are delighted that Tessa and Anna will be part of our continuing success story. Their commitment to really getting to know their clients’ businesses to provide highest quality advice in an easily digestible way, fits perfectly with Leeway’s client service ethos.”

Welcome, Tessa and Anna – great to have you on board!

IT 5076

Traag softwaresysteem, geen tekortkoming maar wel opzegging van servicecontracten

Rechtbank Zeeland-West-Brabant 29 okt 2025, IT 5076; ECLI:NL:RBZWB:2025:7993 (Agro IT tegen [b.v.]), https://www.itenrecht.nl/artikelen/traag-softwaresysteem-geen-tekortkoming-maar-wel-opzegging-van-servicecontracten

Rb. Zeeland-West-Brabant 29 oktober 2025, IT 5076; ECLI:NL:RBZWB:2025:7993 (Agro IT tegen [b.v.]). In dit vonnis staat een geschil centraal tussen Agro IT B.V. en Van Dal B.V. over de levering van softwarelicenties, consultancy en hardware. Agro IT vordert betaling van openstaande facturen; Van Dal stelt dat het geleverde softwaresysteem onaanvaardbaar traag was, dat Agro IT is tekortgeschoten en dat de overeenkomst daarom rechtsgeldig is ontbonden, met terugbetalingsverplichtingen tot gevolg. De kantonrechter oordeelt dat weliswaar vaststaat dat het nieuwe systeem trager werkte dan het eerdere systeem van Agro IT, maar dat Van Dal onvoldoende heeft onderbouwd dat deze traagheid het gevolg is van een gebrek in de door Agro IT geleverde prestatie. Nu geen tekortkoming is bewezen (art. 6:265 BW), is van een rechtsgeldige ontbinding geen sprake en worden de reconventionele vorderingen tot ontbinding en terugbetaling afgewezen. Van Dal moet het openstaande deel van de licentievergoeding (€ 6.000) voldoen, vermeerderd met rente en kosten.