IT 3977

HR Conclusie A-G: belang van verdediging betrokken standpunt prevaleert

3 jun 2022, IT 3977; ECLI:NL:PHR:2022:529 (Eiser tegen verweerder en Springfield), http://www.itenrecht.nl/artikelen/hr-conclusie-a-g-belang-van-verdediging-betrokken-standpunt-prevaleert

HR Conclusie A-G 3 juni 2022, IEF 20797, IT 3977; ECLI:PHR:2022:529 (Eiser tegen verweerder en Springfield) Eiser is een advocaat die onrechtmatige uitlatingen gedaan zou hebben over verweerder. Verweerder is eveneens advocaat. In deze zaak gaat het over de vraag of eiser onrechtmatig heeft gehandeld jegens verweerder. Ter beoordeling van deze vraag dient een afweging gemaakt te worden tussen enerzijds het belang van verweerder om verschoond te blijven van beschadigingen van zijn eer of goede naam en anderzijds het belang van eiser bij het in een procedure naar voren kunnen brengen van hetgeen men dienstig acht ter verdediging van het betrokken standpunt. Bij deze beoordeling dient er groot gewicht toe te komen aan de vrijheid van advocaten en hun partijen. Advocaten moeten in staat zijn om hun eigen belang en dat van hun cliënten te dienen. Aan deze vrijheid zitten echter wel grenzen. Het hof oordeelde in deze zaak dat het belang van verweerder zwaarder weegt dan het belang van eiser. Het hof wees de vordering van verweerder tot rectificatie van door eiser gedane uitlatingen toe. Eiser stelt cassatie in tegen deze uitspraak van het hof. A-G Snijders meent dat het cassatieberoep gegrond is onder meer omdat het niet gaat om of de inschattingen van de bijdrage die de uitlatingen zouden kunnen hebben in deze zaak, juist waren. Het gaat er enkel om of eiser heeft kunnen en mogen menen dat het belang van zijn cliënten werd gediend. A-G Snijders roept op tot vernietiging van het arrest van het hof.

IT 3976

Kom naar het IE-zomerfeest op 30 juni!

Get dressed and get ready: op 30 juni barst het IE-zomerfeest los in Hotel Arena Amsterdam. Na een walking dinner, begeleid door unieke sprekers dansen we de nacht in met zinderende sets van IE-deejays Thijs van Aerde, Bianca Sophia Bauer, Daniël Haije, Gino van Roeyen, Wolter Wefers Bettink en Kitty Wessel. Laat kantoorperikelen achter en zie elkaar eens van een andere kant! Wie de sprekers zijn? Dat maken we volgende week bekend!

Ook aansluiten? Schrijf je in via info@delex.nl of via deze link.

IT 3975

Uitlatingen over medewerkers ING vinden onvoldoende steun in feiten

Gerechtshof Amsterdam 10 mei 2022, IT 3975; ECLI:NL:GHAMS:2022:1414 (Vrouwe Justitia in Verval tegen ING en Rox Legal), http://www.itenrecht.nl/artikelen/uitlatingen-over-medewerkers-ing-vinden-onvoldoende-steun-in-feiten

Vzr. Hof Amsterdam 10 mei 2022, IEF 20793, IT 3975; ECLI:NL:GHAMS:2022:1414 (Vrouwe Justitia in Verval tegen ING en Rox Legal) Vrouwe Justitia in Verval heeft op haar website een aantal uitlatingen gedaan over medewerkers van ING, een advocaat en een drietal notarissen. De te beoordelen vraag is of deze uitlatingen onrechtmatig zijn en moeten worden verwijderd. De voorzitter van Vrouwe Justitia in Verval heeft al jarenlang een conflict met ING, waarover vele juridische procedures zijn gevoerd. De voorzitter is in bijna alle procedures in het ongelijk gesteld. Zij is het daar niet mee eens en noemt op haar website de bankmedewerkers, advocaat en notarissen ‘misdrijfplegers’, ‘bedriegers’ en ‘machtsmisbruikers’ en beschuldigt hen van ‘intimidatie’ en ‘corruptie’. De voorzieningenrechter in eerste aanleg heeft geoordeeld dat bepaalde uitlatingen op de website onrechtmatig zijn jegens de betrokkenen en dat Vrouwe Justitia in Verval die uitingen en foto’s moet verwijderen op straffe van verbeurte van een dwangsom. De bedoelde uitlatingen vinden volgens de voorzieningenrechter onvoldoende steun in de feiten. Het hof bekrachtigt de uitspraak van de rechtbank en benadrukt dat de vrijheid van meningsuiting wordt beperkt bij uitingen die onnodig grievend of onrechtmatig zijn. 

IT 3973

Ondanks vermoeden fraude, doorhaling BKR-registratie

Rechtbank Amsterdam 20 apr 2022, IT 3973; ECLI:NL:RBAMS:2022:2345 (Eiser tegen Rabobank), http://www.itenrecht.nl/artikelen/ondanks-vermoeden-fraude-doorhaling-bkr-registratie

Vzr. Rb. Amsterdam 20 april 2022, IT 3973; ECLI:NL:RBAMS:2022:2345 (Eiser tegen Rabobank) Eiser heeft in 2005 een eenmanszaak opgericht in de groothandel van parfums en cosmetica. De Rabobank heeft daarbij een zakelijk krediet verleend aan eiser. De eenmanszaak is vervolgens failliet verklaard tien jaar na oprichting, waarna eiser in het WSNP-traject kwam, dat hij vervolgens met succes heeft voltooid. Het faillissement had tevens tot gevolg, dat eiser werd geregistreerd binnen het CKI van het BKR. Eiser vordert nu een aantal jaar na faillissement van de eenmanszaak doorhaling van de BKR-registratie. De rechter is het eens met eiser. Dat de eerdere registratie het gevolg was van een zakelijke transactie en dat eiser heeft aangetoond in de afgelopen jaren goed met geld om te kunnen gaan, lagen als primaire argumenten hieraan ten grondslag. Een louter vermoeden van fraude ten tijde van het WSNP-traject is volgens de rechter onvoldoende om te stellen dat dit anders is in het onderhavige geval.

IT 3972

Beslissing sjoemelsoftware-zaak aangehouden

Rechtbank Midden-Nederland 6 apr 2022, IT 3972; ECLI:NL:RBMNE:2022:1274 (Volkswagen tegen Volkswagen Aktiengesellschaft), http://www.itenrecht.nl/artikelen/beslissing-sjoemelsoftware-zaak-aangehouden

Rb. Midden-Nederland 6 april 2022, IT 3972; ECLI:NL:RBMNE:2022:1274 (Volkswagen tegen Volkswagen Aktiengesellschaft) Naast deze zaak over sjoemelsoftware zijn er tevens andere zaken aanhangig wat betreft deze kwestie, zie [IT 3696]. In het vervolg hierop is het een individuele benadeelde, die wordt vertegenwoordigd door een stichting, die poogt een schadevergoeding te verkrijgen van Volkswagen. De kantonrechter besluit hierom dat de huidige zaak wordt aangehouden tot er duidelijkheid is omtrent de vraag of de DEJ-procedure bij de rechtbank Amsterdam onder het toepassingsbereik van de WAMCA valt. Het is immers onduidelijk of de positie van de stichting en of de individuele benadeelde waarvoor zij opkomt wordt aangetast hierdoor.

IT 3971

Spoedeisend belang wegens stroom van klachten over website

Rechtbank Den Haag 16 mei 2022, IT 3971; ECLI:NL:RBDHA:2022:5503 (KvK tegen de B.V.), http://www.itenrecht.nl/artikelen/spoedeisend-belang-wegens-stroom-van-klachten-over-website

Vzr. Rb. Den Haag 16 mei 2022, IEF 20787, IT 3971; ECLI:NL:RBDHA:2022:5503 (KVK tegen de B.V.) De B.V. suggereert op het internet dat zij vergelijkbare diensten aanbiedt als de Kamer van Koophandel omtrent het inschrijven binnen de registers van het KVK en het voorzien van uittreksels van het handelsregister. De Kamer van Koophandel vordert van de B.V.  dat haar websites offline worden gezet en de domeinnamen van deze websites op naam van het KVK worden gesteld, en het stoppen van het gebruik van het woordmerk KVK in de advertenties van de B.V. Aldus de rechtbank heeft de KVK in dit geval spoedeisend belang bij behandeling van dit geschil, gezien er een grote hoeveelheid klachten over de dienstverlening van de B.V. bij haar binnenkomt. Vervolgens oordeelt de rechter dat het daarnaast aannemelijk is, dat de KVK schade leidt door de kwaliteit van de diensten van de B.V. Hierdoor worden de eerder besproken vorderingen van de KVK toegewezen.

IT 3970

Vordering tot verschaffen inloggegevens toegewezen

Rechtbank Overijssel 18 mei 2022, IT 3970; ECLI:NL:RBOVE:2022:1530 (VOF Ordermate-BRAMR tegen B), http://www.itenrecht.nl/artikelen/vordering-tot-verschaffen-inloggegevens-toegewezen

Vzr. Rb. Overijssel 18 mei 2022, IEF 20786, IT 3970; ECLI:NL:RBOVE:2022:1530 (VOF Ordermate-BRAMR tegen B) Kort geding. A en B waren beiden vennoten van de VOF ORDERMATE-BRAMR, waarna B zich heeft uitgeschreven in het handelsregister per april 2022. Hierdoor blijft A als enige vennoot over. De VOF bevindt zich hierna in liquidatie, waarbij er nog een aantal baten aanwezig zijn die moeten worden verdeeld. Alhoewel er volgens de kortgedingrechter geen sprake is van auteursrechten op de software die aan de VOF of A toekomen, worden de vorderingen op grond van het auteursrecht afgewezen. De vordering inhoudende het verstrekken van de inloggegevens van de website en e-mailaccounts om te beschikken over de software, wordt wel toegewezen. De vorderingen in reconventie worden afgewezen.

IT 3969

Conservatoir beslag op cryptovaluta toegewezen

Rechtbank Rotterdam 29 dec 2017, IT 3969; ECLI:NL:RBROT:2017:10955 (Holix tegen Verweerders), http://www.itenrecht.nl/artikelen/conservatoir-beslag-op-cryptovaluta-toegewezen

Rb. Rotterdam 29 december 2017, IT 3969; ECLI:NL:RBROT:2017:10955 (Holix tegen Verweerders) Beschikking. Ook rechtbank Rotterdam staat conservatoir beslag op Bitcoins en andere cryptocurrency toe. Hierbij wordt ook het meenemen van computers en eventuele gegevensdragers onder gerechtelijke bewaring toegestaan. Ten aanzien van het verschaffen van toegang tot de computer en de public/private-key combinatie wordt een dwangsom opgelegd.

IT 3968

Hof oordeelt dat website toch niet aansprakelijk is voor plaatsen recensie

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 14 jun 2022, IT 3968; ECLI:NL:GHARL:2022:4856 (ZorgkaartNederland tegen Geïntimeerde), http://www.itenrecht.nl/artikelen/hof-oordeelt-dat-website-toch-niet-aansprakelijk-is-voor-plaatsen-recensie

Hof Arnhem-Leeuwarden 14 juni 2022, IEF 20784, IT 3968, LS&R 2077; ECLI:NL:GHARL:2022:4856 (ZorgkaartNederland tegen Geïntimeerde) Zie [IT 2913]. ZorgkaartNederland heeft een website waarop gebruikers recensies kunnen achterlaten over medische behandelaars, waaronder over geïntimeerde. Geïntimeerde is een medisch specialist die een waardering heeft ontvangen op de website van ZorgkaartNederland, waarna geïntimeerde heeft verzocht deze waardering te laten verwijderen. De rechtbank oordeelde in eerste aanleg dat ZorgkaartNederland onrechtmatig heeft gehandeld jegens geïntimeerde door het plaatsen en het geplaatst houden van de waardering, waardoor ZorgkaartNederland de schade die geïntimeerde heeft geleden moest vergoeden. Het hof oordeelt daarentegen dat ZorgkaartNederland niet aansprakelijk is voor het plaatsen van de waardering zelf, maar louter voor het geplaatst houden ervan. Overige vorderingen betreffende het verstrekken van de gegevens van de inzender worden afgewezen.

IT 3965

Conclusie A-G in zaak optische diskdrives

HvJ EU 3 jun 2022, IT 3965; ECLI:EU:C:2021:452 (Sony en Toshiba c.s. tegen Europese Commissie), http://www.itenrecht.nl/artikelen/conclusie-a-g-in-zaak-optische-diskdrives

HvJ EU Conclusie A-G 3 juni 2021, IT 3965, IEFbe 3467; ECLI:EU:C:2021:452 (Sony en Toshiba c.s. tegen Europese Commissie) Deze conclusie behelst een viertal hogere voorzieningen ingesteld door leveranciers van optische diskdrives. In het bijzonder wordt ingegaan op twee onderwerpen die in elk van deze zaken voortkomen. Ten eerste wordt de formulering behandeld die wordt gebruikt om naast de enkele voortdurende inbreuk, ook meerdere afzonderlijke inbreuken die tezamen als één enkele voortdurende inbreuk kwalificeren, te motiveren in het kader van art. 101 VWEU. Hierbij geeft de Commissie rekwirantes geen andere motivering, dan die motivering die ook is gebruikt om aan te tonen dat er sprake is van één enkele voortdurende inbreuk. Ten tweede wordt er ook nader ingegaan op de berekening van een sanctie wanneer er sprake is van verkoop binnen het kartel of winstdeling.

IT 3967

Website is niet in strijd met aandeelhoudersovereenkomst

Rechtbank Rotterdam 25 mrt 2022, IT 3967; ECLI:NL:RBROT:2022:3869 (Eisers tegen gedaagden), http://www.itenrecht.nl/artikelen/website-is-niet-in-strijd-met-aandeelhoudersovereenkomst

Vzr. Rb. Rotterdam 25 maart 2022, IT 3967; ECLI:NL:RBROT:2022:3869 (Eisers tegen gedaagden) Eisers komen als werkmaatschappij en aandeelhouders op voor de website waarmee zij echtscheidingscliënten werven en koppelen aan plaatselijke bemiddelaars of mediators. Eisers vorderen onder andere dat gedaagden een schadevergoeding betalen en hun concurrerende website uit de lucht halen, waarbij de grondslag is gelegen in de aandeelhoudersovereenkomst waarbij gedaagden (oud-aandeelhouders) eerder partij waren. De voorzieningenrechter oordeelt dat het niet aannemelijk is dat gedaagden met hun website in strijd handelen met de overeenkomst. Ook heeft de rechter problemen met de vraag waar de geleden schade exact uit zou bestaan, waardoor de rechter tot het oordeel komt om de vorderingen af te wijzen.

IT 3966

Onbevoegde vertegenwoordiging, geen overeenkomst tot stand gekomen

Rechtbank Midden-Nederland 9 mrt 2022, IT 3966; ECLI:NL:RBMNE:2022:1253 (MSG tegen gedaagden), http://www.itenrecht.nl/artikelen/onbevoegde-vertegenwoordiging-geen-overeenkomst-tot-stand-gekomen

Rb. Midden-Nederland 9 maart 2022, IT 3966; ECLI:NL:RBMNE:2022:1253 (MSG tegen gedaagden) MSG is een softwareontwikkelaar die zich tevens richt op het verrichten van consultancydiensten binnen de IT-sector. Gedaagde 1 is een projectvennootschap dat een internationaal pensioenplatform realiseert. EBCC was al reeds met MSG en zijn softwareleverancier in gesprek, gezien dit gehele project ten behoeve van haar is opgezet. MSG vordert in deze zaak vervolgens ontbindingsschade van gedaagde 1 en diens bestuurders. Deze vordering wordt afgewezen. Gedaagde 1 is niet rechtsgeldig vertegenwoordigd ten tijde van het sluiten van de overeenkomst, waardoor er geen overeenkomst tussen hen en MSG tot stand is gekomen.

IT 3964

Tv-programma Pointer deed onrechtmatige uitlating over klimaatstichting

Rechtbank Midden-Nederland 7 jun 2022, IT 3964; ECLI:NL:RBMNE:2022:2136 (Clintel tegen KRO-NCRV), http://www.itenrecht.nl/artikelen/tv-programma-pointer-deed-onrechtmatige-uitlating-over-klimaatstichting

Vzr. Rechtbank Midden-Nederland 7 juni 2022, IEF 20781, IT 3964; ECLI:NL:RBMNE:2022:2136  (Clintel tegen KRO-NCRV) Kort geding. Onrechtmatige uitlating in het televisieprogramma Pointer (van KRO-NCRV) en het door Pointer op haar website gepubliceerde artikel. De uitlating dat Clintel, een stichting die bericht over klimaatverandering en klimaatbeleid, wordt gefinancierd door de olie-industrie, vindt onvoldoende steun in het beschikbare feitenmateriaal. Daarnaast is het standpunt van Clintel over deze uitlating ten onrechte niet in het programma weergegeven. De uitlating is daarom onrechtmatig. De overige zeven uitlatingen zijn niet onrechtmatig. De gevorderde rectificatie kan vanwege de wijze waarop deze is gevorderd, niet worden toegewezen.
Lees meer over deze uitspraak in de databank JUROU.

IT 3963

Boek mag antisemitisch worden genoemd

11 mei 2022, IT 3963; ECLI:NL:RBNNE:2022:1716 (Eiser tegen gedaagde), http://www.itenrecht.nl/artikelen/boek-mag-antisemitisch-worden-genoemd

Rechtbank Noord-Nederland 11 mei 2022, IEF 20780, IT 3963; ECLI:NL:RBNNE:2022:1716 (Eiser tegen gedaagde) Eiser is een (amateur)historicus en mede-auteur van het boek ‘Hitlers Diamanten’. Gedaagde is onderzoeksjournalist en noemt het boek op een opinie website antisemitisch. Er is geen sprake van een onrechtmatige publicatie; In dit geval weegt het recht op vrijheid van meningsuiting zwaarder dan het recht van op eerbiediging van eer en goede naam. Ook zijn de uitlatingen dat gedaagde het boek alleen heeft geschreven en complotwaanzinnig, niet onrechtmatig. Om die reden wordt de vordering van eiser waarin hij wil dat gedaagde zich onthoudt van smadelijke en lasterlijke uitlatingen, een rectificatie plaatst en een schadevergoeding betaalt, afgewezen.

IT 3962

Onenigheid over overeenkomst tot het ontwikkelen van app

Rechtbank Limburg 10 mei 2022, IT 3962; ECLI:NL:RBLIM:2022:3795 (Kembit tegen EDR), http://www.itenrecht.nl/artikelen/onenigheid-over-overeenkomst-tot-het-ontwikkelen-van-app

Rb. Limburg 11 mei 2022, IT 3962; ECLI:NL:RBLIM:2022:3795 (Kembit tegen EDR) EDR is een onderneming die zich bezighoudt met facturatie en andere financiële processen. Zij heeft in 2019 een plan opgesteld om een applicatie te laten ontwikkelen, wat door Kembit gedaan zou worden. Naar aanleiding van de gesloten overeenkomst is er onenigheid gekomen over het te betalen bedrag na het programmeren van de applicatie. Dit betreft een vraag naar de uitleg van de overeenkomst tussen partijen. De overeenkomst tot het ontwikkelen van software heeft in dit geval niet alleen betrekking op de vastlegging van de eisen waaraan de software moet voldoen (de requirements), maar ook al op de voorbereidende werkzaamheden die kunnen worden verricht zonder over de requirements te beschikken. Aan voorbereidende werkzaamheden bestede uren moeten in beginsel worden betaald. Wel moet rekening worden gehouden met naderhand gemaakte afspraken over de creditering van bepaalde uren. Uiteindelijk wordt het gevorderde ten dele toegewezen, waarbij de nadruk ligt op de correspondentie tussen partijen om het te betalen bedrag te bepalen. 

IT 3961

Geen provisie na beëindiging agentuurovereenkomst

Rechtbank Amsterdam 20 mei 2022, IT 3961; ECLI:NL:RBAMS:2022:2703 (Eiser tegen Edsson Software), http://www.itenrecht.nl/artikelen/geen-provisie-na-be-indiging-agentuurovereenkomst

Vzr. Rb. Amsterdam 20 mei 2022, IT 3961; ECLI:NL:RBAMS:2022:2703 (Eiser tegen Edsson Software) Tussen eiser en Edsson Software is er een agentuurovereenkomst gesloten, waarbij eiser tot medio 2014 sales director en aandeelhouder was bij Edsson Software. Binnen deze overeenkomst was er een provisie afgesproken voor eiser op basis van een bepaald percentage van de aan klanten gefactureerde omzet. Na het opzeggen van de overeenkomst door Edsson Software, staat de vraag centraal of eiser ook na het opzeggen van deze overeenkomst recht houdt op de provisie. De kortgedingrechter weigert de gevraagde voorziening van eiser. Noch uit de wet, noch uit de overeenkomst blijkt enige grond waaruit de vorderingen van eiser zouden moeten worden toegewezen.

IT 3960

Afweging persoonlijke levenssfeer en noodzaak volledig krantenarchief

Rechtbank Amsterdam 28 apr 2022, IT 3960; ECLI:NL:RBAMS:2022:2342 (Eiseres tegen gedaagde), http://www.itenrecht.nl/artikelen/afweging-persoonlijke-levenssfeer-en-noodzaak-volledig-krantenarchief

Rb. Amsterdam 28 april 2022, IT 3960; ECLI:NL:RBAMS:2022:2342 (Eiseres tegen gedaagde) Gedaagde is een uitgever van drie nieuwsmedia. Op 4 juni 2014 heeft hij op haar websites het politiebericht omtrent de vermissing van eiseres laten plaatsen. Eiseres heeft vervolgens op grond van art. 17 AVG aan gedaagde verzocht om de vermelding van haar persoonsgegevens te verwijderen. De Amsterdamse rechter concludeert dat er een afweging moet worden gemaakt tussen eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer van eiseres en de noodzaak van een volledig en betrouwbaar archief van een krant. Door gedeeltelijke toewijzing van de subsidiaire vordering wordt toegekomen aan beide belangen van partijen.

IT 3959

Inhoudsopgave Computerrecht

Inhoudsopgave van Computerrecht 3-2022.

EDITORIAL
89 Privémail gebruiken voor het werk? Een absolute ‘no go’ / p. 167 / A. Drahmann

ARTIKELEN
90 ESG-aspecten in Outsourcing en Offshoring / p. 168
Er komt steeds meer regelgeving op het gebied van ESG (Environmental, Social and Governance), zowel normen als rapportageverplichtingen. Hoewel deze regels veelal zien op grote ondernemingen en financiële instellingen zien zij ook op de leveringsketen en daarmee de partijen in die keten. De huidige methodiek om ESG-doelstellingen in de leveringsketen zeker te stellen is nog vaak ontoereikend. In dit artikel pleiten de auteurs voor verdere ontwikkeling van breed gedragen objectieve normen die gecertificeerd kunnen worden en het gebruik van andere gereedschappen zoals audits waar die objectieve normen er nog niet zijn / F.A. van de Ven & B.L.P. van Reeken

IT 3958

Verwerking persoonsgegevens door basisschool rechtmatig

Gerechtshof ’s-Hertogenbosch 12 mei 2022, IT 3958; ECLI:NL:GHSHE:2022:1511 (Appellant tegen stichting), http://www.itenrecht.nl/artikelen/verwerking-persoonsgegevens-door-basisschool-rechtmatig

Hof 's-Hertogenbosch 12 mei 2022, IT 3958; ECLI:NL:GHSHE:2022:1511 (Ouders tegen stichting) Zie ook [IT 3711]. In november 2020 ontstaat er een conflict tussen basisschool 1 en appellant (ouders van een minderjarig kind). Appellant heeft ervoor gekozen om vervolgens haar minderjarige kind bij basisschool 2 in te schrijven. Basisschool 1 heeft een rapportage geschreven over de minderjarige en laten zien aan basisschool 2. Op grond van deze rapportage heeft basisschool 2 afgezien van de inschrijving van minderjarige. Appellant  heeft vervolgens verzocht bij basisschool 1 om de gegevens van minderjarige te verwijderen. Dit is door basisschool 1 geweigerd. De rechtbank heeft in eerste aanleg de vorderingen van appellant afgewezen, waarna deze in hoger beroep opkomt tegen dit vonnis. Primair stelt het hof dat de verwerking van de persoonsgegevens rechtmatig is geschied, gezien deze verwerking noodzakelijk is om te voldoen aan de wettelijke verplichting van basisschool 1 (stichting). Ook het beroep van appellant dat de inhoud van de rapportage onjuist zou zijn bood geen soelaas en wordt tevens verworpen door het hof.

IT 3957

Vacature: gevorderd advocaat-stagiair(e) / beginnend medewerker IT & Privacy bij SOLV

, IT 3957; http://www.itenrecht.nl/artikelen/vacature-gevorderd-advocaat-stagiair-e-beginnend-medewerker-it-privacy-bij-solv

Voor onze IT & Privacy praktijk zijn we op zoek naar een gevorderd advocaat-stagiair(e) of beginnend medewerker. De advocaten in ons team waren al privacyspecialisten lang voordat de AVG in werking trad. Vanuit onze decennialange ervaring zijn wij in staat om creatief en pragmatisch te adviseren over de meest complexe vragen van gegevensbeschermingsrecht, waaronder over AI, gegevensverwerking in de zorg, profilering en internationale doorgifte.
Ben jij helemaal thuis in de AVG? Heb je affiniteit met technologie en een voorliefde voor IT-contracten? Vind je het een mooie uitdaging om geen platgetreden paden te bewandelen, maar juist nieuwe paden te banen samen met cliënten als SAP, Hearst, Avaya, Zorgdomein en Holland Casino? Solliciteer dan voor een plek in ons gerenommeerde IT & Privacy team.